Belgische banken zoals BNP Paribas, ING, KBC en Argenta blijven nog steeds miljoenen investeren in bedrijven die gelinkt worden aan de Israëlische bezetting en genocidaal geweld in Gaza. Dat blijkt uit het jaarlijkse rapport van 11.11.11, Fairfin en tientallen andere ngo's dat die financiële relaties blootlegt. De coalitie roept op tot desinvestering en nationale wetgeving die dergelijke investeringen verbiedt.
Van Palantir tot Caterpillar: Belgische banken blijven miljoenen investeren in bedrijven gelinkt aan Israëlische bezetting en geweld in Gaza
In het kort:
Belgische banken zoals BNP Paribas, ING, KBC en Argenta investeren nog steeds miljoenen in bedrijven die gelinkt worden aan de Israëlische bezetting en het geweld in Gaza, volgens een rapport van 11.11.11, Fairfin en andere ngo's.
Het gaat onder meer om investeringen in techbedrijven zoals Palantir en Motorola en wapenbedrijven zoals Elbit.
De NGO's roepen op om het geld terug te trekken en om de wetgeving te verstrengen
Banken reageren dat ze hun mensenrechtenbeleid naleven en betwisten de methodologie van het rapport; Argenta benadrukt dat het al investeringen stopzette op basis van ethische criteria.
"Israëls decennialange bezetting en genocide op het Palestijnse volk zouden niet mogelijk zijn geweest zonder de onwankelbare steun van een uitgebreid netwerk van private en publieke actoren", schrijft Speciaal VN-Rapporteur Francesca Albanese in het voorwoord van het vijfde rapport van Don't Buy Into Occupation.
Sinds 2021 onderzoekt het internationale DBIO-collectief van 11.11.11, Fairfin en tientallen andere ngo's jaarlijks de financiële relaties tussen Europese financiële instellingen en bedrijven die actief zijn in Israëlische nederzettingen in Palestijns gebied.
Palentir: software die doelen kiest
Een opvallende nieuwe financiële relatie die bij meerdere Belgische banken opduikt, is die met Palantir Technologies Inc., een Amerikaans databedrijf dat onder meer software ontwikkelt waarmee automatisch militaire doelen geïdentificeerd kunnen worden zonder menselijke tussenkomst.
Het nieuws over het gebruik van die technologie leidde afgelopen jaar tot veel kritiek. Zo ontstond er eind april in Washington opschudding toen een activiste tijdens een podiumgesprek met Palantir-ceo Alex Karp zijn boekpresentatie onderbrak. "De AI van Palantir doodt Palestijnen", klonk het toen door de zaal. "Vooral terroristen, dat is waar", reageerde Karp.
Het is niet duidelijk in welke mate technologie van Palantir in Gaza precies toegepast werd. Duidelijk is wel dat Palantir sinds de start van het geweld in Gaza een strategische partner is van het Israëlische leger. Verschillende mensenrechtenorganisaties wijzen op die banden, zo ook de Speciaal VN-rapporteur in haar rapport "From Economy of Occupation to Economy of Genocide" dat in juli gepubliceerd werd.
Desondanks hebben Belgische banken fors geïnvesteerd in Palantir, zo stelt het DBIO-rapport nu vast. DBIO identificeerde bij BNP Paribas voor 490 miljoen dollar aan aandelen en obligaties, bij ING voor 123 miljoen dollar, bij KBC voor 62 miljoen dollar en bij Argenta 30 miljoen dollar aan aandelen en obligaties.
Hoe gaat Don’t Buy Into Occupation te werk?
De coalitie werkt jaarlijks volgens een tweestapsmethode om de financiële banden tussen Europese instellingen en bedrijven actief in de Israëlische nederzettingenindustrie in kaart te brengen. Eerst stellen ze een lijst samen van betrokken bedrijven, gebaseerd op een databank van de Verenigde Naties en eigen aanvullingen volgens VN-criteria. Die lijst bestaat dit jaar uit 104 bedrijven.
Vervolgens voert het onafhankelijke Nederlandse onderzoeksbureau Profundo een financiële analyse uit die nagaat welke leningen, beleggingen en andere financiering Europese banken en fondsen onderhouden met die bedrijven. Daarvoor maakt Profundo gebruik van gezaghebbende databanken zoals Refinitiv en Bloomberg. Dergelijke databanken voeren voortdurend strenge kwaliteitscontroles uit om hun gegevens up-to-date te houden.
Elbit, Motorola en Caterpillar
Ook financiële relaties met andere techgiganten, zoals Motorola, duiken (opnieuw) op. Het bedrijf staat al jaren vermeld in de VN-databank omdat het technologie, apparatuur en onderdelen levert die worden ingezet voor de surveillance van Palestijnse gemeenschappen.
Don't Buy Into Occupation (DBIO) identificeerde bij BNP Paribas voor 131 miljoen dollar aan aandelen en obligaties in Motorola (een daling tegenover 290 miljoen in het vorige rapport), bij ING voor 56 miljoen dollar en bij KBC voor 29 miljoen dollar, een stijging ten opzichte van de 20 miljoen in het vorige rapport.
Zowel KBC, BNP Paribas als ING blijven voor miljoenen dollars financiële relaties onderhouden met het Amerikaanse bouwmachinemerk Caterpillar, producent van onder meer bulldozers die worden ingezet bij de sloop van Palestijnse infrastructuur op de Westelijke Jordaanoever en in Gaza. BNP Paribas houdt voor 275 miljoen dollar aan aandelen en obligaties aan (een stijging tegenover 236 miljoen vorig jaar), KBC voor 61 miljoen dollar (37 miljoen in het vorige rapport) en ING voor 28 miljoen dollar.
KBC Asset Management heeft voor de eerste keer ook aandelen in Elbit Systems gekocht. Elbit Systems is een Israëlisch defensiebedrijf én een van de belangrijkste wapenleveranciers van het Israëlisch leger. Het gaat om obligaties en aandelen ter waarde van 1 miljoen dollar, meldt het rapport.
Internationaal recht
De methodologische scope van het recentste rapport is breder dan voorheen: de lijst met geïdentificeerde bedrijven is aanzienlijk uitgebreid (van 62 naar 104). "Waar eerdere rapporten vooral de financiële relaties onderzochten van bedrijven die actief zijn in de nederzettingenpolitiek, kijkt dit rapport naar alle soorten activiteiten die bijdragen aan het in stand houden van de Israëlische bezetting en de genocide in Gaza", legt Willem Staes uit, beleidsexpert bij 11.11.11.
Onze boodschap is ondubbelzinnig: voer uit wat het Internationaal Gerechtshof voorgeschreven heeft
Willem Staes, beleidsexpert 11.11.11
Staes verwijst daarmee zowel naar de gezaghebbende uitspraak van het Internationaal Gerechtshof in juli 2024, waarin het ICJ vaststelde dat de Israëlische bezetting illegaal is en dat elke vorm van handel of investering die deze bezetting in stand houdt dus eveneens onrechtmatig is, als naar het rapport van de VN-onderzoekscommissie in september, die spreekt van genocide. "In diezelfde bewoordingen, in lijn met de resoluties van de VN-Mensenrechtenraad, het ICJ en het ICC, is onze lijst opgesteld."
"Desinvesteren is mogelijk"
Het rapport benadrukt dat de investeringen die genoemd worden betrekking hebben op de totale financiële relatie tussen bank en bedrijf. Aangezien de bedrijven ook buiten bezet Palestijns gebied actief zijn, benadrukt de DBIO-coalitie dat het niet beweert dat al de kapitaalstromen uitsluitend naar activiteiten in de bezette Palestijnse gebieden gaan.
Maar investeringen ondersteunen de bedrijven in hun geheel, waardoor investeerders bijgevolg verbonden zijn met alle activiteiten, klinkt het bij 11.11.11. De algemene oproep vanuit de coalitie is dan ook desinvesteren.
“Het is mogelijk én druk werkt”, klinkt het. Hij verwijst daarbij naar het Nederlandse pensioenfonds ABP, dat de afgelopen maanden zijn belangen in Caterpillar, Booking, Motorola en andere bedrijven heeft verkocht wegens hun betrokkenheid bij de bezetting en het geweld. In Noorwegen besloot het Noorse Staatsinvesteringsfonds om meer dan twee miljard euro terug te trekken uit Caterpillar.
Ook in België desinvesteringen
Ook in België is er het voorbije jaar op kleinere schaal al gedesinvesteerd. In mei 2025 raakte bekend dat Degroof Petercam en Triodos Caterpillar op een zwarte lijst voor nieuwe investeringen hebben geplaatst. Na overleg met 11.11.11 en FairFin, en op basis van een eigen analyse, besloot ook Argenta haar investeringen in Motorola (9 miljoen dollar), Volvo (14 miljoen dollar) en Heidelberg Materials (4 miljoen dollar) stop te zetten.
"Het toont dat banken wel degelijk keuzes kunnen maken die mensenrechten respecteren", zegt Staes. "Dit zijn bemoedigende stappen in de juiste richting, maar banken moeten nu ook doorpakken en andere problematische investeringen stopzetten."
"Het net sluit zich"
"Er beweegt veel en internationaal sluit het net zich steeds meer rond dit soort financiële relaties", gaat hij verder. Dat andere banken, zoals BNP Paribas en KBC, integendeel in bepaalde dossiers hun betrokkenheid vergroten, toont volgens Staes dat ze "achteroplopen en ingaan tegen de internationale trend."
Dit kan - mag - geen business as usual meer zijn
Willem Staes, beleidsexpert 11.11.11
"Banken nemen al jaren de mensenrechtenschendingen in Palestina niet ernstig. Dat zelfs een genocide, én een VN-onderzoekscommissie die dat vaststelt, nog niet genoeg zijn om dat gedrag te veranderen, is onaanvaardbaar.”
Aanbevelingen voor de overheid
Het rapport doet ook aanbevelingen voor politieke actoren. "Het belangrijkste is dat er op nationaal niveau wetgeving komt die Belgische banken verbiedt te investeren in bedrijven met activiteiten die bijdragen aan het in stand houden van de bezetting. Dat is simpelweg de concrete uitvoering van wat het internationaal recht voorschrijft", legt Staes uit.
DBIO verwijst daarbij opnieuw naar het advies van het Internationaal Gerechtshof, dat stelt dat derde staten de juridische verplichting hebben om alle vormen van handel en investeringen die de bezetting ondersteunen te verbieden. “Onze boodschap aan de Belgische politiek is, net als aan de Belgische banken, ondubbelzinnig: voer eindelijk uit wat het Internationaal Gerechtshof heeft voorgeschreven. De roadmap ligt er. Dit kan - mag - geen business as usual meer zijn."
Reacties Belgische banken
Onze redactie heeft de bovengenoemde banken de conclusies uit het DBIO-rapport voorgelegd en ontving onderstaande reacties:
BNP Paribas reageert dat het "op geen enkele manier betrokken bij de situatie of activiteiten in de bezette gebieden". "De bank betwist krachtig de in dit rapport toegepaste methodologie en weerlegt elke beschuldiging die zou proberen een verband te leggen tussen haar activiteiten en de situatie in de bezette gebieden. In al haar activiteiten waakt BNP Paribas nauwgezet over de naleving van mensenrechten evenals de wetten, regels en conventies die daarop van toepassing zijn."
KBC laat weten dat het "de nationale en lokale regelgeving naleeft van elk land waar de groep actief is", maar geen verdere informatie kan geven over "individuele klantrelaties" omwille van "wettelijke discretieplicht". "Wel hebben we opgemerkt dat sommige van de vernoemde bedrijven zogenaamde passieve beleggingen zijn die enkel zijn opgenomen in indexfondsen die KBC aanbiedt, waarvan de portefeuilles per definitie statisch zijn. KBC bepaalt niet welke bedrijven er in zulke index opgenomen wordt."
ING zegt "uitgebreide maatregelen te nemen om te controleren of onze financiering niet bijdraagt aan nederzettingenpraktijken in de Palestijnse gebieden of aan militaire operaties in Gaza". "Daarvoor gebruiken we de database van de VN-Mensenrechtenraad, waarin bedrijven worden vermeld die betrokken zijn bij bepaalde activiteiten in Israëlische nederzettingen. We hebben geen enkele aanwijzing gevonden dat ING activiteiten financiert die deze handelingen ondersteunen", klinkt het in een schriftelijke reactie.
Argenta reageert dat het zijn verantwoordelijkheid neemt door ethisch, duurzaam en transparant te investeren en daarvoor naar eigen zeggen "strikte, objectieve criteria gebruikt om te bepalen welke bedrijven of landen uitgesloten worden". Naar aanleiding van het DBIO-rapport verkochten de fondsbeheerders in het verleden al verschillende posities, waarbij mogelijke betrokkenheid in bezette gebieden één van de factoren was in het besluit, laat de bank weten.


