België en Nederland bundelen de krachten in de strijd tegen georganiseerde drugscriminaliteit in de havens. "Samen zijn we sterker", zegt afdelingsprocureur Bart Van den Branden van het parket Oost-Vlaanderen.
Belgische en Nederlandse justitie werken samen tegen havencriminaliteit: "Criminelen trekken zich niks aan van een staatsgrens, wij wel"
Op 13 en 14 november kwamen Belgische en Nederlandse parketten samen voor een tweedaagse conferentie over havengerelateerde criminaliteit. Aan Belgische zijde waren, naast Oost-Vlaanderen, ook de parketten van Antwerpen en West-Vlaanderen, het federaal parket, en het Nationaal Drugscommissariaat afgevaardigd. Aan Nederlandse kant tekenden de parketten van Zeeland-West-Brabant en Rotterdam en het landelijk parket present. De UGent zorgde voor de academische ondersteuning.
Waterbed-effect
De aanleiding voor de samenwerking is duidelijk: criminele organisaties kiezen de weg van de minste weerstand. Wordt er hard opgetreden in Rotterdam of Antwerpen, dan duiken de drugs elders op, zoals in de North Sea Port.
"Criminaliteit kent geen grenzen. Justitie zou ook geen grenzen mogen kennen", zegt Van den Branden. "Op de dag van vandaag is dat wel het geval en we gaan proberen om die grens toch wat weg te gommen."
Onze havens staan onder druk, en enkel een hechte Belgisch-Nederlandse samenwerking zal daarin het verschil kunnen maken
Bart Van den Branden, parket Oost-Vlaanderen
De samenwerking moet verder gaan dan alleen het delen van informatie. De parketten willen concrete afspraken maken over wie welke criminele organisatie aanpakt en welke stappen daarbij gezet worden. "Het heeft geen zin dat we met zijn allen op dezelfde criminele organisatie zitten te werken zonder dat we weten van elkaar dat dat het geval is", aldus Van den Branden.
Tijdens de tweedaagse kwam ook de preventie aan bod. PortWatch, een platform waar verdachte situaties in de haven anoniem kunnen worden gemeld, werd als succesvol voorbeeld besproken. Het kan helpen om corruptiepogingen vroegtijdig te detecteren.
Probleem met minderjarige uithalers
Een groot knelpunt is de toenemende inzet van minderjarigen door criminele organisaties. Jongeren worden steeds vaker gerekruteerd voor risicovolle criminele opdrachten, maar minderjarigen worden vaak vergeten bij de ontwikkeling van regelgeving.
In België kan een minderjarige uithaler uit Antwerpen die in Oost-Vlaanderen wordt aangetroffen, binnen enkele uren worden overgedragen aan het bevoegde parket. Met Nederland lukt dat niet. "We zien heel veel Nederlandse uithalers. Die moet voorgeleid worden voor de jeugdrechter hier en er moet een ganse procedure gevolgd worden", legt Van den Branden uit.
De parketten pleiten voor jeugdspecifieke wetgeving die beter is afgestemd over de grenzen heen.
Samenwerking niet zo eenvoudig
Of de samenwerking juridisch zo eenvoudig te realiseren is? "Absoluut niet", geeft Van den Branden toe. "Een crimineel trekt zich niks aan van een staatsgrens, hè? En wij moeten dat wel doen. Dat is een lacune."
Toch blijven de parketten investeren in de samenwerking. "Onze havens staan onder druk, en enkel een hechte Belgisch-Nederlandse samenwerking zal daarin het verschil kunnen maken", luidt de conclusie van de tweedaagse.
Regionaal nieuws uit Oost-Vlaanderen


