Tieners hebben er vaak geen enkel probleem mee om hun locatie te delen met ouders of vrienden. Dat blijkt uit onderzoek van de UGent bij ongeveer 150 tieners tussen 13 en 16 jaar. Die gebruiken vooral digitale locatie trackers (DLT) op apps zoals Snap Map, Find My, Instagram Map en Life360. Daarbij stellen ze wel een paar (impliciete) voorwaarden.
Tieners vinden locatie delen met ouders en vrienden vaak 'no big deal' (maar niet altijd en overal)
Tweemaal per week duikt de podcast 'Het Uur van de Waarheid' in de wereld van misleiding, desinformatie en online bedrog. Ook dit onderwerp komt uit de podcast. Alle afleveringen vind je hier.
Hoe gaan jongeren om met het feit dat hun ouders en vrienden hen digitaal kunnen volgen en waar liggen de grenzen?
Om het antwoord te vinden op die vragen organiseerden onderzoekers van de UGent 21 groepsgesprekken met in totaal 147 tieners uit Vlaanderen en Brussel. Alle deelnemers aan de studie waren tussen 13 en 16 jaar oud.
Digitale Locatie Tracking of DLT is overal aanwezig: in de Find My-apps van Apple, Life360, Snapchat en Instagram Map. De conclusie van het onderzoek is niet meteen verrassend: DLT is “no big deal” voor de tieners, maar het mag ook weer niet té ver gaan.
Connectieve veiligheid
'Het is dus zeker niet meer uitzonderlijk dat jongeren hun locatie delen met hun ouders", vertelt Julie Dereymaeker van de onderzoeksgroep imec-mict-UGent. "De belangrijkste reden is veiligheid. Soms voelen jongeren zich onveilig, dat komt vaker voor bij meisjes. Dan beslissen ze zelf om hun locatie te delen met hun ouders, maar soms wordt het gevraagd door de ouders."
Uit het onderzoek blijkt dat ze goed beseffen dat de wereld een potentieel gevaarlijke plek is en dat hun ouders zich vaak zorgen maken, over verkeersonveiligheid of mogelijke ongewenste ontmoetingen met vreemden op straat.
Jongeren delen locaties voor hun eigen gemoedsrust en die van hun ouders
Julie Dereymaeker, onderzoeker imec-mict-UGent
De meeste jongeren beseffen wel dat de kans op gevaarlijke situaties over het algemeen klein is. "Jongeren hebben er begrip voor dat hun ouders bezorgd zijn", zegt Dereymaeker. Hun geolocatie delen, zien ze dus vooral als een extra veiligheidsmaatregel, voor hun eigen gemoedsrust of die van hun ouders en vrienden.
Tijdens het onderzoek gaven jongeren ook aan dat ze zelf wat sceptisch zijn over het nut van DLT. “Want een ontvoerder laat je echt je telefoon houden hoor.”
De onderzoekers omschrijven dat als connectieve veiligheid: de hoop dat technologie veiligheid biedt, ondanks de twijfels over de efficiëntie daarvan.
De 3 ongeschreven regels
Jongeren laten zich dus vaak zonder al te veel bezwaren digitaal volgen, maar ze verwachten wel dat hun ouders en hun vrienden zich houden aan enkele impliciete regels.
"In de eerste plaats willen jongeren dat hun ouders enkel hun normale, verwachte verplaatsingen volgen", volgens Dereymaeker. "Dat gaat dan over de weg naar school bijvoorbeeld. Het is een handige tool voor ouders om even na te gaan of hun kind veilig op school is geraakt."
Continu locaties volgen is 'not done', het mag enkel met een geldige reden
Julie Dereymaeker, onderzoeker imec-mict-UGent
Het is niet de bedoeling dat er permanente surveillance is. "Het mag ook niet continu opgevolgd worden. Er moet een geldige reden zijn om locaties te tracken. Ouders of vrienden mogen DLT wel gebruiken als ze bijvoorbeeld hun gsm niet opnemen of te laat zijn op een afspraak."
DLT is ook voorbehouden voor dichte en vertrouwde connecties. "Dat kunnen ouders zijn of broers en zussen, zeker niet met zomaar iedereen. Jongeren delen hun locatie vaak met een kleinere groep mensen die ze vertrouwen en goed kennen."
Tieners stoppen ook met het delen van hun locatie met mensen met wie ze niet meer zo goed mee bevriend zijn of met wie ze ruzie hebben.
Flexibiliteit en overleg
Jongeren ondergaan DLT ook niet passief, ze hechten belang aan hun privacy en zelfstandigheid. Tieners begrijpen dus dat het voor ouders een geruststellend instrument kan zijn, maar vinden dat ze de vrijheid moeten krijgen om zelf fouten te kunnen maken, zonder dat ze door hun ouders worden gemonitord.
"Er zullen ongetwijfeld ouders zijn die hun kinderen voortdurend tracken, maar dat is gelukkig een kleine minderheid", aldus Dereymaeker. "In het algemeen is er wel heel wat flexibiliteit bij jongeren en zijn ze ook bereid om te onderhandelen over een geolocatie."
Lukt het niet om een gezond evenwicht te vinden? Dan zetten tieners simpelweg hun locatie uit of laten ze hun gsm ergens op een veilige plek achter.


