De Europese Unie neemt sancties tegen Abdelrahim Hamdan Dagalo, de nummer 2 van de Soedanese paramilitaire militie RSF. Die militie wordt beschuldigd van oorlogsmisdaden, onder andere na de recente val van de stad al-Fashir.
"Dit stuurt een signaal dat de internationale gemeenschap de verantwoordelijken zal achtervolgen", verklaart Kaja Kallas, hoge vertegenwoordiger voor het buitenlands beleid. De EU veroordeelt "de ernstige en aanhoudende wreedheden" die worden begaan door de RSF (Rapid Support Forces) in Soedan. De verovering van al-Fashir door deze paramilitaire groep opent volgens Kallas "een nieuw rampzalig hoofdstuk in deze oorlog".
Broer van
Abdelrahim Hamdan Dagalo is de nummer 2 van de RSF en de broer van opperbevelhebber Mohammad Hamdan Dagalo. Voorlopig is hij het enige doelwit van sancties, maar volgens Kallas zijn de ministers van Buitenlandse Zaken van de EU, die vandaag bijeenkwamen, het erover eens "dat we meer moeten doen om deze oorlog te stoppen".
De RSF veroverden eind vorige maand al-Fashir, het laatste bolwerk van het Soedanese leger in de westelijke regio Darfoer. Sindsdien stapelen de berichten over opzettelijke aanvallen op burgers, etnisch gemotiveerde moorden, systematisch seksueel geweld en uithongering zich op.
Grootste humanitaire crisis
De situatie in Soedan wordt omschreven als de grootste humanitaire crisis ter wereld. Het Afrikaanse land wordt al meer dan 2 jaar geteisterd door een oorlog tussen het leger van de facto president Abdel Fattah al-Burhan en de RSF. Het conflict eiste al tienduizenden levens en joeg miljoenen mensen op de vlucht.
De EU roept alle partijen in het conflict op om de onderhandelingen over een staakt-het-vuren te hervatten. Kallas hoopt alvast dat de Verenigde Staten, die woensdag een initiatief aankondigden, concrete resultaten kunnen boeken.

