In Bangladesh is voormalig premier Sheikh Hasina veroordeeld tot de doodstraf voor misdaden tegen de menselijkheid voor haar rol in de dodelijke repressie van de studentenprotesten in 2024. Volgens de VN kwamen bij de protesten mogelijk 1.400 mensen om het leven. Hasina spreekt van een "politiek proces".
Voormalig premier van Bangladesh Sheikh Hasina krijgt doodstraf voor misdaden tegen de menselijkheid
Een speciale rechtbank in de Bengaalse hoofdstad Dhaka veroordeelde Hasina samen met haar toenmalige minister van Binnenlandse Zaken Asaduzzaman Khan Kamal en ex-politiechef Abdullah al-Mamun.
Alleen al-Mamun was aanwezig in de rechtzaal. Hij bekende als enige schuld en was de kroongetuige tegen Hasina en Kamal. Hasina is sinds haar aftreden gevlucht naar India, waar ze bescherming geniet. Ook Kamal leeft ondergedoken in Bangladesh.
De rechtbank acht Hasina verantwoordelijk voor het toestaan van dodelijk geweld van de politie en veiligheidstroepen. Daarvoor krijgt ze de doodstraf, die in Bangladesh nog wordt uitgevoerd door ophanging.
De kans lijkt echter klein dat die ook effectief zal worden uitgevoerd. Hasina leeft al meer dan een jaar in India, waar ze bescherming geniet. India weigert haar uit te leveren.
Waarover gingen de studentenprotesten in Bangladesh?
In juli 2024 trokken duizenden studenten in Bangladesh de straat op uit protest tegen een beslissing van de overheid om omstreden jobquota bij overheidsfuncties opnieuw in te voeren.
Tot 2018 werd meer dan de helft van de jobs bij de overheid voorbehouden voor specifieke groepen, onder wie kinderen van oorlogsveteranen, vrouwen, mensen uit achtergestelde wijken en mensen met een beperking.
Na grote protesten werden die quota toen afgeschaft, maar in juni 2024 besliste een rechtbank om het systeem terug toe te laten. Daardoor werden 30 procent van de jobs bij de overheid voorbehouden voor specifieke groepen.
Voor veel studenten, die ondanks een universitair diploma geen job vinden, was dat de druppel. Bangladesh kampt met hoge werkloosheid en de studenten vonden dat de overheid hen nog meer kansen ontnam.
Het protest sloeg al snel om in bredere onvrede over het bewind van premier Hasina. De harde repressie van de veiligheidstroepen kostte het leven aan honderden burgers. Volgens de VN vielen er mogelijk 1.400 doden. Hasina ontkent dat zij ooit persoonlijk het bevel gaf om op ongewapende betogers te schieten en noemde het proces politiek gemotiveerd.
Uiteindelijk greep het Hooggerechtshof in en werden de quota grotendeels geschrapt. Nu blijft slechts 7 procent van de overheidsjobs gereserveerd voor specifieke groepen. Toch blijven studentenorganisaties nog steeds protesteren. In Dhaka geldt er daarom nog steeds een samenscholingsverbod.
"Politiek proces"
Hasina noemt de uitspraak van de rechtbank "partijdig en politiek gemotiveerd". In een verklaring van 5 pagina's die ze openbaar maakte na het vonnis, stelt ze dat de doodstraf bedoeld is om haar partij – de Awami League – politiek "te neutraliseren".
In een brief aan de Britse omroep BBC noemde ze de rechtszaak eerder al "een farce" en ontkende ze alle aanklachten. Ze zegt ook dat ze "erg trots" is op het mensenrechten- en ontwikkelingsbeleid van haar regering.

