"Elke dag dat er geen aanslag is, is een dag gewonnen." Dat zinnetje werd door verschillende mensen bij politie en justitie in 2015 geregeld uitgesproken. Iedereen voelde aan dat er een aanslag zat aan te komen, de vraag was alleen waar en wanneer. Die vrijdag de 13e was het zo ver en werd Parijs getroffen door een reeks terreurdaden, waaronder die in concertzaal Bataclan. Een reconstructie.
10 jaar geleden vielen 89 doden en 352 gewonden bij aanslag op Bataclan, een reconstructie aan de hand van ooggetuigen
Samenvatting:
Op 13 november 2015 pleegden 3 terroristen een aanslag tijdens een concert in de Bataclan in Parijs.
De schutters openden het vuur op het publiek, waardoor paniek uitbrak en velen werden gedood of gewond.
2 politieagenten gingen de zaal binnen en schakelden één terrorist uit, die zichzelf vervolgens opblies met een bomgordel.
De overgebleven terroristen gijzelden 11 mensen in een smalle gang en stelden eisen aan de Franse overheid.
Na een gewapende interventie van de speciale politie-eenheden werden de gijzelaars bevrijd; bij de aanslag in de Bataclan vielen 89 doden en 352 gewonden.
Om 21.16 uur ontploft er een eerste bom aan het Stade de France. Nauwelijks 5 minuten later openen schutters het vuur op enkele bars, cafés en restaurants in het centrum van Parijs.
Nog eens 20 minuten later, om 21.47 uur om precies te zijn, wordt in concertzaal Bataclan het optreden van rockband Eagles of Death Metal brutaal verstoord door een salvo aan geweerschoten. In een eerste reflex weten de concertgangers niet goed wat het is. Dat zal snel duidelijk worden.
3 terroristen vuren in het wilde weg met kalasjnikovs. De paniek is groot. Vluchten kan eigenlijk niet. Mensen worden genadeloos neergemaaid.
Overlevende C.D., man van 24 jaar:
Met m’n broer was ik op 13 november 2015 in de Bataclan om een concert bij te wonen van de Eagles of Death Metal.
Zo’n 45 minuten na de start van het concert hoorde ik het geluid van voetzoekers. Ik draaide me om zonder te begrijpen wat er precies gebeurde. M’n broer vroeg me of het effectief voetzoekers waren? ‘"een, neen', antwoordde ik hem. 'Zoek dekking'. Ik zag de reacties van de muzikanten op het podium en begreep onmiddellijk dat de situatie bijzonder ernstig was, dat er iets vreselijk abnormaals gaande was. Ik wierp me samen met mijn broer op de grond.
Ik zag een massa die zich in beweging zette. Iedereen wou richting uitgang. In 2 woorden zei ik tegen mijn broer niet te bewegen en op de grond te blijven liggen, zelfs al riskeerden we platgetrapt te worden.
Eén beeld vergeet ik nooit. Een toeschouwer bleef rechtstaan, keek de schutters aan, stak zijn middelvinger op en werd vervolgens doorzeefd.
Om 21.50 uur hoort commissaris Guillaume (van de BAC, brigade anticriminalité) de eerste berichten hierover op de radiopost. Hij patrouilleert in Parijs samen met brigadier Grégory, zijn chauffeur. Ze zijn in de buurt en zetten onmiddellijk koers richting Bataclan.
Daar aangekomen trekken ze hun pistool, een semiautomatisch wapen met 2 laders van in totaal 15 kogels. Ze gaan binnen in de wetenschap dat ze misschien nooit levend terug buiten zullen geraken.
Daar treffen ze niets meer of niets minder dan een massaslachting aan. "Het is een oorlogsscene", zegt Guillaume via de radio. "Overal liggen mensen op de grond, dood of levend."
"Een tapijt van mensen"
Op dat moment opent een van de terroristen opnieuw het vuur. "Al onze zintuigen worden tegelijkertijd op scherp gezet en overweldigd", vertelt Guillaume achteraf. "We proberen zo goed mogelijk te reageren en de situatie te analyseren, maar stress heeft een impact op onze professionele reflexen."
En dan valt er plots weer een stilte. De scene wordt fel verlicht door witte spots. In de lucht hangt een mengeling van de geur van kruit en bloed, op de grond ligt "een tapijt van mensen".
Een terrorist maakt aanstalten een gijzelaar af te maken. Guillaume en Grégory staan op ongeveer 20 meter afstand van hem. Ze richten hun wapen op de terrorist. Die krijgt hen in het vizier, maar heeft niet de tijd te reageren. De 2 politiemensen openen het vuur.
Een explosie met knetterende geluiden en een neerdwarrelende regen van confetti die stukken menselijke resten blijken te zijn.
De terrorist valt gewond neer op het podium. Hij richt zijn hoofd op. De 2 politiemensen denken dat hij wil terugschieten. Ze herladen snel hun wapens. En dan is er een explosie. "Een explosie met knetterende geluiden en een neerdwarrelende regen van confetti die stukken menselijke resten blijken te zijn."
De terrorist heeft zijn riem met explosieven geactiveerd. Guillaume zendt opnieuw een bericht: "Eén terrorist gedood. Ze hebben blijkbaar ook een bom bij. We gaan verder." Het is dan 22 uur.
2 andere terroristen hebben door wat er net gebeurd is. "Allahu akbar, Abou Qital", roepen ze, verwijzen naar de kounya (de oorlogsnaam) van hun overleden medeterrorist. En naar de politiemensen: "We hebben gijzelaars. Als u wilt sterven of als u wilt dat zij sterven, ga zo verder."
De 2 terroristen stuwen hun gijzelaars verder naar een smalle gang achter een deur. Het is een gang van 8,50 meter lang, 1,30 meter breed. De deur wordt afgesloten. Gijzelaars worden voor het raam geplaatst. Zij moeten de terroristen iets zeggen als ze de politie zouden zien aankomen. In totaal zitten er 11 gijzelaars.
Overlevende M.D., man van 24 jaar:
Verschillende minuten bleven we daar zo liggen. Het gehuil en het schieten hield niet op. Op een bepaald moment verwijderden de terroristen zich van ons.
Ik had geen idee waar de vluchtwegen zich bevonden. Ik was ook halvelings verblind door de verlichting die terug was aangestoken, vermoedelijk door een klanktechnicus van de muzikanten. Het enige wat ik zag waren de hekken tussen de zaal en het podium waarachter ik me kon verschuilen. Ik was er me perfect van bewust dat ik een makkelijk doelwit zou worden zodra de terroristen vanop het balkon zouden beginnen te schieten op de mensen in de zaal.
Ik had haast geen andere keuze dan me voor dood te houden achter de hekken. Ik lag plat op mijn buik, de helft van mijn lichaam op het metalen hek, m’n hoofd verborgen tussen lichamen, het ene levend, het andere dood. Een man stortte zich nog op mij, enkel mijn benen kwamen er onderuit.
Ik hoorde de terroristen gijzelaars nemen. Een onder hen schoot de een na de andere af en amuseerde zich door hen mentaal te martelen. Hij zei: "Het is goed, je kan gaan." Vervolgens schoot hij ze neer. Hij kwam geregeld mijn kant op, maar heeft me nooit geraakt. Ik hield mijn hand in mijn mond. Ik wilde vermijden dat hij zou horen hoe ik zou schreeuwen van de pijn mocht ik geraakt worden door een kogel.
Plots voelde ik hoe een lichaam bovenop me van me afgleed, m’n T-shirt meetrekkend waardoor mijn buik bloot kwam te liggen. Ik had schrik omdat de terroristen me zo zouden kunnen zien ademen. Ik trachtte mijn ademhaling onder controle te krijgen door naar mijn buik te kijken. Toen zag ik dat ik haast volledig bedekt was met bloed van mensen naast me.
Korte tijd later was er een ontploffing ter hoogte van het podium. Ik besefte dat het de terrorist was die zichzelf had opgeblazen en dat de stukjes die uit de lucht als sneeuwvlokken neerdwarrelden de restanten van zijn lichaam waren.
De politieversterking die aankomt, wordt onmiddellijk onder vuur genomen door de terroristen. Een ploeg van 4 militairen die ook in de straten van Parijs patrouilleert, biedt zich aan om te helpen. Er wordt aan het centraal commando gevraagd of ze mee ingezet mogen worden. "Negatief", krijgen ze te horen. "Militairen mogen niet mee de Bataclan binnengaan. We zijn niet in oorlog." Dat laatste is nog maar de vraag.
Guillaume en Grégory zijn op dat moment de enige politiemensen die in de concertzaal zijn. Ze doen hun werk met doodsverachting. "Wat we deden was eigenlijk suïcidaal", zo zal Guillaume achteraf beweren. "We deden het moedig toch met de bedoeling de terroristen uit te schakelen."
De levenden lagen op de doden, de doden op de levenden
Mensen lagen her en der op de grond, sommigen dood, anderen levend, maar deden alsof ze dood waren. Mensen kreunden en dan plots niets meer. "De levenden lagen op de doden, de doden op de levenden", zo zal later een politieman getuigen.
Sommige concertgangers deden met hun vingers discreet teken aan de 2 politiemensen hoeveel terroristen er in totaal waren. Het is ondertussen 22.45 uur. De gijzeling is al een uur bezig.
Politieversterking
Het blijft onduidelijk wat er zich precies in de concertzaal afspeelt. Zijn de terroristen er nog? Zijn ze gevlucht? Houden ze zich schuil? Liggen er nog bommen verstopt? Op dat moment zijn politie- en hulpdiensten ook aan de slag aan het Stade de France en de terrassen. Het radioverkeer in Parijs is totaal gesatureerd.
De politieversterking begint op de begane grond. Politiemensen stappen behoedzaam over de lichamen, trachten niet uit te glijden over het bloed of de hulzen van de kalasjnikovs. Het is niet altijd makkelijk de juiste keuze te maken: zwaargewonden helpen of verdergaan en trachten de hele concertzaal veilig te stellen.
Ook bij de gewonden moet er gekozen worden. Wie helpen we eerst? Er volgen verschrikkelijke afwegingen. Wie heeft er nog een kans op overleven? Wie niet? Wie heeft dringend hulp nodig, wie kan wachten?
Op dat moment zitten de 2 terroristen samen met hun 11 gijzelaars in de smalle gang. Een van de 2 terroristen doet alsof hij een jogging gaat lopen in die kleine ruimte. "'t Is goed. Ik ben opgewarmd. Klaar om de gijzeling lang vol te houden."
We zagen mensen uit de valse plafonds komen of uit elektriciteitskasten
De politie dringt verder door in het gebouw. Het is voor hen niet altijd duidelijk of de mensen die ze tegenkomen wel effectief gijzelaars zijn. Ze houden er rekening mee dat de terroristen zich verstoppen tussen de gijzelaars. Of dat de terroristen hen bomgordels aandeden. Omgekeerd is het voor de slachtoffers ook niet meteen duidelijk of het wel echte politiemensen zijn. De paniek bemoeilijkt evident het helder denken.
Een politieman: "We zagen mensen uit de valse plafonds komen of uit elektriciteitskasten. Ik herinner me dat ik de deur opendeed van een toilet. Daar zaten 5 of 6 mensen op elkaar." De politie krijgt via een tussenpersoon telefonisch contact met de terroristen. Het is 23.09 uur. Een speciale politie-eenheid is inmiddels ook ter plaatse. Onder hen ook een THP, een ‘Tireur Haute Précision’, een scherpschutter.
Eisen voor president Hollande
De terroristen eisen via de telefoon dat François Hollande (de toenmalige president van Frankrijk) in een publieke brief schrijft dat Frankrijk zijn troepen zou terugtrekken uit Syrië. Ze vragen ook dat de scherpschutters, die ze herkennen aan hun rode laserlichten, zich terugtrekken uit de Bataclan. Als dat niet gebeurt, zullen ze een gijzelaar onthoofden en zijn lichaam buiten aan de straat hangen.
Ondertussen is ook procureur François Molins, komende van de aanslag op de terrassen, aangekomen. De procureur overlegt met de politie over de haalbaarheid van een gewapende interventie. "Dat gaat niet goed aflopen", zegt een verantwoordelijke van de speciale eenheden. "Als we het niet doen, zal het nog veel slechter aflopen." Opnieuw worden verschrikkelijke afwegingen gemaakt. "We moeten een aanvaardbaar verlies aan manschappen en gijzelaars durven incalculeren", zegt een betrokkene.
Overlevende L.V. - vrouw - 21 jaar:
Het moet rond 21 uur geweest zijn. Ik was aan het dansen met E, mijn vriendin. Plots hoorden we geweerschoten. Het geluid kwam van achter ons en leek op het geluid van een voetzoeker. Ik dacht eerst nog dat het een grap was. Het bleef maar knallen. Lachend sprak ik de man naast mij aan met de vraag of dat ook deel uitmaakte van het spektakel?
Toen ik me omdraaide om te zien wie al dat lawaai maakte, zag ik 3 mannen, schietend op de mensen in de zaal. Door een domino-effect op gang gebracht door de mensen voor ons, kwam ik op de vloer terecht en zonder het goed te beseffen lag ik plots op E, mijn vriendin. Iemand, ik weet niet wie, deed het licht uit.
Terwijl het schieten onophoudelijk voortduurde, keek ik naar E. Ze had een beetje bloed op haar gezicht, ik dacht dat ze zich niet lekker voelde. Ik zag dat ze een klein gaatje had in haar wang en begon met haar te schudden om haar terug tot bewustzijn te brengen. Ik besefte al snel dat ze geen hartslag meer had en overleden was.
Er is ook een technische inschatting: de terroristen houden zich met hun gijzelaars schuil in een lange smalle gang. In zo’n omgeving tussenkomen, houdt erg grote risico’s in, zeker als een terrorist opnieuw een bomgordel zou ontsteken.
0.18 uur. De speciale politie-eenheden staan vlak voor de deur waarachter de terroristen met hun gijzelaars zitten. En ze gaan verder, openen de deur, gooien vuurwerk dat vooral veel knalgeluiden maakt en helse lichtflitsen geeft. Een terrorist schiet 27 keer terug, 26 keer ketst de kogel af op het grote schild dat de politie met zich meedraagt, de 27e kogel ketst af op de muur en raakt indirect een agent.
De andere terrorist, ondertussen achteruitgedreven tot achteraan de gang, activeert zijn bomgordel. De ontploffing geeft een hels lawaai en de trillingen laten zich doorheen de betonnen vloer voelen. Het maakt blijkbaar ook effect op de 3e, de enig overgebleven, terrorist die ogenschijnlijk niet onmiddellijk weet wat er gebeurt. Een schutter van de politie maakt van dat moment van vertwijfeling gebruik om hem dodelijk te treffen.
Gijzeling is voorbij
De gijzeling is voorbij. De 11 gijzelaars die 2,5 uur in deze gang zaten met de 2 terroristen, hebben het allemaal overleefd.
De politie gaat verder met het zoeken en bevrijden van de andere concertgangers die zich overal verstopt hebben en al die tijd doodsangsten uitstonden. "We gaan naar buiten", zeggen de politiemensen, "maar kijk niet om u heen". Dat laatste is onmogelijk. Er wacht hen willens nillens nog de beproeving door een slagveld te lopen.
Als alle overlevenden buiten zijn, komen de hulpdiensten binnen, op zoek naar gewonden tussen de doden. Een brandweerman herinnert zich dat er een telefoon rinkelt. Hij haalt het toestel uit de binnenzak van een overledene. Op het scherm verschijnt 'maman' (mama).
De brandweercommandant komt buiten en rapporteert aan Bernard Cazeneuve, de minister van Binnenlandse Zaken. "We tellen op de begane grond 70 doden." De minister herhaalt het 2 keer: 70 doden.
Bij de aanslag in de Bataclan vielen er alles samen 89 doden en raakten 352 mensen gewond. Die 13e november 2015 vielen bij alle aanslagen in Parijs 130 doden. Later kwam daar nog een dodelijk slachtoffer bij zodat het officiële dodencijfer op 131 ligt.
(Deze reconstructie is gebaseerd op het boek van Matthieu Suc, Vendredi 13, ed. Harper Collins). De getuigenissen komen uit het gerechtelijk onderzoek.)



