Wie donderdag of vrijdag de Luchtfabriek in Heusden-Zolder bezoekt, schrikt best niet als er iemand aan de 60-meter hoge toren bungelt. Meer dan 40 erfgoedspecialisten uit heel Vlaanderen oefenen er 2 dagen lang hun klim- en reddingstechnieken in het industriële erfgoed van de voormalige mijnsite.
Monumentenwachters trainen klim- en reddingstechnieken op mijnsite Luchtfabriek Heusden-Zolder
Monumentenwacht is de eerste hulp bij erfgoed. Tijdens hun werk komen de wachters op plekken waar bijna niemand anders kan komen: torenspitsen, klokkentorens en kerkdaken. Veiligheid staat daarbij voorop.
Om hun klimvaardigheden scherp te houden, organiseert Monumentenwacht elke 2 jaar een klim- en touwtechniektraining. Tijdens die interprovinciale oefening delen wachters uit heel Vlaanderen hun kennis en ervaring met touwen, hoogtewerk en veiligheid.
Dit jaar is Limburg de gastprovincie. Daar vond de opleiding plaats tussen de imposante Monnoyer-schoorstenen van de Luchtfabriek in Heusden-Zolder, een plek waar het mijnverleden nog tastbaar in de lucht hangt.
Uitwisseling van kennis
"Het is belangrijk dat ze die industriële touwtechnieken goed onder de knie krijgen, want tijdens hun werk komen ze vaak op moeilijk bereikbare plekken," zegt Carolien Goeleven, coördinator van Monumentenwacht Limburg. "Zo kunnen ze veilig klimmen én sneller gebreken opsporen, nog voor die uitgroeien tot dure restauraties."
De wachters oefenen in duo, telkens met iemand uit een andere provincie. Zo leren ze letterlijk van elkaars aanpak, want elke ploeg hanteert haar eigen werkwijze. "Geen 2 wachters uit dezelfde provincie werken samen," legt Goeleven uit. "We switchen de teams volledig: man, vrouw, jong, oud. Zo ontstaat een optimale uitwisseling van expertise."
Mijnverleden als unieke locatie
Monumentenwachters volgen elk jaar 6 verplichte trainingen met hun eigen team. De interprovinciale tweedaagse, waarbij alle provincies samenkomen, vindt om de 2 jaar plaats. "We leren er verschillende technieken. Zo oefenen we bijvoorbeeld hoe we een collega uit de touwen kunnen bevrijden als dat nodig is", zegt Dirk, een van de wachters. "Die training is best spannend. Je kunt er ook eens in volle vaart naar beneden. Tijdens ons echte werk hangen we meestal stil", lacht hij.
"In Limburg hebben we bijzonder erfgoed, met het mijnverleden als iets heel eigens," besluit coördinator Carolien Goeleven. "We zijn dan ook trots dat we onze collega’s hier mogen ontvangen."
Beter voorkomen dan genezen
"Limburg heeft natuurlijk heel veel erfgoed", voegt gedeputeerde Igor Philtjens (Open VLD) toe, "en het is aan onze monumentenwachters om hun kennis daarover met anderen te delen. Meer dan 30 jaar al zorgen zij voor ons erfgoed door gebouwen, maar ook interieurs regelmatig te inspecteren. Zij proberen kleine schade te detecteren om grotere schade te voorkomen."
"We hebben meer dan 1.000 projecten die regelmatig geïnspecteerd worden door de monumentenwachters. Bij dit project zijn 24 gemeenten aangesloten en in die gemeenten doen zowel individuen, gemeenten als bijvoorbeeld de kerkfabriek een beroep op hen", zegt Philtjens nog. "Eigenaars van erfgoed hebben daar recht op, want we willen toch dat het moois dat we hebben, bewaard wordt voor volgende generaties."
De mijngebouwen zijn uniek voor Limburg, het lag voor de hand dat we die gebruikten
Igor Philtjens, gedeputeerde voor Erfgoed
"Ons mijnverleden bepaalt onze identiteit", zegt de gedeputeerde. "Het lag voor de hand dat we in een mijngebouw gingen oefenen. Je hebt er ook de hoge schouwen en je kan er binnen oefenen. Dat is beter voor de veiligheid van de monumentenwachters, want zij gaan in moeilijke omstandigheden op zoek naar dat kleine barstje om te voorkomen dat dat een grote scheur wordt."
Regionaal nieuws uit Limburg

