"Ze worden soms oneigenlijk gebruikt, maar voor veel jongeren is het een aantrekkelijke manier om flexibel te zijn op de arbeidsmarkt." Dat zegt Geert Noels, hoofdeconoom van Econopolis, over de managementvennootschappen. Al zeker CD&V en Vooruit willen bekijken hoe ze de groei van zulke vennootschappen kunnen temperen, om meer inkomsten voor de schatkist te genereren. Maar Noels waarschuwt.
Regering viseert ook managementvennootschappen om begroting rond te krijgen: "Minder belastingen, maar ook minder bescherming"
Om te beginnen is de term 'managementvennootschap' wat scheefgegroeid. Het zijn lang niet alleen meer de rijke CEO's en artsen die een vennootschap gebruiken om hun inkomsten uit arbeid in onder te brengen.
Veel mensen - vaak jongeren - richten een vennootschap op om flexibeler te zijn. Ze hebben bijvoorbeeld één grote 'klant' of werkgever, maar vullen graag aan met andere kleinere opdrachten.
Dat soort vennootschappen zit in de lift. In 10 jaar tijd is het aantal 'managementvennootschappen' verachtvoudigd. Vorige regeringen hebben het ook aantrekkelijker gemaakt door bijvoorbeeld de verplichting van een aanzienlijk startkapitaal te schrappen.
Hoe werkt een 'managementvennootschap'?
Bij vennootschappen denken we misschien spontaan aan een grote firma, maar een managementvennootschap is eigenlijk een soort eenpersoonszaak.
De oprichter gebruikt de vennootschap als 'tussenpersoon' tussen zichzelf en de bedrijven waar hij of zij diensten aan levert.
De opdrachtgever betaalt een vergoeding, vaak een dagvergoeding, aan de vennootschap. De vennootschap betaalt een loon uit aan de oprichter.
De rest van het geld blijft in de vennootschap zitten. Je kan er een pensioen mee opbouwen of een dividend (deel van de winst) aan jezelf mee uitkeren.
Minder belastingen betalen
Het succes van die managementvennootschappen heeft een keerzijde voor de begroting. In een vennootschap betaal je namelijk fors minder belastingen. Een gewone werknemer betaalt al snel meer dan 50 procent belastingen, in een vennootschap is dat 20 à 25 procent. Wel moet de bedrijfsleider nog extra belastingen betalen wanneer hij of zij geld uit de vennootschap haalt.
Als dus meer en meer mensen een vennootschap oprichten om daar hun inkomsten in onder te brengen, betekent dat minder inkomsten voor de overheid. De federale regering is de komende 2 weken op zoek naar miljarden aan nieuwe inkomsten (of mindere uitgaven) en het groeiende aantal managementvennootschappen ligt op tafel.
Hoe en of de regering ze eventueel minder aantrekkelijk zal maken, is nog onbekend, maar hoofdeconoom van Econopolis Geert Noels waarschuwt toch voor al te drieste maatregelen.
Mensen die werken met een vennootschap hebben véél minder sociale bescherming
Geert Noels
"Flexibele vormen als de managementvennootschappen aanpakken, zal niet 1 op 1 meer inkomsten opleveren", zegt Noels in De Ochtend op Radio 1. "Het kan ook zijn dat die activiteiten gewoon verdwijnen, dat ze naar het buitenland trekken of dat ouderen sneller stoppen met werken."
Richten mensen niet vooral een vennootschap op om minder belastingen te betalen? "Ja, er is soms oneigenlijk gebruik en soms worden er kosten ingebracht die niks te maken hebben met het beroep, maar je moet ook de keerzijde van de medaille zien."
"Mensen die werken met een vennootschap hebben veel minder sociale bescherming. Je hebt geen werkloosheidsverzekering, het pensioenstatuut is helemaal anders en je bent niet beschermd tegen ontslag. Je hebt ook extra kosten, zoals een boekhouding."
België is trouwens niet het enige land waar dit soort vennootschappen populairder worden. "Ook in andere landen zijn jongeren, maar ook oudere mensen, steeds meer op zoek naar die flexibele vormen. Vorige regeringen hebben ook aangemoedigd om het ondernemerschap te stimuleren en om meer starters aan te trekken."
Waar moet het geld dan vandaan komen?
Noels hekelt een overheid die overal wil tussenkomen. "De laatste jaren zijn in veel landen de uitgaven gedaald, maar bij ons zijn ze alleen maar gestegen. We zijn samen met Frankrijk helemaal de foute richting aan het uitgaan en dat bewustzijn is er nog niet bij iedereen."
Waar moet de regering het geld dan zoeken? "Een van de belangrijkste posten is de langdurig zieken. Dat aantal blijft fors stijgen, excessief in vergelijking met de buurlanden. Veel van die mensen zouden normaal moeten bijdragen."
"Het zijn gigantische bedragen die we nu moeten besparen. Vroeger zette onze economische motor een turbo op de groei, maar nu ligt die eerder laag en dan heb je nog de rente op de staatsschuld die steeds zwaarder doorweegt."


