3.864 in het middelbaar, 84 in de lagere school en 17 in het buitengewoon onderwijs: zoveel leerlingen werden in schooljaar 2022-2023 definitief uitgesloten op school. En dat aantal blijft stijgen. Het Kinderrechtencommissariaat wil dat zulke uitsluitingen verboden worden, zeker voor jonge kinderen. "Alleen al in Antwerpen vonden een 200-tal leerlingen vorig jaar geen nieuwe school." Vlaams minister van Onderwijs Zuhal Demir (N-VA) is geen voorstander van een verbod op uitsluitingen.
Joppe en Evrim (14) niet meer welkom op school, Kinderrechtencommissaris wil verbod op definitieve uitsluiting
Joppe (14) volgt de opleiding sport in het derde middelbaar maar krijgt na herhaaldelijk storend gedrag de boodschap dat hij definitief van de school wordt uitgesloten. Scholen in de buurt weigeren hem nadien in te schrijven, vaak zonder duidelijke motivering. Een andere school laat weten dat ze hem weigeren omdat ze al een andere leerling hebben ingeschreven die in een andere school was uitgesloten.
Een gelijkaardig verhaal bij Evrim (14): in november moet hij zijn school verlaten, hij zit dan in het tweede jaar sport in de B-stroom. In de scholen in zijn buurt is er een structureel plaatstekort. Naar een school buiten zijn regio gaan, is praktisch niet evident. Vijf maanden later hebben zijn ouders het opgegeven om dat schooljaar nog een school voor hem te vinden.
Stijgend aantal uitgesloten leerlingen
In het schooljaar 2022-2023 werden 3.864 leerlingen in het secundair onderwijs definitief uitgesloten. Tussen 2018 en 2023 is dat aantal met een derde gestegen, en dat kan je niet enkel verklaren door het groeiende totale aantal leerlingen. Ook 84 leerlingen in het lager onderwijs en 17 in het buitengewoon lager onderwijs kregen in het schooljaar 2022-2023 de boodschap dat ze op zoek moesten naar een andere school.
Maar zo'n nieuwe school vinden is soms bijzonder moeilijk. Het Kinderrechtencommissariaat berekende dat het voor zo'n 10 procent van de leerlingen tussen 40 en 120 schooldagen duurt om een nieuwe school te vinden. Bij nog eens 7 procent is zelfs geen nieuwe datum bekend. Vermoedelijk zitten deze leerlingen minstens een half schooljaar thuis. Toch staan die jongeren nergens als problematisch afwezig geregistreerd, omdat afwezigheid na een uitsluiting gewettigd is.
In de regio Antwerpen hebben een 200-tal uitgesloten leerlingen vorig schooljaar geen nieuwe school gevonden
Dirk Lenaerts, coördinerend directeur scholengemeenschap Oscar Romero
"In de regio Antwerpen hebben zo een 200-tal leerlingen vorig schooljaar geen nieuwe school gevonden," vertelt Dirk Lenaerts, coördinerend directeur van scholengemeenschap Oscar Romero.
"Geen enkele school staat te springen om zo'n jongere in te schrijven. Als we zelf een jongere definitief uitsluiten, is er vaak veel werk aan de klasdynamiek. In plaats van de vrijgekomen plek weer open te stellen voor een andere jongere met een zware rugzak, verlagen we voor die klas dan soms liever de capaciteit."
Thuisblijven kan zware gevolgen hebben
Maar zelfs een korte periode thuis kan een stevige impact hebben. De zoon van Nele* kreeg eerst een definitieve uitsluiting, maar die werd succesvol aangevochten. Hij kon op dezelfde school aan het nieuwe schooljaar beginnen, maar dat bleek al snel niet te werken. Drie weken later kon hij op een andere school starten.
"Dat leek goed te gaan, maar de eerste toetsenperiode volgde snel en zijn rapport kleurde volledig rood omdat hij al heel wat leerstof gemist had. Dat deed zijn motivatie en zelfvertrouwen kelderen. Die motivatie opnieuw vinden, is bijzonder moeilijk als hij tegelijkertijd van influencers op sociale media allerlei verhalen ziet over snel rijk worden zonder diploma."
Jongeren die weken of maanden thuiszitten, ervaren veel stress, worden soms neerslachtig en zien hun leerachterstand oplopen
Caroline Vrijens, kinderrechtencommissaris
"Het gaat vaak om kinderen met een kwetsbare thuissituatie. Jongeren die weken of maanden thuiszitten ervaren veel stress, worden soms neerslachtig, en zien hun leerachterstand oplopen. Soms haken ze volledig af door het isolement en stromen uit zonder diploma. Daarom pleiten we voor een verbod op definitieve uitsluitingen, zeker in het basisonderwijs en de eerste graad van het secundair onderwijs," zegt Kinderrechtencommissaris Caroline Vrijens.
Ook in de latere jaren van het secundair is ze voor een principieel verbod, al moet een uitsluiting in uitzonderlijke situaties wel mogelijk blijven als het veiligheidsrisico te hoog is.
Je eigen kinderen laat je ook niet los als ze moeilijk gedrag vertonen
Dirk Lenaerts, coördinerend directeur scholengemeenschap Oscar Romero
Dirk Lenaerts kan zich in dat standpunt vinden: "Je eigen kinderen laat je ook niet los als ze moeilijk gedrag vertonen." Als directeur bereikte hij met zijn leraren een cultuuromslag toen bleek dat elk jaar 10% van de leerlingen in de eerste graad definitief werd geschorst. Dat aantal kon met een doordacht beleid gehalveerd worden.
"Leerkrachten - zeker zij-instromers - worden beter ondersteund in klasmanagement, we oefenen gedrag met de leerlingen en belonen goed gedrag. Als een leerling zijn materiaal niet bijheeft, volgt een gesprek over de oorzaak en hoe de school de leerling kan ondersteunen in plaats van meteen strafwerk te geven. Bij zwaardere overtredingen volgt niet alleen een straf, maar ook een herstelgesprek."
Daarnaast krijgen jongeren die dreigen uitgesloten te worden, aparte begeleiding om aan hun houding te werken. En met enige administratieve creativiteit kon de directeur een zorgteam samenstellen waar veel expertise samenzit, met bijvoorbeeld een maatschappelijk assistent en een criminoloog. "De uren van het zorgteam komen van het lesurenpakket, maar de uren die we krijgen zijn ontoereikend voor de zorg die onze leerlingen nodig hebben," vertelt Lenaerts.
Als gedrag van een kind de lesomgeving van andere kinderen verstoort of leerkrachten doet afhaken, straf je heel wat andere kinderen
Vlaams minister van Onderwijs Zuhal Demir (N-VA)
"Ik ben geen voorstander om een verbod op uitsluitingen te installeren", reageert Vlaams minister van Onderwijs Zuhal Demir (N-VA). "Ik weet dat dit vaak een ultiem middel is."
Demir is niet blind voor de problematiek. "Als het gedrag van een kind de lesomgeving van andere kinderen verstoort of ervoor zorgt dat leerkrachten afhaken, straf je heel wat andere kinderen." Ze vindt dat er beter wordt ingezet op informatie doorgeven aan de Centra voor Leerlingenbegeleiding, op gesprekken met de ouders of op afstandsonderwijs.
Welzijnsprofessionals op school
"Die structurele ondersteuning van een welzijnsprofessional zoals een psycholoog of orthopedagoog is broodnodig in elke school," vindt ook Kinderrechtencommissaris Vrijens want schoolteams doen vaak al meer dan je van hen kan verwachten.
"Ook voor scholen voelt het als falen als ze niet iedereen aan boord kunnen houden. Ze kunnen zeker hulp gebruiken om een warm en verbindend schoolklimaat te creëren waarbij sancties soms nodig zijn, maar waar ze ook kijken naar hoe ze kansen kunnen geven aan jongeren."
Nog meer thuiszitters
De Kinderrechtencommissaris vraagt niet alleen aandacht voor de thuiszitters na een definitieve uitsluiting, ook andere thuiszitters verdwijnen soms stilletjes uit het onderwijs. Dan gaat het bijvoorbeeld over jongeren met psychologische problemen. Of over leerlingen die slechts halve dagen naar school komen op vraag van de school omdat de druk op de school te groot is.
Er gaan nergens alarmbellen af om actie te ondernemen voor deze kinderen en jongeren, ouders staan er vaak alleen voor
Caroline Vrijens, kinderrechtencommissaris
Meestal zijn ze gewettigd afwezig en voldoen ze zo aan de leerplicht. Maar het Kinderrechtencommissariaat ziet dat ze vaak geen onderwijs krijgen dat aangepast is aan hun noden: "Er gaan nergens alarmbellen af om actie te ondernemen voor deze kinderen en jongeren, ouders staan er vaak alleen voor. De overheid zou dit fenomeen beter moeten monitoren en onderzoeken", vindt Vrijens.
"Het kan in alle gezinnen voorkomen, maar we zien dat er een zeer grote link is met de socio-economische achtergrond. Uit de meldingen nu blijkt dat het in 8 op de 10 gevallen jongens zijn."
Voor heel het gezin weegt het zwaar om met een ongelukkige tiener thuis te zitten
Moeder van een thuiszitter
Voor de zoon van Nele blijft het een zoektocht naar motivatie en zelfvertrouwen om zijn schoolcarrière verder te zetten: "De laatste 2 jaar was hij 70 procent van de tijd thuis. Soms maakt je dat boos, soms wanhopig en soms ben je hoopvol. Maar voor heel het gezin weegt het heel zwaar om met een ongelukkige tiener thuis te zitten."
Meer begeleiding daarbij zou welkom zijn: "We zijn van het ene naar het andere CLB gegaan en dat waren altijd fijne mensen, maar we raakten het overzicht wat kwijt. Eens je uit het schoolpad valt, moet je het zelf uitzoeken. Dat kan veel beter."
*Nele verkoos om anoniem haar verhaal te doen.
Beluister het volledige gesprek met Caroline Vrijens:


