"Genezen van een eetstoornis is een heel lang verhaal." Dat zegt eetstoornis-expert dokter Patty Annicq na de getuigenis van Veerle Hegge, de echtgenote van Bart De Wever. In een pas uitgebracht boek spreekt ze over haar strijd met anorexia op latere leeftijd en de rol van haar gezin in het herstelproces.
Na getuigenis van Veerle Hegge: hoe uitzonderlijk is een eetstoornis op latere leeftijd?
In het kort:
Veerle Hegge, echtgenote van Bart De Wever, getuigt in haar boek 'De stem van mijn stilte' over haar strijd met anorexia op latere leeftijd, veroorzaakt door jeugdtrauma.
Het aantal mensen met een eetstoornis op latere leeftijd stijgt, onder meer door hormonale veranderingen zoals de menopauze of het herval na eerdere problemen.
Eetstoornis-expert dr. Patty Annicq benadrukt dat "genezen van een eetstoornis een heel lang verhaal is" en dat steun van familie en omgeving cruciaal is voor herstel.
Dit artikel bevat info over eetstoornissen en passages over seksueel geweld en psychisch lijden. Voel je je hierdoor geraakt? Contacteer gratis en anoniem Tele-Onthaal via 106 of www.tele-onthaal.be .
Veerle Hegge (52), de echtgenote van premier Bart De Wever, vertelt in 'Touché' op Radio 1 over leven met een eetstoornis op latere leeftijd. Bij haar bleek die voort te komen uit een complex jeugdtrauma. Om te herstellen verbleef ze een halfjaar in een psychiatrische kliniek. In haar boek 'De stem van mijn stilte', dat nu in de rekken ligt, doet ze haar verhaal.
Zwangerschap en menopauze
Hegge kreeg in 2023 de diagnose anorexia nervosa, een eetstoornis die zich kenmerkt door extreem weinig eten uit angst om aan te komen. Eetstoornissen komen dan wel het vaakst voor bij tieners en jongvolwassenen, toch stijgt het aantal vrouwen en mannen dat er op latere leeftijd mee kampt aanzienlijk.
Cijfers over het aantal 45-plussers met een eetstoornis zijn er voor ons land niet. In internationaal onderzoek wordt geschat dat ongeveer 0,61 procent van de vrouwen ouder dan 45 kampt met een eetbuistoornis. Zo'n 0,17 procent van de vrouwen boven 45 zou kampen met anorexia nervosa.
Volgens cijfers van Eetexpert, het Vlaams kenniscentrum voor eet- en gewichtsproblemen, zou 12,7 procent van de vrouwen tussen 40 en 64 jaar een verhoogd risico op een eetstoornis hebben. Bij mannen ligt dat op 11,4 procent. Het gaat dus over het percentage van de bevolking dat mogelijk een eetstoornis heeft.
"Genezen van een eetstoornis is een heel lang verhaal. Vanaf het moment dat het weer leefbaar wordt (vaak vertaald in een hoger gewicht) en de omgeving minder bezorgd is, kun je het een beetje verstoppen. Mensen vinden hun modus vivendi", verklaart eetstoornis-expert dr. Patty Annicq.
Zij is bezielster van Empathie VZW, die mensen met een eetstoornis begeleidt, en bracht vorig jaar het boek ‘Een eetstoornis hoeft niet voor altijd te zijn’ uit. "Bij vrouwen zien we dat ze dan soms tijdens een zwangerschap of er vlak na hervallen, omdat ze vlug hun gewicht en lichaam van ervoor terug willen."
Ook op nog latere leeftijd kunnen sluimerende eetstoornissen weer de kop opsteken of kunnen kwaaltjes een eetstoornis doen ontstaan. Bij vrouwen is vaak de menopauze de boosdoener.
"Er zijn 2 groepen in de leeftijdscategorie van 45 tot 60 jaar. Enerzijds zijn er de mensen die zich altijd oké voelden met hun gewicht en lichaamsbeeld en die door de menopauze in een hormonale disbalans terechtkomen. Dat heeft een impact op het lichaamsbeeld", aldus dr. Annicq.
"Anderzijds is er de groep waarbij in de jeugdjaren een (neiging tot) eetstoornis aanwezig was, maar die ze door therapie of door het zelf op te lossen leefbaar hebben gehouden en dan op latere leeftijd een opflakkering krijgen", gaat de arts verder.
Sluimerende eetstoornissen en trauma
Mogelijk sluit Hegge bij die tweede groep aan. De oorzaak voor haar lijden ligt in traumatische ervaringen in haar jeugd: ze groeide op met een mentaal instabiele moeder en ze werd als jong meisje ook seksueel misbruikt door iemand uit haar omgeving. In haar boek schrijft Hegge dat ze vermoedt dat ook haar moeder een eetstoornis had.
"Je voelt je zo slecht dat je lichaam erop begint te reageren. Je bent verdrietig, maar kunt het niet uiten naar anderen toe. Dan neemt je lichaam het over en zo glijd je in een eetstoornis", getuigde Hegge in het Radio 1-programma 'Touché'. Bovendien hield ze het trauma en de impact ervan op haar lichaam jaren verborgen voor haar omgeving.
Communicatie
De rol van familieleden en vrienden in het hele proces is nauwelijks te overschatten. Daarom zet dr. Annicq in haar praktijk volop in op systemische therapie. Bij die aanpak wordt niet alleen de eetstoornis zelf onderzocht, maar kijken artsen ook naar de omgevingsfactoren. "Of de familie een veilige of een onveilige context biedt, is cruciaal", benadrukt ze.
Voor Hegge was de thuiskomst na de opname in de kliniek zwaar. "Veel mensen denken dan: ze is genezen. Maar dat is niet zo. Thuis is die beschermde omgeving weg", zei ze in 'Touché'. "Er werd weinig over mijn opname gesproken. Het leek alsof die 6 maanden niet hadden bestaan, alsof het een droom was."
Mensen met een eetstoornis hebben niet altijd direct een oplossing nodig, wel erkenning voor wat ze voelen
Patty Annicq, eetstoornis-expert en auteur
Dr. Annicq herkent het verhaal bij veel van haar patiënten. Familie en vrienden kunnen best niet alleen naar het uiterlijk van de persoon in kwestie kijken. "Het is niet omdat iemand een gezonder gewicht heeft bereikt en beter eet, dat zijn of haar brein ook anders heeft leren denken. Vaak blijven emoties aanwezig die de persoon kunnen overspoelen. Dan is de eetstoornis een veilige en voorspelbare houvast."
Opmerkingen over het uiterlijk, ook al zijn ze positief bedoeld, kunnen een negatieve spiraal in gang zetten. Daarom is het volgens de expert van essentieel belang om de communicatie aan te passen. "We hebben de neiging om meteen een oplossing te willen aanbieden wanneer iemand een emotie benoemt. Of soms ontkennen we het zelfs. Mensen met een eetstoornis hebben niet altijd direct een oplossing nodig, wel erkenning voor wat ze voelen."
Hoge drempel
Volgens dr. Annicq kan het boek van Hegge zeker iets bijdragen tot het debat rond eetstoornissen. De extra aandacht die het onderwerp daardoor krijgt, is welgekomen. De drempel om hulp te zoeken ligt namelijk nog steeds hoog.
Net daarom is de getuigenis van Hegge bijzonder moedig, vindt ze. "Ik vind het heel sterk dat ze ermee naar buiten komt. Heel wat mensen hebben me hierover al gemaild. Het zal zeker helpen om dit taboe te doorbreken", aldus de arts.

