De Europese milieuministers komen vandaag samen in Brussel om over de Europese klimaatambities te praten. Ze zullen er niet de Europese doelstelling van 90 procent minder uitstoot tegen 2040 goedkeuren, want Europa is nog te verdeeld over de kwestie. Het zal wél gaan over de doelstelling voor 2035 die de EU binnenkort aan de VN moet voorleggen voor de belangrijke VN-klimaattop. Het zal wellicht een bescheidener doel worden dan voorzien. Of hoe de EU zijn internationale voortrekkersrol voor het klimaat zelf verzwakt ziet.
Hoe een verdeeld Europa zijn voortrekkersrol op klimaatvlak lijkt te verliezen, kort voor de VN-klimaattop
In het kort:
De Europese milieuministers gaan vandaag niet de Europese klimaatdoelstelling voor 2040 goedkeuren (-90 procent)
Er waren onvoldoende landen klaar voor. Zwaargewichten als Frankrijk bespreken het liever eerst op de Europese top van eind oktober
Door het getalm zal de EU een verzwakte doelstelling voor 2035 voorstellen voor de klimaattop in Brazilië
Onder meer Spanje is heel ontgoocheld over het getreuzel
Andere landen zoals onder meer Hongarije, Polen en Slovakije zijn dan weer tevreden, zij vrezen een impact voor de industrie
Het gevolg is wel dat Europa zijn internationale leidersrol qua klimaatbeleid nu dreigt te verliezen
Wat voorafging
We spoelen even terug naar begin juli. De Europese Commissie stelt haar klimaatdoel voor 2040 voor. Tegen 2040 zou de uitstoot van broeikasgassen met 90 procent moeten verminderen (vergeleken met 1990). Ambitieus, maar geen onlogische stap op weg naar klimaatneutraliteit in 2050. Voor 2030 is een reductie voorzien van 55 procent (denk aan het Fitfor55-pakket), het tussentijdse target voor 2040 is daar een vervolg op.
Alleen: de doelstelling moet nog door een hele politieke mallemolen voor ze echt wetgeving kan worden. Een belangrijke horde zou vandaag worden genomen, wanneer de milieuministers onder het Deense voorzitterschap de doelstelling goed zouden keuren.
Dat was tenminste het plan, maar informele bronnen lieten eind vorige week al weten dat niet voldoende landen er klaar voor zijn. Het plan wordt achteruit geschoven naar de Europese top van 23 en 24 oktober.
Wat is het probleem?
"We kunnen de tekst zoals die nu voorligt niet goedkeuren. Het is geen goede geopolitieke timing. De tekst is ook pas laat op tafel gelegd", klonk het bij bepaalde diplomaten. Er zou "een betere balans moeten komen tussen de doelen en de competitiviteit."
Lees: de tekst moet worden bijgesteld om industrie en bedrijven beter tegemoet te komen. De late Europese timing is 1 ding, maar het algemene klimaat in Europa is er ook een waar het klimaatverhaal naar de achtergrond is verdwenen.
Europa lijkt erg verdeeld over de kwestie. Er zijn landen die heel snel willen gaan, zoals Zweden en ook Spanje, dat al enkele keren met klimaatrampen af te rekenen kreeg. De verwoestende overstromingen in (onder meer) de regio van Valencia van vorige herfst lagen er nog vers in het geheugen toen het land de voorbije zomer werd getroffen door de ergste natuurbranden in 20 jaar.
Koude steen of op hoger niveau
Maar bij landen als Polen, Tsjechië, Slovakije en Hongarije valt het voorstel van de Commissie op een koude steen. Zij vrezen dat het plan te ambitieus is, en het hun industrie zal schaden. Om het nog ingewikkelder te maken, vroegen ook de zwaargewichten Frankrijk en Duitsland om uitstel.
De Franse president Macron heeft liever niet dat zo'n belangrijke beslissing wordt genomen op een vergadering van milieuministers. Hij wil de hele kwestie naar de Europese top van eind oktober, zodat de staatshoofden en regeringsleiders er hun zeg over kunnen doen. Het verhoogt ook de onderhandelingsmarge richting (eventueel) andere sectoren. Frankrijk en Duitsland wegen zwaar door in de Europese besluitvorming, zij krijgen hun zin met een bespreking op de Europese top.
Hoe moet het nu verder?
Op de Europese top op 23 en 24 oktober zal de formele goedkeuring er ook nog niet komen, zodat het wel heel krap wordt om een tekst goedgekeurd te krijgen tegen de start van COP30, op 10 november. Toch is de deur nog niet definitief dicht, klinkt het in de wandelgangen.
Europakenner Rob Heirbaut denkt dat er sowieso nog eens kans bestaat dat het na de Europese top van eind oktober alsnog wordt goedgekeurd. "Dat kan op een milieuraad, maar desnoods ook op een andere raad, of in een speciale extra vergadering. Daar kunnen ze in principe wel een mouw aan passen."
Volgens de laatste geruchten zou er alsnog een extra bijeenkomst van milieuministers komen om een goedkeuring te hebben voor de start van de belangrijke klimaattop in Belém, die op 10 november van start gaat. Zo zou Europa alsnog met een steviger gevulde tas naar Belém kunnen afzakken.
Wat zijn de gevolgen?
Nu de Verenigde Staten onder Trump volledig van koers zijn veranderd wat betreft klimaat, wordt er meer naar de EU gekeken om een leidersrol op te nemen in klimaatbeleid. Als Europa dan zonder eigen akkoord voor 2040 naar Belém moet trekken, slaat het geen goed figuur, wat de eigen positie kan verzwakken.
Maar er is meer. Europa moet ook een nieuw klimaatdoel (een NDC in het jargon, naar Nationally Determined Contribution) presenteren in Brazilië. Dat doel hing mee af van een beslissing over 2040. Nu dat er (voorlopig) niet komt, zal Europa een intentieverklaring voorleggen aan de Verenigde Naties, tijdens de Algemene Vergadering in New York.
Het is iets waar vandaag verder over zal worden gepraat, maar er zal wellicht in staan dat de EU een doel tussen 66,3 en 72,5 procent reductie beoogt tegen 2035. Het eerste target is afgeleid van het doel in 2050, het tweede van de scherpere tussendoelstelling in 2040.
Als ook Europa met de voeten gaat slepen, dan zullen anderen zich misschien niet meer geroepen voelen
Benjamin Clarysse, BBL
Europa was tot enkele jaren geleden een echte voortrekker qua klimaatbeleid met de Green Deal en een in wetten gegoten doelstelling voor een nuluitstoot in 2050, maar zal nu dus met een halfslachtige NDC naar de VN trekken.
Benjamin Clarysse, beleidscoördinator bij Bond Beter Leefmilieu, verwoordt wat vele voorstanders van een sterk klimaatbeleid denken. De wereld kijkt nu, meer dan ooit, naar Europa als voortrekker, en dan komt het erop aan die rol ook te spelen: "Het succes van de klimaattop in Brazilië hangt mee af van wat de EU brengt. Als Europa met de voeten gaat slepen, dan zullen anderen zich misschien ook niet meer geroepen voelen, en dat kan grote gevolgen hebben."
"We zijn heel teleurgesteld met zoveel uitstel. En we hadden al de verzwakkingen in het voorstel. Europa moet echt vooruit", betreurt Clarysse in de context van de klimaatimpact die steeds duidelijker wordt.
Elisa Gianelli van de denktank E3G vindt het compromis met de vork "verre van ideaal, maar de beste optie in de huidige omstandigheden." Het laat de EU om haar gezicht te redden op internationaal niveau, zegt ze. Eerder was al gebleken dat, los van de EU, heel wat landen hun huiswerk nog niet af hadden voor COP30.
Waar staat België in dit alles?
De federale regering kan zich in principe vinden in het plan voor 2040, maar er moeten aan verschillende voorwaarden worden voldaan, zo laat minister van Klimaat Jean-Luc Crucke (Les Engagés) weten aan VRT NWS.
Zo moeten de flexibiliteitsmechanismen al kunnen worden ingezet voor 2036 (het gaat dan over het kopen van uitstootrechten in het buitenland, als een land de uitstoot niet voldoende zelf kan terugdringen, red.), en er moet er een geloofwaardig overgangsplan komen voor energie-intensieve sectoren zoals de chemie-, cement- en staalindustrie.
Onderzoek naar impact ETS2
Wat ETS2 betreft, het vervolg van het Europese plan voor uitstootrechten, moet er een onderzoek komen naar de impact op de koopkracht van de gezinnen en het concurrentievermogen van bedrijven. ETS2, ook wel 'de nieuwe koolstoftaks' genoemd, zal op termijn immers brandstoffen als benzine, diesel of gas duurder maken. Volgens het Planbureau kan het gaan om 250 tot 400 euro per jaar voor gezinnen die fossiele brandstoffen blijven gebruiken.
De Belgische positie hangt uiteindelijk ook af van wat Vlaanderen zegt. Bij het kabinet van klimaatminister Melissa Depraetere klinkt het dat "garanties voor onze koopkracht en onze jobs beschermd moeten zijn". In ieder geval, België zou zich vandaag wel achter de Europese intentieverklaring scharen.


