Erwin Mortier onderzoekt de link tussen zijn schrijverschap en de streek waarin hij opgroeide. Krantenmaker Peter Vandermeersch woont en werkt in Ierland, een land dat hij ons wil leren kennen. Tijdens de Renaissance draaide de heksenvervolging in de Lage Landen op volle toeren. Historica Maartje van der Laak legt uit hoe dat komt. Roderik Six laat zijn hoofdpersonages worstelen met dilemma’s over liefde en dood. En de gevierde dichteres Alara Adilow zet haar eerste stappen als romanschrijfster. Dit zijn de 5 boeken die VRT NWS deze week tipt.
Erwin Mortier over zijn roots, Peter Vandermeersch over Ierland of heksen in de Lage Landen: dit zijn de boeken van de week
Wat maakt Erwin Mortier tot de schrijver die hij is? In 'Vlaamse vergezichten' (uitgeverij De Bezige Bij) duikt hij in zijn familieverleden en in de geschiedenis van de literatuur over zijn geboortestreek.
Tussen zijn voorvaderen langs moederskant stoot Mortier op ene Tessely, oprichter van één van de eerste Vlaamsminnende taalgenootschappen in ons land. Generaties later verzeilt zijn grootvader vanuit de liefde voor diezelfde taal in een tak van de Vlaamse Beweging die met Hitler dweept. In zijn debuutroman 'Marcel' vertelt Mortier over de oom die sneuvelt aan het Oostfront.
Na de oorlog komen in het dorp Nevele de kinderen van verzetslui en collaborateurs samen in de klas te zitten. En wat doet een kleine gemeenschap dan? "Zwijgen in plaats van voortdurend op pijnlijke traumatiserende waarheden te moeten stuiten", vertelt Mortier op Klara. Hij haalt uit naar de collaborerende priester Cyriel Verschaeve, die van op de preekstoel jonge mannen ronselde om te gaan vechten aan het Oostfront en een prominente plaats innam in de boekenkast van zijn grootouders.
Mortier blikt terug op alle boeken die een link hebben met zijn geboortestreek. Er is Marie Comparé (1791 – 1879) die als een soort stammoeder zorgde voor een nageslacht dat naam maakte op cultureel, wetenschappelijk en politiek vlak in Vlaanderen. Denk aan Virginie Loveling, Cyriel Buysse en historicus Paul Fredericq. Mortier ziet 'Vlaamse vergezichten' als een archeologische en geologische expeditie waarin hij een extra laag verhalen over dat mythische land legt.
De auteur houdt ook een warm pleidooi voor het herontdekken van de Franstalige Gentse literatuur met auteurs als Frans Heldens, Emile Verhaeren, Maurice Maeterlinck en Suzanne Lilar: "De Vlaamse beweging heeft door het zich afkeren van die Franstalige cultuur onze culturele horizon sterk ingeperkt".
De CEO van krantengroep Mediahuis in Dublin heeft ook een persoonlijke band met Ierland. Hij woont er samen met zijn Ierse echtgenote en zoon. In 'Ierland' (uitgeverij Borgerhoff & Lamberigts) vertelt hij in 150 verhalen over de geschiedenis, cultuur maar vooral over de ziel van Éire.
De Ierse diaspora telt wereldwijd 70 miljoen leden en spreidt zich uit van het Verenigd Koninkrijk tot in Australië en Nieuw-Zeeland. Heel wat Amerikaanse presidenten hebben Ierse roots: denk aan John F. Kennedy, de eerste katholieke president in de VS, Joe Biden én zelfs Barack Obama.
Het was de legendarische hongersnood in 1845 en de 7 jaar daarna die de Ieren massaal de wereld instuurde. "Het land heeft zich demografisch nooit hersteld van die hongersnood", vertelt Vandermeersch op Radio 1. "Er zijn meer dan 1 miljoen Ieren gestorven. Miljoenen weken uit naar de industriesteden Manchester, Londen en Liverpool waar ze als uitschot werden behandeld." Emigratie zit dus in het DNA van de Ieren: "Nu is het een soort gewoonte, als het economisch niet goed gaat, te emigreren en een beroep te doen op het netwerk van die Ierse diaspora," licht Vandermeersch toe.
Vandermeersch schetst een land vol tegenstellingen: enerzijds een trekpleister voor hypermoderne, internationale bedrijven zoals Facebook, Google en TikTok, maar tegelijk ook een land dat vastzit in zijn traditionele landbouwroots. Zowel conservatief als vooruitstrevend. Echtscheiding werd pas in 1995 en abortus in 2018 toegestaan, maar Ierland erkende wel als een van de eerste landen het homohuwelijk. Toch koos het na een referendum in 2024 voor het behoud van het begrip 'vrouw aan de haard' in de grondwet.
Vandermeersch heeft het over de bewogen geschiedenis van bloedige onlusten tussen de katholieke nationalisten en protestantse unionisten, het misbruik in de kerk, maar ook over de rijke Ierse verteltraditie en muziek die evenzeer het gezicht van de natie bepalen.
Historica Maartje van der Laak verdiepte zich in de geschiedenis van de heksenvervolging in de Lage Landen. In 'Heksenjacht' (uitgeverij Borgerhoff & Lamberigts) legt ze het mechanisme van het zondebokfenomeen bloot.
In de periode van 1580 tot 1680 vielen naar schatting 2000 slachtoffers in de Lage Landen: 80 procent was vrouw, 65 procent alleenstaand en driekwart ouder dan 50 jaar. Veroordeelde heksen kwamen uit alle lagen van de bevolking.
Het ging toen niet alleen economisch slechter, maar men had ook te kampen met klimaatverandering: de kleine ijstijd zorgde voor lange winters en een bevroren ondergrond die de landbouw hinderde. Men ging op zoek naar zondebokken en kwam uit bij heksen die zogenaamd een pact met de duivel hadden gesloten.
Heksen waren de verpersoonlijking van een magische samenleving met een mengvorm van heidense en christelijke cultuur. "Wij beseffen onvoldoende hoe de samenleving in alle lagen van de bevolking doordrongen was van magische middelen", benadrukt Van der Laak. Zo bestond er 'vliegzalf' - het recept staat in het boek - die door de hallucinogene werking van kruiden zorgde voor een geestelijke vorm van vliegen.
Eenmaal beschuldigd, was het moeilijk onder een veroordeling uit te komen. Na een verhoor volgde de pijnbank en die leidde tot bekentenissen. "Ik heb honderden slachtoffers gevonden en 2 mensen hebben niet bekend: Adrianus Schepens uit Gent en Lieven Lammens uit Laarne."
Heksen stierven doorgaans op de brandstapel - een spektakel dat zorgde voor een grote volkstoeloop - en kregen geen christelijke begrafenis. De stoffelijke resten werden buiten de stadspoorten gebracht en op een galgenveld gehangen.
Roderik Six, boekenrecensent bij het tijdschrift Knack, komt na zijn duistere, dystopische V-trilogie, met een roman waarin hij eerder de nostalgische toer opgaat. 'In het wit' (uitgeverij Prometheus) zet liefde, eenzaamheid en verlies centraal. "Ik ben gelukkig geworden en dat maakt je een beetje zachter", bekent de veertiger op Klara.
M is één van de drie hoofdpersonages. Ze is een jonge vrouw, in de bus op weg naar haar vader die in een rustoord buiten de stad verblijft. De man is dementerend en de situatie overlaadt haar niet alleen met verdriet, maar stelt haar ook voor een moreel en hartverscheurend dilemma: ze wil niet dat hij lijdt, maar kan zij als kind beslissen over zijn levenseinde?
Op jonge leeftijd verloor M ook al haar moeder, die met een depressie kampte na de bevalling en weggleed in eenzaamheid. Dit houdt Six ook bezig vanuit een persoonlijke angst: "Vroeger was het misschien de dood, nu is het vergeten van mijn eigen leven zo mogelijk nog erger". Six verwijst naar Hugo Claus, "een man opgetrokken uit taal", die zijn woorden verloor en koos voor euthanasie.
Sneeuw komt in elk hoofdstuk voor en dient als metafoor voor verlies, het verdwijnen van het wit. De klimaatopwarming zorgt voor steeds minder sneeuwlandschappen terwijl die in de jeugd van de schrijver doodnormaal waren.
Six raakt in zijn roman maatschappelijke thema's aan zoals de plaats van zwakkeren - zieken en ouderen - in onze neoliberale samenleving. "Zolang je economisch niks bijdraagt, ben je eigenlijk geen volwaardig burger meer volgens de huidige regering. En daar ben ik het niet mee eens."
De meermaals bekroonde dichteres Alara Adilow maakt in ''Kijk es naar al dat licht' (uitgeverij De Bezige Bij) de sprong van poëzie naar proza. Adilow, geboren in Kenia, met Somalische roots, verhuisde naar Nederland, later naar Londen en woont nu in Antwerpen.
Haar debuutroman is doorspekt met actuele thema's zoals genderdysforie, wat Adilow, zelf transvrouw, definieert als "gender dat niet aansluit bij de perceptie van een lichaam die anderen van je hebben." De heteronormatieve maatschappij waarin we leven vergroot de kloof, licht Adilow toe op Radio 1.
Hoofdpersonage Diana gaat in transitie en worstelt heel erg met haar gender en seksualiteit. Ze voelt zich niet thuis in haar lichaam, maar ook binnen haar gemeenschap en familie voelt ze zich ontheemd. Haar moeder verstoot haar en ze wordt tegelijk thuis- en dakloos. In haar relatie met Sagal zoekt ze een toevluchtsoord en stabiliteit, die wankelt wanneer ze ontdekt dat Sagal zonder haar medeweten een abortus onderging.
Het licht in de titel van het boek verwijst naar het helende vermogen van mensen die, ondanks al hun gebreken, van elkaar kunnen houden en zorg voor elkaar kunnen dragen. "Ik ben heel erg gaan geloven in hoe belangrijk relaties zijn", vertelt Adilow.






