Naar hoofdinhoud
Meer en meer gemeenten richten fietsstraten in.

Limburgers fietsen minst van alle Vlamingen, ondanks reputatie van fietsparadijs

Limburg staat bekend als dé fietsprovincie, maar in vergelijking met de rest van Vlaanderen wordt er door de Limburgers het minste gefietst. Zowel naar het werk, naar school als in hun vrije tijd. Dat blijkt uit cijfers van het Departement Mobiliteit en Openbare Werken. Slechts 11 procent van alle verplaatsingen gebeuren met de fiets. Dat is opvallend minder dan het Vlaamse gemiddelde van 18,5 procent. VRT NWS bundelt alle inzichten in deze grote provinciale fietsanalyse.

Janna De Clerck
Gepubliceerd:
Bijgewerkt:update:

In 2040 moet 30 procent van alle verplaatsingen in Vlaanderen met de fiets gebeuren. Dat is de ambitie van de Vlaamse regering die jaarlijks 300 miljoen euro wil investeren in zijn fietsbeleid.

Maar waar staan we nu? Wat is het fietsrapport van de Vlaamse provincies? VRT NWS dook in alle beschikbare cijfers, sprak met specialisten en onderzocht de zaak.

In het kort

  • In Limburg gebeurt gemiddeld 11 procent van de verplaatsingen met de fiets, minder dan het Vlaamse gemiddelde van 18,5 procent.

  • Dat komt omdat Limburg een landelijke provincie is met weinig files. 

  • Er wordt flink geïnvesteerd in betere fietspaden, al is er nog een lange weg te gaan.

17 procent van de Limburgers fietst elke dag en nog eens 26 procent fietst enkele keren per week. Dat is iets meer dan enkele jaren geleden, maar van alle Vlamingen fietst de Limburger het minst. 

Volgens Sven Lieten van de Vervoerregio Limburg is er dan ook dringend een mentaliteitswijziging nodig: "In het weekend wordt er in Limburg ontzettend veel gefietst, maar in de nacht van zondag op maandag gebeurt er iets vreemds, want op maandagochtend stappen we massaal in de auto."

Opvallend: de helft van alle verplaatsingen in Limburg zijn korter dan 5 kilometer. "Het is een slechte, maar hardnekkige gewoonte om daarvoor de auto te nemen", vindt Lieten. "Maar Limburg is een landelijke provincie, er zijn geen of nauwelijks files, je kan op de meeste plaatsen nog gratis parkeren, dus er is geen rem op het autoverkeer."  

Alle experts zijn het er over eens: hoe beter de fietspaden hoe meer er gefietst zal worden. Volgens professor Verkeerskunde Evelien Polders van de UHasselt is er op dat vlak nog veel werk in Limburg, zowel door de lokale besturen als door het Agentschap voor Wegen en Verkeer (AWV).

"We hebben in Limburg nog veel gewestwegen met een smal fietspad vlak langs de weg waar 70 kilometer per uur mag gereden worden. Dat zijn de zogenaamde moordstrookjes. De vorige Vlaamse minister van Mobiliteit heeft al heel wat gevaarlijke punten weggewerkt, maar op 1 legislatuur krijg je alles niet opgelost."  

Eind juni is een nieuw stuk fietssnelweg geopend tussen As en Genk, op het voormalige Kolenspoor

De voorbije jaren is er door de provincie Limburg en AWV fors geïnvesteerd in de fietssnelwegen, en dat loont. Telkens er een nieuwe fietsnelweg klaar is, wordt daar gretig gebruikt van gemaakt. Zo lokte het Kolenspoor tussen Genk-Noord en As sinds de opening midden juni al 85.000 fietsers, dat is bijna 1.000 fieters per dag. 

"De weekends zijn wat drukker met extra toeristisch verkeer, maar ook als we enkel naar de weekdagen kijken zitten we op een gemiddelde van rond de 900 fietsers. Dus ook voor functionele verplaatsingen is het gebruik hoog", legt gedeputeerde van Mobiliteit Laura Olaerts (N-VA) uit. "Dat is goed nieuws en wijst erop dat dit een duurzaam alternatief is voor het autoverkeer." 

De erfenis van Ford

Bij Vervoerregio Limburg merken ze ook verschillen binnen de provincie. "In landelijke gebieden wordt er nog meer met de auto gereden, omdat de afstanden er groter zijn. In Zuid-Limburg komt daar nog bij dat het erg heuvelachtig is", legt Lieten uit. "De opkomst van de elektrische fiets kan daar een oplossing bieden."   

In Hasselt wordt meer gefietst dan in Genk. "Ondanks de vele inspanningen van de stad Genk, maar Genk is dan ook een heel andere stad dan Hasselt. In Hasselt heb je echt een centrum binnen de grote ring. Genk is veel meer versnipperd, en zijn er ook sterk ontwikkelde kernen in Waterschei en Winterslag, waardoor de afstanden groter zijn. En ik denk dat je in Genk ook de erfenis van Ford niet mag vergeten. In Genk hebben meer mensen een auto en als je een auto hebt, ga je die ook gebruiken."

Woon-werkverkeer vooral met de auto

76,8 procent van het woon-werkverkeer in Limburg gebeurt nog met de wagen. Dat hoge cijfer is te verklaren door een beperkter aanbod aan openbaar vervoer en de grotere afstanden die de Limburgers moeten afleggen om op het werk te geraken. Uit cijfers van hr-dienstenbedrijf Acerta blijkt dat de Limburgers het verst moet rijden om naar hun werk te gaan: gemiddeld 25 km, dat is 4 kilometer meer dan de gemiddelde Vlaming. 

"De gemiddelde Belg pendelt 37 kilometer per dag van en naar het werk, nergens in Europa is die afstand zo groot", zegt professor Polders. "In het buitenland verhuizen mensen nu eenmaal veel sneller voor hun werk." Daarbij komt dat de Limburger nog honkvaster is dan de gemiddelde Belg . 

Ruim 13 procent van al het woon-werkverkeer in Limburg gebeurt momenteel met de fiets. Dankzij de opkomst van de elektrische fiets is dat de voorbije jaren gestegen. 7,1 procent van de ritten naar het werk gebeuren nu met een elektrische fiets (6,4 procent) of speedpedelec (0,7 procent). In meer en meer bedrijven kunnen werknemers zo'n elektrische fiets leasen. 

"Dat een deel van de oplossing", zegt professor Verkeerskunde Evelien Polders van de UHasselt. "Een fiets - en zeker een speedpedelec - is best duur. Als je hem kan leasen, wordt het voor meer mensen wel haalbaar. Want een elektrische fiets heeft veel voordelen: je kan je er sneller mee verplaatsen en je komt niet moe of bezweet aan op je werk. Het is ook belangrijk dat werknemers ook een goede fietsenstalling hebben waar ze die fiets veilig kunnen achterlaten en opladen." 

"Ik denk dat werkgevers de fiets ook nog meer zouden kunnen promoten, door het personeel de kans te geven om zo'n elektrische fiets eens uit te proberen voor week."  

Ook aan kleinere stations zoals in Heusden staan deelfietsen

Combineren van vervoersmiddelen

Hr-dienstenbedrijf Acerta merkt wel dat meer en meer Limburgers de wagen combineren met de fiets of het openbaar vervoer met de fiets. Ze nemen de fiets tot aan het station of bushalte, of rijden met de wagen naar een grote parking aan de rand van de stad en nemen voor de laatste kilometer een kleine plooifiets mee.

De Vervoerregio Limburg wil ook nog meer inzetten op deelfietsen. "Aan de stations zijn die al ingeburgerd, aan de bushaltes nog iets minder", geeft Sven Lieten toe. "Maar ze staan er nog maar een goed jaar. We zijn ook met de lokale besturen aan het bekijken of die op de juiste locaties staan en hoe we daar meer reclame voor kunnen maken." 

Op de 6 Septemberstraat (N717) in Lummen zijn fietsers tijdens de spits sneller dan automobilisten.

Inzetten op jonge generatie

Voor bijna een kwart van de verplaatsingen naar school nemen de Limburgers de fiets. Volgens verkeersexperte Eveline Polders moet daar nog meer op ingezet worden. "Jong geleerd is oud gedaan, zo eenvoudig is het. Als je als kind altijd met de auto naar school werd gebracht, dan zal je later als volwassene ook veel meer de auto nemen." 

"Ik denk dat jonge mensen ook makkelijker te overtuigen zijn", vult Lieten aan. "Ze willen niet alleen op een snelle manier van A naar B geraken, ze zijn vatbaarder voor andere argumenten. Het is goedkoper om te fietsen, het is ook beter voor onze gezondheid. Door met de fiets te gaan werken, kunnen we tijdens de terugrit al een deel van de stress wegkrijgen." 

LUISTER

Limburg is fietsprovincie, maar we fietsen het minst in vergelijking met de rest van Vlaanderen.

Radio 2Radio 2 Middag in Limburg
5min

Parkeren te gemakkelijk?

De Limburger gebruikt voor 10 procent van zijn boodschappen de fiets. Geen enkele Vlaamse provincie scoort slechter. Volgens Sven Lieten van de Vervoerregio is dat te verklaren door het parkeerbeleid van de Limburgse steden en gemeenten. "De mens is van nature lui. Je kan al overal snel geraken met de wagen. Als je die auto dan ook nog eens voor de deur van de winkel kan parkeren, waarom zou je dan de fiets gebruiken?"

"Betalend parkeren ligt in veel kleinere steden en gemeenten moeilijk, omdat het lokmiddel is voor de lokale handelaars", nuanceert professor Polders. "Maar mensen palmen met die wagen wel een stukje van de openbare ruimte in. Dus je zou kunnen zeggen dat het niet meer dan normaal is dat je dat stukje ruimte dan moet huren en moet betalen voor parkeren."

Wat dan met mensen die minder goed te been zijn? "Voor die mensen kan je uitzonderingen toestaan. Daar zijn zeker oplossingen voor te bedenken", vindt de verkeersexperte.

De pontonbrug in Dilsen-Stokkem, tussen de mijnterrils, in een van de toeristische trekpleisters in Limburg.

Toeristisch fietsparadijs

De gemiddelde Limburger neemt voor slechts 13 procent van alle verplaatsingen in zijn vrije tijd de fiets, ook dat is minder dan in alle andere Vlaamse provincies. En dat terwijl Limburg toch hét fietsparadijs is.

"Het fietsroutenetwerk is nu eenmaal een toeristisch product. Om in Limburg een uitstapje te maken is het nog altijd veel gemakkelijk om iedereen in de auto te zetten en voor de deur te parkeren", merkt Sven Lieten. "Het komt altijd weer op hetzelfde neer: het ligt aan de mentaliteit van de Limburgers."

LUISTER

Regionaal nieuws uit Limburg

Radio 2
Gepubliceerd:
3min

Meest gelezen

  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5

Wat schuilt er achter Go Church? En hoe komt het dat vooral kwetsbare minderjarigen hier slachtoffer van worden? VRT NWS Pano trok op onderzoek.

Lees ook

  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"