Ondanks een verbod zouden verschillende overheden in ons land toch soms de clausule 'no cure, no pay' toepassen wanneer ze gerechtsdeurwaarders inschakelen. Dat stelt de Nationale Kamer van Gerechtsdeurwaarders vast. Met zo'n clausule worden deurwaarders pas betaald als ze een dossier succesvol afronden. Hoe vaak het gebeurt, is niet duidelijk. Maar het beroepsorgaan van de gerechtsdeurwaarders wil in elk geval de overheden "grondig sensibiliseren" en roept de gerechtsdeurwaarders zelf op om "properder dan proper te zijn".
Geen betaling zonder resultaat: "Overheden sluiten onwettige contracten af met gerechtsdeurwaarders"
Met een clausule 'no cure, no pay' kan een dienstverlener afspreken dat hij enkel betaald moet worden als hij een dienst of een dossier succesvol heeft afgesloten. Voor een gerechtsdeurwaarder zou dat betekenen dat hij pas zijn geld krijgt als hij erin geslaagd is om iemand diens schulden te laten betalen. Alleen, voor gerechtsdeurwaarders is zo'n clausule bij wet verboden.
"Een mogelijk gevolg van zo'n clausule is namelijk dat een gerechtsdeurwaarder zijn eigen belang boven dat van de burger zou stellen en er alles aan zou doen om zijn kosten te recupereren", legt gerechtsdeurwaarder en lid van de Nationale Kamer van Gerechtsdeurwaarders Kris Slabbaert uit. "Dat zou kunnen leiden tot een commercialisering of agressieve praktijken, terwijl gerechtsdeurwaarders geen commerçanten maar ministeriële ambtenaren zijn."
Toch komt het in de praktijk voor, stelt de Nationale Kamer van Gerechtsdeurwaarders vast. Ook met overheden, luidt het. "Er is nu eenmaal een niet-vertelde waarheid dat nogal wat 'no cure no pay'-contracten worden afgesloten met gemeenten, steden, provincies, regionale overheden enzovoort", zei Slabbaert eerder deze week in de Kamercommissie Justitie. Daar werd het beroepsorgaan van de gerechtsdeurwaarders gehoord na een artikelenreeks in de krant Le Soir over onfrisse praktijken door gerechtsdeurwaarders.
"Laakbaar"
Hoe vaak het gebeurt, is niet duidelijk. "Wij zien niet alles passeren", verduidelijkt Slabbaert aan VRT NWS. "Ik wil het ook niet overroepen, maar het komt zeker voor en het is laakbaar."
Ook in contracten met private spelers worden 'no cure no pay'-clausules opgenomen, weet Slabbaert. Maar van overheden zou je bij uitstek mogen verwachten dat ze de wet kennen en toepassen. "Al durf ik ervan uitgaan dat het niet per se gaat om kwade wil of doelbewuste praktijken. Als we het merken in aanbestedingen, spreken we de betrokkenen aan en meestal wordt het gecorrigeerd", aldus Slabbaert.
Meestal, maar niet altijd dus, volgens de Kamer van Gerechtsdeurwaarders. Als het al wordt opgemerkt door hen. "Het blijft een moeilijk op te sporen gegeven", klinkt het. Bovendien gaat het vaak om grotere dossiers wanneer overheden zijn betrokken. "Zij kunnen dus druk uitoefenen op de gerechtsdeurwaarder", stelt Kris Slabbaert. Druk waar sommige deurwaarders dus kennelijk aan toegeven.
"We moeten properder dan proper zijn"
De Nationale Kamer van Gerechtsdeurwaarders kan optreden tegen hun gerechtsdeurwaarders door aangifte te doen bij de tuchtinstantie. Hoe vaak dat al gebeurd is in 'no cure no pay'-zaken, is niet duidelijk. Sinds vorig jaar kan de Kamer van Gerechtsdeurwaarders ook audits doen bij deurwaarders.
"Gerechtsdeurwaarders hebben een belangrijke functie in de maatschappij. Wij kunnen die enkel vervullen als we properder dan proper zijn op onszelf. Interne hygiëne is absoluut belangrijk om het vertrouwen te krijgen en te behouden van het publiek."
Verder kijkt Kris Slabbaert ook naar de politiek. "Wij vragen hulp om de blinde vlek op te lossen en door lokale overheden er attent op te maken dat praktijken van 'no cure no pay' onwettelijk zijn. Het is een gedeelde verantwoordelijkheid. Ik ga ervan uit dat een grondige sensibilisering zal volstaan om de overheden bewust te maken van de problematiek en de mogelijke conflicten."
VVSG ontkent
De Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten (VVSG) reageert naar eigen zeggen verrast.
"Het klopt niet dat lokale besturen in Vlaanderen systematisch werken met een 'no cure, no pay'-aanpak bij invorderingen. In tegendeel: wij kennen vandaag geen enkel bestuur dat die methode gebruikt", zegt woordvoerster Nathalie Debast.
"In de meeste gevallen gaat het om een gerechtelijke invordering en we zien zulke clausules niet terugkomen in aanbestedingsdossiers voor gerechtsdeurwaarders. Bij minnelijke invordering is een 'no cure, no pay'-regeling mogelijk, toch kennen wij geen enkel lokaal bestuur in Vlaanderen dat met zo'n formule werkt.
"Wij staan als koepelorganisatie altijd open voor overleg, voor het informeren van onze leden over nieuwe regelgeving, en voor constructieve samenwerking", besluit de VVSG.

