De rechtbank van Leuven heeft 2 mannen veroordeeld voor het niet bieden van hulp aan een 48-jarige vrouw in groot gevaar. De vrouw overleed in maart 2024 aan de gevolgen van ontbering en ondervoeding, nadat zowel haar huisbaas als haar werkloze stiefvader gedurende langere tijd nalieten in te grijpen. De stiefvader kreeg een effectieve gevangenisstraf van 15 maanden. De huisbaas werd veroordeeld tot een voorwaardelijke celstraf van 6 maanden.
Op woensdag 13 maart 2024 overleed het slachtoffer in een huis in Kortenberg door ontbering en ondervoeding. Het slachtoffer werkte niet, had een ziekte en was bijgevolg een persoon in een kwetsbare toestand. De 48-jarige vrouw leefde samen met haar werkloze stiefvader in een kamer die ze huurden in het huis. Ze hadden een hond, die op exact dezelfde dag als het slachtoffer stierf door ontbering. Op hun kamer konden het slachtoffer en haar stiefvader beschikken over een wasbak, douche en wc. Ze konden verder gebruikmaken van een keuken op de benedenverdieping in het woongedeelte van de huisbaas.
De stiefvader leefde dag en nacht in dezelfde kamer samen met het slachtoffer. Er bleek nauwelijks tot geen eten in huis. Het eten dat er was, was bovendien veelal vervallen. Koken gebeurde niet en er werd weinig of geen gebruik gemaakt van de keuken. Dat laatste was voor het slachtoffer zelfs niet mogelijk op momenten dat haar stiefvader niet thuis was. Tijdens zijn afwezigheid sloot hij het slachtoffer in de kamer op door de klink van de deur te verwijderen. Op het ogenblik van haar overlijden bleek het slachtoffer uitgemergeld; ze woog nog amper 30 kg.
Als een beest laten creperen
De rechtbank van Leuven stelt dat de stiefvader zonder enige twijfel op de hoogte was van de zorgwekkende toestand van het slachtoffer. "Toch liet hij na hulp in te roepen voor zijn stiefdochter, die hij al kende van toen ze nog kind was en met wie hij een kleine leefruimte deelde." Uit het strafdossier blijkt dat de huisbaas wist dat zijn beide huurders aan de rand van de samenleving leefden, sterk hulpbehoevend waren en dat het slachtoffer niet goed verzorgd werd. De rechtbank gaat er bovendien van uit dat het sterven door ontbering een proces van maanden was.
"Het is huiveringwekkend dat beide mannen al die tijd de andere kant op bleven kijken en nalieten om hulp te verlenen aan een wegterend slachtoffer. Ze hebben haar als een beest laten creperen."
Het aandeel van de huisbaas wordt door de rechtbank wel als geringer ingeschat. Hij was als verhuurder goed op de hoogte van het feit dat het slachtoffer in groot gevaar verkeerde, maar liet na om hulp te verlenen. De rechtbank acht het verhuren van een kamer die aan geen enkele woonkwaliteitsnorm voldoet, niet als een element van hulp.
Regionaal nieuws uit Brussel en Vlaams-Brabant


