Maandenlang probeerden zowel de dienst Vreemdelingenzaken als FOD Binnenlandse Zaken het toenmalige kabinet-Verlinden aan te sporen om actie te ondernemen rond het inschrijvingsbeleid in de gemeente Aalter. Dat blijkt uit nieuwe mails die de Kamer heeft opgevraagd. "Het is totaal onmogelijk dat de minister hier niet van op de hoogte was", zegt oppositielid Matti Vandemaele (Groen).
"Ondenkbaar dat minister niet op de hoogte was": administratie kaartte problematiek in Aalter maandenlang aan bij kabinet-Verlinden
"Kan je me opbellen als je beschikbaar bent? Ik heb een brief opgesteld naar de gemeente Aalter (…) omtrent de huidige problematiek rond de inschrijving van niet-Belgen. (…) Bij ADIB krijgen we veel beroepen tegen deze beslissingen.”
Op 12 februari 2024 schrijft de algemene directie Identiteit en Burgerzaken (ADIB) een eerste mail aan het toenmalig kabinet van CD&V-minister Annelies Verlinden, op dat moment bevoegd voor Binnenlandse Zaken. In de bijlage zit een brief waarin het wettelijk kader rond inschrijvingen in de gemeente toegelicht wordt. De ADIB wil deze versturen naar de gemeente Aalter om de "huidige problematiek rond de inschrijving van niet-Belgen aan te kaarten".
Waarover gaat dit?
Uit onderzoek van Pano en De Morgen bleek dat burgemeester Pieter De Crem (CD&V) erover waakte dat in Aalter in Oost-Vlaanderen niet-Belgen tot 9 keer langer dan Belgen moesten wachten op een adreswijziging.
Het gemeentebestuur liet niet-Belgen systematisch eerst een controle van woonstkwaliteit ondergaan. Dat duurde vaak maanden en had voor de aanvragers heel wat problemen tot gevolg. Experten bestempelden het systeem als onwettelijk.
In daaropvolgende mails wordt aangekaart dat het gaat om "systematische weigering van inschrijving van vreemdelingen, waarmee de gemeente Aalter inbreuk maakt op wettelijke bevoegdheden". De oorspronkelijke brief wordt "dwingender van toon gemaakt, om de urgentie van de situatie te benadrukken".
Zo'n 5 maanden later - op 16 juli 2024 - volgt nog een mail aan het kabinet: "Is die brief nu ooit vertrokken naar Aalter? De problematiek blijft bestaan."
Druk vanuit administratie
Ook de Dienst Vreemdelingenzaken (DVZ) blijft druk zetten om de situatie aan te kaarten en op te lossen. "Is er van jullie kant nog iets gebeurd? Ik hoor dat er een brief op jullie kabinet lag?", schrijft een medewerker op 27 juni 2024.
Maar eigenlijk zijn de meeste probleemdossiers uit Aalter geen bevoegdheid van DVZ. Ook dat melden ze aan ADIB: "Deze vreemdelingen hebben stuk voor stuk verblijfsrecht en geldige vreemdelingenkaarten. Ik laat dit over aan jullie", klinkt op 15 juli. Er wordt nog eens gevraagd of de opgestelde brief verstuurd is naar de burgemeester van Aalter Pieter De Crem (CD&V).
In augustus vragen ze na of ADIB de dossiers ook ontvangt. "Stuur maar door", is het antwoord. "Dan bekijken we wel of er reeds een dossier bestaat."
Hoe zit het met de brief aan Aalter? Het lijkt me stilaan toch een liability te gaan worden...
Mail van de algemene directie Identiteit en Burgerzaken aan het toenmalig kabinet-Verlinden
ADIB laat ook weten aan DVZ dat ze ter plaatse geweest zijn in Aalter "om de problematiek te bespreken". Burgemeester De Crem gaf daarbij aan dat hun procedure "geen noemenswaardige vertragingen" oplevert en er "geen onderscheid gemaakt wordt tussen vreemdelingen en Belgen".
De Dienst Vreemdelingenzaken spreekt dat tegen en vindt de antwoorden van de burgemeester kort door de bocht. "De dossiers wijzen wel degelijk op aanzienlijke vertragingen." Ze benadrukken dat ze wachten op een antwoord van het kabinet om de opgestelde brief te kunnen versturen.
Als gevolg daarvan vertrekt een mail van ADIB naar het kabinet: "Hoe zit het met de brief aan Aalter? Stilaan lijkt het me toch een liability (een verantwoordelijkheid, een last, red.) te gaan worden..."
Welles-nietes
Intussen blijft minister Verlinden, nu bevoegd voor Justitie, volhouden dat ze niet op de hoogte was van de situatie. Onzin, zegt oppositielid Matti Vandemaele (Groen) in De Ochtend op Radio 1.
"De mails maken duidelijk dat het op een systematisch discriminerende praktijk gaat. Dat is zwaarwichtig. De administratie heeft alles gedaan om het kabinet en de minister op de hoogte te brengen van de feiten", zegt Vandemaele. "Als dit soort informatie binnenkomt op een kabinet, moeten alle alarmbellen afgaan. Het is 100 procent onmogelijk dat minister Verlinden niet op de hoogte was."
Om de situatie te verhelderen, vroeg de oppositie eind vorige maand een hoorzitting. De coalitiepartijen stemden die weg.
Vandemaele spreekt over een CD&V-probleem: "Het gaat om systematische discriminatie van niet-Belgen in een gemeente waar hun partij de burgemeester levert. Voor CD&V is dit een doofpotoperatie. Mocht mevrouw Verlinden recht in haar schoenen staan, zou ze zich niet verzetten tegen een hoorzitting."
Eind mei beantwoordde minister Verlinden al een keer vragen in het parlement. "Wie denkt dat ik discriminatie zou toedekken om een partijgenoot uit de wind te zetten, kent mij niet", verklaarde ze toen.
We hebben ook nu reactie gevraagd aan de minister, maar ze laat weten dat ze "op de vragen van het parlement zal antwoorden aan het parlement zelf".
Oppositielid Matti Vandemaele (Groen) in De Ochtend
Regionaal nieuws uit Oost-Vlaanderen


