"Leg transparanter uit waarom een groter defensiebudget nodig is." Dat adviseert motivatiepsycholoog Maarten Vansteenkiste (UGent) de regering om meer draagvlak te creëren voor de forse verhoging van het defensiebudget. "Er is een verschil tussen bangmakerij en uitleggen dat de dreiging vandaag groter is."
Motivatiepsycholoog over forse verhoging defensiebudget: "Vermijd bangmakerij, maar leg uit waarom het nodig is"
In het kort
Er zitten heel wat gaten in de huidige communicatie van de regering over de verhoging van de defensie-uitgaven naar de NAVO-norm van 5 procent van het bbp. Dat ziet motivatiepsycholoog Maarten Vansteenkiste (UGent).
De expert adviseert de politiek om transparanter uit te leggen waarom de extra investeringen in defensie nodig zijn. Ook moet het bewustzijn rond de oorlogsdreiging die vandaag groter is dan vroeger, zonder de bevolking bang te maken.
Persconferenties zoals tijdens de coronacrisis of bepaalde termen zoals een 'vredesbijdrage' zijn volgens Vansteenkiste interessante pistes voor de regering om te overwegen.
Het waren harde cijfers die econoom Gert Peersman gisteren meenam naar Terzake. Volgens hem zou jaarlijks 5 procent van ons bruto binnenlands product (bbp) neerkomen op 6.000 euro per huishouden per jaar. "Het gaat dus over koopkracht die we als gezin zullen inleveren, om in ruil daarvoor defensie te krijgen", duidde de econoom.
Met andere woorden, de verhoging van de defensie-uitgaven, zullen ons volgens Peersman raken op de plek waar het het meeste pijn doet: in onze portemonnee. Geen gemakkelijke klus dus voor de regering om de bevolking achter de beslissing te scharen.
Politiek niet op 1 lijn, bevolking dus ook niet
Maarten Vansteenkiste, hoogleraar motivatiepsychologie aan de UGent, ziet dan ook grote gaten in de huidige communicatie van onze regering. Het eerste probleem is dat de regering zélf niet op 1 lijn staat. "Dat gebrek aan eensgezindheid binnen de politiek leidt automatisch tot verdeeldheid onder de bevolking", duidt Vansteenkiste in De Wereld Vandaag op Radio 1.
Argumenten als 'we hebben geen keuze' of 'we zijn de slechtste leerling van de klas' nemen de bevolking niet mee in het verhaal
Maarten Vansteenkiste (UGent), hoogleraar motivatiepsychologie
Daarnaast zijn de argumenten - die onder meer premier De Wever gebruikt - allesbehalve overtuigend. "Argumenten als 'we hebben geen keuze' of 'we zijn de slechtste leerling van de klas' nemen de bevolking niet mee in het verhaal. Zoiets klinkt als een leraar die aan een protesterende leerling zegt: 'dit staat in het leerplan, we kunnen niet anders'."
Maar hoe krijgen de beleidsmakers het dan wél uitgelegd aan de bevolking? Dat is een hele uitdaging, volgens Vansteenkiste. "Tijdens de coronacrisis waren er ook harde maatregelen nodig, maar het grote verschil toen: het doel was voorkomen dat mensen ziek zouden worden. Dat is iets wat de mensen rechtstreeks aanbelangt. De huidige dreiging is verder van ons bed."
Nut van investeringen uitleggen
Volgens Vansteenkiste moet de regering vooral uitleggen waarom ze meer wil of moet investeren in defensie. "Dat is zeer cruciaal, het nut moet uitgelegd worden. Daar is momenteel meer creativiteit nodig. Bovendien willen mensen graag meer duidelijkheid over het grotere plaatje: wat gaat het onmiddellijke effect zijn op mijn leefwereld, zoals op onderwijs of gezondheidszorg?"
Concreet zou de regering haar maatregelen kunnen toelichten in een persconferentie, raadt de motivatiepsycholoog aan. "Tijdens de coronacrisis werden maatregelen ook toegelicht in persconferenties. Ik denk dat zo'n bredere uitleg over het waarom van de maatregelen echt nodig is."
Er is een verschil tussen bangmakerij en uitleggen dat de dreiging vandaag groter is
Maarten Vansteenkiste (UGent), hoogleraar motivatiepsychologie
Wat met bangmakerij als drukkingsmiddel? "Bang maken kan een tactiek zijn op korte termijn, maar dat heeft mogelijk nadelen voor het welbevinden van mensen. Mensen zouden kunnen panikeren of piekeren."
"Wel aangeraden is om transparanter te zijn over het risico op oorlog dat groter is dan een aantal jaar geleden. Er is een verschil tussen bangmakerij en uitleggen dat de dreiging vandaag groter is. Bovendien kan de politiek er een actieplan tegenover zetten. Dan zeg je: 'dit zijn de risico’s en dit is wat we eraan doen'."
Bovendien zouden bepaalde termen of framing de regering verder op weg kunnen helpen. "Een 'vredesbijdrage' zou bijvoorbeeld een interessante term zijn om te hanteren. Dan zeg je dat het ten voordele van vrede is, zo spreek je een gezamenlijk doel of een bepaalde solidariteit uit."


