De Oostenrijkse pianist Alfred Brendel (94) is niet meer. Hij was een legendarische pianist die wereldberoemd werd met zijn uitvoeringen van Beethoven, Mozart, Brahms, Liszt of Schubert. Hij gaf ontelbaar veel concerten en zette als eerste alle pianowerk van Beethoven op plaat. De 'intellectueel onder de pianisten', altijd met pleisters om zijn vingers om zijn nagels te beschermen, vond dat de uitvoerder zich bescheiden moest opstellen tegenover de muziek.
Wereldberoemde pianist Alfred Brendel (94) overleden: "Het leven is een chaos en kunst biedt een zekere orde"
Alfred Brendel, een van de allergrootste pianisten, is gestorven in Londen, waar hij al decennia woonde. Als jong kind verhuisde Brendel vaak; van Tsjecho-Slowakije waar hij geboren werd, kwam hij via Zagreb in Oostenrijk terecht. Op het eind van de Tweede Wereldoorlog werd hij als 14-jarige naar Joegoslavië gestuurd om loopgraven te graven.
Een muzikaal nest was zijn familie allerminst, maar de kleine Alfred leerde toch al snel pianospelen en studeerde ook harmonieleer. Op zijn 16e hield hij de lessen voor bekeken. Hij studeerde op zichzelf, door goed naar anderen te luisteren en door zijn eigen spel op band op te nemen.
Brendels eerste optredens hadden niet zoveel succes, tot hij eens op een avond Beethoven speelde in Londen. “De volgende dag kreeg ik drie aanbiedingen van grote platenmaatschappijen”. Zijn carrière was gelanceerd.
114 cd's
Meer dan een halve eeuw duurde Brendels internationale loopbaan, die hem op alle grote podia van de wereld bracht voor uitverkochte zalen. Hij nam een enorm aantal werken op plaat op: zijn ‘complete recordings’ op het Decca/Philips-label beslaan maar liefst 114 cd's. En hij werd vaak bekroond.
Alle pianowerk van Beethoven
Met Beethoven zou Alfred Brendel geschiedenis schrijven. Hij was de eerste die alle klavierwerken van Beethoven op plaat zette. In de jaren 80 speelde Alfred Brendel alle Beethoven-pianosonates in 11 landen, ook in België: een ware Beethoven-marathon. Ook de pianoconcerto’s nam hij op, bijvoorbeeld met de Wiener Philharmoniker.
Sterker nog, gedurende zijn carrière speelde hij dezelfde Beethovenstukken meerdere malen voor verschillende opnames. "Ik beschouw geen enkele vertolking als compleet; ik heb nooit iets volledig opgelost," zei Brendel aan De Volkskrant.
Ook de pianoconcerto’s van Mozart kwamen aan bod. Alfred Brendel dook voorts in het werk van Franz Liszt, Johannes Brahms, Franz Schubert of Arnold Schönberg. Over zijn interpretatie van de 3 laatste Schubertsonates maakte de Belgische regisseur Chantal Akerman een documentaire .
Al dat succes steeg Alfred Brendel niet naar het hoofd: "Ik was geen wonderkind. Mijn ouders waren geen muzikanten. Ik heb een goed, maar geen buitengewoon geheugen. Ik heb moeite om muziek meteen de eerste keer van het blad te lezen. Kortom, ik begrijp niet goed waar mijn succes vandaan komt."
Opvallend ook: de pleisters die altijd rond zijn vingertoppen zaten, behalve tijdens concerten. Omdat zijn nagels altijd scheurden.
Het werk vertelt de uitvoerder wat hij moet doen. Niet omgekeerd
Alfred Brendel
Alfred Brendel stelde zich bescheiden op als pianist: "Als ik al tot een traditie behoor, dan is het die waarin het meesterwerk de uitvoerder vertelt wat hij moet doen of laten. Niet omgekeerd. Het is niet de pianist die het stuk moet vertellen hoe het moet klinken, of die de componist vertelt hoe die het had moeten schrijven.”
Het leven is chaotisch. Kunst biedt een zekere orde
Alfred Brendel
"Het leven is chaotisch en kunst biedt een zekere orde. Daar zit spanning op. Uit de chaos komt een zekere orde voort. Er blijft wat chaos inzitten, maar voor een kunstwerk is orde belangrijk." Beethoven had dat goed begrepen, vond Brendel: "Hij laat orde triomferen over chaos".
Alfred maakte nog een tournee met zijn zoon, cellist Adrian Brendel. In 2008 sloot hij zijn loopbaan af in het beroemde Musikverein in Wenen (de locatie van het Nieuwjaarsconcert), met het pianoconcerto ‘Jeunehomme’ van Mozart.
De laatste jaren van zijn leven waren gevuld met lezingen, masterclasses muziek en voorleessessies van zijn eigen gedichten.
Moet klassieke muziek altijd serieus zijn?
Alfred Brendel
Alfred Brendel werd gezien als een wat strenge, intellectuele muzikant. Maar hij had een expressief gezicht, clownesk soms zoals Woody Allen. De man hield ook ontzettend van humor. Hij verzamelde allerlei gekke voorwerpen, schilderde ook en schreef absurde poëzie. In de jaren 80 gaf hij een lezing met als titel “Moet klassieke muziek altijd serieus zijn?”. Het antwoord liet zich raden.
De hoesters van Keulen hebben zich met de Keulse klappers tot een hoest-en klapgenootschap aaneengesloten met als uitgesproken doel de hoest- en klaprechten van de Keulse concertbezoekers te behartigen
En zoals voor alle grote muzikanten speelde de stilte een enorme rol voor Alfred Brendel: "Stilte is de essentie van muziek, het vitale ingrediënt dat muziek mogelijk maakt."
Klara brengt een eerbetoon aan Alfred Brendel op donderdag 26 juni van 14 uur tot 17 uur in 'Maestro', met Brendel-kenner Mark Janssens.
Herman de Coninck schreef dit gedicht over de pianomuziek van Alfred Brendel, in zijn bundel 'Enkelvoud' (1991):
Der Hirt auf dem Felsen
Een klarinet is gemaakt van o’s. Die worden door kleppen dichtgehouden. Dood laat er twee tegelijk open.
Uit de riolering van de dood komt dit lied. Uit open deksels van de hel. Tot helemaal boven stijgt verdriet.
Ik kan handen over mijn oren doen maar dan blijf ik zien. Ik kan ze voor mijn ogen slaan maar dan blijf ik horen. Notenbalken van wanhoop tot sopraan.
Zoals Alfred Brendel na twintig jaar Schubert naar zijn vingers kijkt. Zij hebben het bestaan.
- Herman de Coninck


