De schietpartij op een school in het Oostenrijkse Graz heeft het land — en de rest van Europa — in shock achtergelaten. Wat drijft een jongvolwassene tot zo een extreme vorm van geweld? “We willen vaak een eenduidig antwoord op die vraag vinden, maar het is een zeer complex fenomeen”, zegt professor jeugdrecht en jeugdcriminologie Wendy De Bondt (Universiteit Gent).
Na schietpartij in Oostenrijk: waarom jongeren soms overgaan tot extreem geweld
Wie met vragen zit over zelfdoding kan terecht op de Zelfmoordlijn, op het gratis nummer 1813, of op zelfmoordlijn1813.be.
Nood aan een gesprek? Dan kan je 24/7 terecht bij Tele-Onthaal op het nummer 106. Je kan ook chatten via www.tele-onthaal.be .
Jongeren kunnen terecht bij Awel op telefoonnummer 102, of via chat op awel.be .
De schutter in Graz was een oud-leerling van de middelbare school waar hij toesloeg. Hij liet een afscheidsbrief en een videoboodschap achter, maar een duidelijk motief was daar niet in te vinden. Wat bracht hem dan tot deze daad?
“Het is logisch dat we ons dat afvragen”, zegt professor Wendy De Bondt, jeugdrecht- en jeugdcriminologiespecialiste aan de Universiteit Gent. “We willen daar een verklaring op kunnen plakken. Maar bij dit soort geweld zien we dat er niet één oorzaak aan te wijzen is. Er zijn vaak meerdere factoren die samenkomen.”
Gepest, genegeerd, uitgesloten
Vrij snel na de feiten doken geruchten op dat de dader gepest zou zijn. Maar zo’n verklaring is te simpel, benadrukt De Bondt. “Het is mogelijk dat pestgedrag een rol gespeeld heeft, maar het is zelden het enige. We moeten er ons van bewust zijn dat hier vaak een complexe sociale dynamiek achter schuilt en moeten het volledige plaatje bekijken. Sociaal isolement, afwijzing, het gevoel er niet bij te horen — dat zijn de elementen die vaak terugkomen.”
Opvallend daarbij is dat het niet altijd om ‘klassiek’ pestgedrag gaat. “Ook jongeren die zich genegeerd voelen of uitgesloten, kunnen die pijn even intens beleven. Dat gevoel van slachtoffer zijn, leeft soms ook bij jongeren die zelf pesten.”
Sociale isolatie
Eenzaamheid speelt in veel gevallen een rol volgens De Bondt. “Dat isolement kan zich op school afspelen, maar ook breder: zich vervreemd voelen van de samenleving, het gevoel hebben nergens bij te horen.”
Soms liggen er trauma’s aan de basis, soms familiale factoren. Maar even vaak zijn er geen duidelijke signalen van een ‘probleemgezin’. “En dat maakt het zo moeilijk. Er zijn jongeren die ogenschijnlijk in een stabiele omgeving opgroeien, maar toch kampen met intense gevoelens van leegte of frustratie.”
Daderprofiel
“We willen graag een daderprofiel hebben van de mensen die dit soort acties ondernemen, maar dat is écht moeilijk.” Uit onderzoek blijkt dat er toch een ruw onderscheid gemaakt kan worden tussen drie categorieën/types van daders:
Daders met een antisociale persoonlijkheidsstoornis – gebrek aan empathie, egocentrisch, agressief, manipulatief, zonder schuldgevoel en gaat zeer bewust te werk.
Daders die handelen vanuit een psychose – verliezen de controle over hun handelen, soms door drugs of mentale problematiek.
Getraumatiseerde daders – waarbij sociale dynamiek (zoals uitsluiting of verlieservaringen) het doorslaggevende element blijkt te zijn.
Het is pas na de feiten dat een profiel op de dader kan ‘geplakt’ worden. “In realiteit zie je zelden duidelijke signalen op voorhand. En dus is het gevaarlijk om zomaar een profiel te willen plakken op jongeren die zich wat afzonderen of psychisch kwetsbaar zijn.”
Wat kunnen we dan wél doen?
Als het zo moeilijk is om deze daden te voorspellen of te voorkomen, wat kunnen we dan wel?
“Zorg dragen voor het mentaal welzijn van jongeren blijft cruciaal”, zegt De Bondt. “Het is vooral belangrijk dat we aandachtig zijn voor de druk op het mentaal welzijn van jongeren en er op toezien dat die niet te hoog oploopt. Los van het feit of die jongere erna feiten zou plegen.”
Een goede begeleiding van de dader na de feiten is ook van cruciaal belang. “Alles begint met een goede diagnostiek. Het is belangrijk om te begrijpen wat de onderliggende reden is voor de daden die gesteld zijn. Dat zal ons vertellen hoe we nadien met de dader moeten omgaan. Naast een lang traject van begeleiding, is het ook belangrijk om jongvolwassen de verantwoordelijkheid voor hun daden te laten dragen.”
Beluister: professor jeugdrecht en jeugdcriminologie Wendy De Bondt (UGent)

