De Lijn heeft vorig jaar bijna 3 procent van het aantal geplande busritten geschrapt. Dat blijkt uit cijfers die Vlaams Parlementslid Amina Vandenheuvel (PVDA) heeft opgevraagd bij Vlaams minister van Mobiliteit Annick De Ridder (N-VA). De Lijn wijt dit aan de personeelsproblemen van de afgelopen jaren en aan het feit dat veel verouderde bussen geregeld pech krijgen, maar verwacht de komende jaren beterschap.
Vorig jaar is 2,86 procent van het aantal busritten van De Lijn geschrapt. Sinds 2020 - een coronajaar weliswaar - is het aantal geschrapte ritten gestaag gestegen: van 1,5 procent naar 2,86 procent.
Let wel: het gaat hier om ritten die op de dag zelf worden geschrapt. In realiteit ligt het aantal geschrapte ritten nog hoger, want de structureel geschrapte ritten (door staking of ritten die uit het aanbod zijn geschrapt) moeten er nog worden bijgeteld: volgens De Lijn is dat nog eens 0,41 procent erbij.
Jammer genoeg kan je vandaag moeilijk op ons openbaar vervoer vertrouwen
Vlaams Parlementslid Amina Vandenheuvel (PVDA)
In de vervoersregio's Antwerpen en Mechelen is de toestand het ergst. In Antwerpen is in 2024 6,85 procent van het aantal busritten geschrapt, maar liefst 1 op de 15. Een forse stijging is dat tegenover 2023, toen 3,99 procent van de ritten werd geschrapt. In Mechelen is er sprake van enige verbetering tegenover 2023, maar toch werd daar vorig jaar nog 4,78 procent van de ritten geschrapt.
"Ons openbaar vervoer is essentieel om op het werk of op school te geraken en is een van de belangrijkste hefbomen tegen de klimaatverandering, maar jammer genoeg kan je er vandaag moeilijk op vertrouwen", zegt Vlaams Parlementslid Amina Vandenheuvel (PVDA).
"Zoals u weet werd De Lijn vorig jaar geplaagd door personeelproblemen en een verouderde vloot", duidt Frederik Wittock van De Lijn. "Dat zal langzaam beter worden, nu oude bussen geleidelijk door nieuwe elektrische bussen worden vervangen."
Ook de stiptheid kan beter
Amper 72,4 procent van de bussen reed vorig jaar op tijd. De stiptheid wordt berekend per haltedoorkomst, en niet per rit.
Het is niet zo makkelijk om dit op te lossen
Frederik Wittock (De Lijn)
20,5 procent van de bussen reed met vertraging en 7,1 procent zelfs te vroeg. "Dat heeft te maken met de inrichting van de wegen en de files die er staan of niet staan", zegt Frederik Wittock. "Dat sommige bussen inderdaad te vroeg rijden, heeft ook daarmee te maken. Al moet ik toegeven dat het soms ook aan de chauffeur zelf ligt. Nochtans coachen we de chauffeurs, en dat blijven we doen. Het is niet zo makkelijk om dit op te lossen."
De Lijn beschouwt de doorkomst van een bus als vertraagd als er sprake is van een vertraging van meer dan 5 minuten. De gemiddelde vertraging bij het busverkeer ligt op 10 minuten 11 seconden. "Die cijfers zijn veel slechter dan in het buitenland", zegt Peter Meukens van reizigersorganisatie TreinTramBus. "Het geeft niet bepaald een beeld van betrouwbaar openbaar vervoer."
En de tram?
Voor wat betreft het aantal geschrapte tramritten zijn de cijfers beter. In Antwerpen en Gent is het aantal geschrapte ritten vorig jaar gedaald naar respectievelijk 1,8 procent en 0,25 procent, maar aan de kust ligt het aantal geschrapte trams opmerkelijk hoger: 3,94 procent in vergelijking met 2,75 procent in 2023.
Het zou veel beter kunnen
Peter Meukens (TreinTramBus)
De tram blijkt ook stipter te rijden dan de bus: 80,4 procent reed op tijd, 15 procent te laat en 4,6 procent te vroeg. De doorkomst van een tram wordt als vertraagd beschouwd als de vertraging groter is dan 5 minuten. De gemiddelde vertraging bedraagt 8 minuten en 58 seconden.
Dat die cijfers relatief beter zijn dan die van de bus komt omdat trams meer in eigen bedding rijden en minder onderhevig zijn aan allerlei omstandigheden op de openbare weg.
"Het zou veel beter kunnen", vindt Peter Meukens. "Gezien het tekort aan exploitatiemiddelen en de besparingen die er nog zitten aan te komen kan je de grootste winst boeken door te zorgen voor een betere doorstroming."
Regionaal nieuws uit West-Vlaanderen


