Sinds vorige week prijkt er een nieuwe naam op de Belgische 'Most wanted'-lijst. Op die lijst staan de meest gezochte voortvluchtige criminelen, met als doel opsporingen te versnellen en hun leven moeilijker te maken. "Als we samen met het parket beslissen om jou te publiceren, heb je een serieus probleem", zegt Gerry Van Loock, diensthoofd van het FAST-team.
Hoe komt iemand op de 'Most wanted'-lijst terecht? "Soms is de publicatie de laatste strohalm"
Het Fugitive Active Search Team (FAST) is een gespecialiseerde eenheid binnen de federale politie die zich bezighoudt met het opsporen van voortvluchtige veroordeelden.
De Belgische werd in 2016 ingevoerd, geïnspireerd door een Amerikaans voorbeeld uit de jaren 50. "Een journalist vroeg de FBI of hij over gezochte criminelen mocht schrijven", vertelt Gerry Van Loock in 'De wereld van Sofie' op Radio 1. "Dat groeide uit tot hun lijst – en inspireerde ons."
Als je iets opjaagt, wordt het zichtbaar of slaat het op de vlucht.
Gerry Van Loock, diensthoofd FAST-team
"De publicatie is bedoeld om tips van het publiek te krijgen, maar het is ook een bewuste strategie om het rustige bestaan van een voortvluchtige te verstoren."
"Ik vergelijk het met wild: als je iets opjaagt, wordt het zichtbaar of slaat het op de vlucht. Die vergelijking is niet letterlijk bedoeld, het blijven mensen, maar je dwingt hen wel tot actie – bewegen of juist onderduiken."
Strategisch opsporingsmiddel
De beslissing om iemand op de Most wanted-lijst te plaatsen ligt bij het Openbaar Ministerie, maar het FAST-team doet een gemotiveerd voorstel.
"Het is geen opsomming van de gevaarlijkste criminelen, maar een strategisch opsporingsmiddel. We beoordelen altijd eerst het dossier zelf. Leent het dossier zich voor publicatie? Is het een recent dossier of juist een ouder dossier?"
Soms is die publicatie echt de laatste strohalm
Gerry Van Loock, diensthoofd FAST-team
"Soms is die publicatie echt de laatste strohalm. Dan hebben we álles geprobeerd, alle sporen gevolgd die er zijn, maar vinden we de persoon niet. Dan weten we: hij zit echt goed ondergedoken. En dan is een publieke oproep voor ons eigenlijk de laatste kans die we kunnen benutten."
Ook de nationale persmagistraat wordt betrokken, onder meer om te waken over de juridische en ethische aspecten. Slachtoffers worden, indien mogelijk, vooraf geïnformeerd. "Een publicatie kan oude wonden opentrekken, dus we proberen dat altijd met het nodige respect te doen."
De Belgische lijst bevat bewust slechts 12 tot 20 namen. "We willen het publiek alert houden", zegt Van Loock. "Als er elke dag een naam bijkomt, verliest de lijst haar kracht. Het is een middel, geen doel op zich."
Samen sterk
Op Europees niveau werken de verschillende FAST-teams nauw samen. "We hebben dagelijks contact met collega’s in andere landen", zegt Van Loock. "Zodra we vermoeden dat iemand zich in het buitenland bevindt, schakelen we hen in."
Europol beheert ook een Europese . Die wordt samengesteld op basis van dossiers die door nationale teams worden aangeleverd. Elk jaar wordt er rond een specifiek thema een gerichte actie gevoerd — zoals bijvoorbeeld rond geweldsdelicten of vrouwelijke voortvluchtigen.
Wie zoekt die vindt
Vooral bij zedenzaken blijkt publicatie erg doeltreffend. "In alle zedenzaken die we hebben gepubliceerd, is de voortvluchtige uiteindelijk opgepakt. Soms zelfs dankzij een tip van iemand uit de directe omgeving van de voortvluchtige, die na het horen van de feiten zegt: hiermee kan ik niet leven."
Het is niet de bedoeling hen te vernederen, maar wel om druk op hen uit te oefenen
Gerry Van Loock, diensthoofd FAST-team
Ook bij andere dossiers levert de publicatie resultaat op. Van Loock herinnert zich tips die begonnen met een flard van informatie: "Een specifieke tatoeage, een plek waar iemand mogelijk verbleef… Soms is dat al genoeg voor een doorbraak."
Soms leidt publicatie ertoe dat gezochten zichzelf aangeven. "In Nederland zijn er al enkele voortvluchtigen geweest die zich na publicatie zelf zijn gaan melden bij de politie. In België is dat nog niet gebeurd, maar het zou wel kunnen. Het is niet de bedoeling hen te vernederen, maar wel om druk op hen uit te oefenen."
Gouden tip
Elke tip kan waardevol zijn, zegt Van Loock. "De ideale tip is natuurlijk: hij zit nu naast mij op een terras op de Grote Markt. Maar zelfs een vage herinnering kan ons op het juiste spoor brengen."
"We zijn ervan overtuigd: wie zijn straf ontwijkt, mag niet rustig kunnen leven. Als iemand op onze radar komt en we beslissen samen met het parket om hem of haar te publiceren, dan heeft die voortvluchtige echt een probleem. En die druk is bewust."
Heb jij informatie over een voortvluchtige? Tippen kan anoniem via www.politie.be , of via het gratis nummer 0800 30 300.


