Naar hoofdinhoud

Slimme strategie of volledig onhaalbaar? De zin (en onzin) van 5 procent van ons bbp te investeren in defensie

Voor België is het zowel financieel als praktisch bijna onhaalbaar om 5 procent van het bruto binnenlands product te investeren in defensie, zeggen experten. Nochtans zou de norm later deze week op de NAVO-top in Den Haag wel afgeklopt worden. Is zo'n grote investering echt nodig? En kan ons land zich uit de moeilijke financiële situatie loodsen?

Lukas Lecluyse
Gepubliceerd:

In het kort:

  • De NAVO overweegt een nieuwe defensienorm van 5 procent van het bbp, wat voor België een verdubbeling van het defensiebudget zou betekenen tot 30 miljard euro per jaar.

  • Intussen hebben de verschillende NAVO-lidstaten al een principeakkoord bereikt over de nieuwe norm. 

  • Defensie-experts Roger Housen en Michelle Haas stellen dat een plotse verhoging niet alleen financieel maar ook praktisch onhaalbaar is door gebrek aan personeel en lange wachttijden in de defensie-industrie.

  • Volgens de experts is het bepalen van defensie-uitgaven op basis van bbp-percentages niet de meest geschikte methode, omdat het niet noodzakelijk de operationele veiligheid vergroot.

De NAVO-top in Den Haag moet nog beginnen, maar het lijkt al een uitgemaakte zaak: alle lidstaten zullen hun defensie-uitgaven flink moeten opschroeven. In de wandelgangen van het NAVO-hoofdkwartier wordt volop gegoocheld met cijfers en klinkt opvallend veel steun voor een nieuwe NAVO-norm van 5 procent. Het kind zou zelfs al een naam gekregen hebben: The Hague Defense Pledge (ofwel de Den Haag Defensiebelofte).

Voor België, traditioneel 1 van de slechte leerlingen van de NAVO-klas, is zo'n plotse stijging op korte termijn zowel financieel als praktisch bijna onhaalbaar, zeggen experten. Toch houden de Amerikanen voet bij stuk. De andere landen moeten en zullen meer doen, en ondertussen hebben ook NAVO-baas Mark Rutte en verschillende partnerlanden gezegd dat ze die 5 procent norm willen. 

Financieel onhaalbaar

Tot enkele weken geleden geloofde ons land dat het wel voldoende medestanders zou vinden om die plotse stijging in defensie-uitgaven af te blokken. Minister van Buitenlandse Zaken Maxim Prévot trok op 15 mei vol zelfvertrouwen naar een NAVO-bijeenkomst in Antalya, Turkije, om een zogenoemde coalition of the unwilling te zoeken met andere landen die tegen zo'n stijging waren.

Niets bleek minder waar. Prévot stuitte er op een ongekend enthousiasme om net wél voor de 5 procent te gaan: niet alleen bij Polen en de Baltische Staten, grootspendeerders als het over defensie gaat, maar ook bij bijvoorbeeld Duitsland, dat traditioneel wat meer op zijn overheidsportefeuille let. Prévot ving bot en met kopzorgen over een naderend begrotingstekort keerde hij terug naar België. 

Dat de steun voor die nieuwe norm breed gedragen is, blijkt ook uit het principeakkoord dat de NAVO-lidstaten gisteren al bereikten. De bewoording van het akkoord werd aangepast, zodat de verklaring ietwat genuanceerder en minder dwingend wordt. Daardoor zou nu ook Spanje -het enige land dat zich verzette tegen de norm - akkoord gaan. 

In Turkije ging Prévot op zoek naar een 'coalition of the unwilling', maar hij ving bot

Voor ons land betekent de nieuwe 5 procentnorm immers een verdubbeling van het defensiebudget. De factuur bedraagt in dat geval 30 miljard euro per jaar, of 18 miljard meer dan de vooropgestelde 2 procent van de federale regering (die we dit jaar zouden moeten halen).

"In dat geval gaat 80 procent van het werkingsbudget van de federale regering naar defensie", schreef collega en defensiejournalist bij VRT NWS Jens Franssen in april. "Een snelle groei in defensie-uitgaven is financieel quasi onhaalbaar voor ons land." Samengevat: premier Bart De Wever heeft op de top van de NAVO een serieus probleem als de procentnorm wordt opgetrokken.

Wat is 5 procent van het bbp?

Als een land zegt dat het 5 procent van het bbp (bruto binnenlands product) aan defensie uitgeeft, bedoelt het dat 5 procent van de waarde van alle goederen en diensten die in dat land in één jaar worden geproduceerd, wordt gebruikt voor het leger en alles wat daarmee te maken heeft (zoals wapens, soldijen, tanks, vliegtuigen, enzovoort).

Het bruto binnenlands product van België was in 2023 goed voor 585 miljard euro. De federale overheid puurt daar 256,4 miljard euro inkomsten uit via allerlei belastingen en inkomsten. België gaf vorig jaar 7,6 miljard euro, of 1,3 procent, van het bbp uit aan defensie.

"Met het mes in de rug"

Niet alleen op financieel vlak is het een huzarenstuk om zo plots miljarden extra te investeren in defensie, ook op strategisch vlak brengt het heel wat problemen met zich mee. Dat zegt oud-kolonel en defensie-expert Roger Housen. "Neen", antwoordt Housen op de vraag of hij het een goed idee vindt de NAVO-norm nu plots zo sterk omhoog te trekken. 

Voor alle duidelijkheid: Housen is geen tegenstander van meer investeringen in defensie, maar hij heeft wel problemen met de manier waarop de omvang van die investeringen wordt bepaald. "De NAVO-norm van 2 procent van het bpp, vastgelegd in 2014, was ingegeven door politieke haalbaarheid en noodzakelijkheid, voornamelijk om de Verenigde Staten tegemoet te komen in een eerlijke lastenverdeling, en had niks te maken met wat militair noodzakelijk was voor de Europese veiligheid."

"Het bepalen van defensie-uitgaven in functie van het bbp is niet de meest geschikte manier om de toereikendheid ervan te bepalen, omdat het uitgaven omvat die niets met directe defensie te maken hebben, zoals pensioenen van militairen en ex-rijkswachters, en in sommige landen zelfs politiediensten. Dergelijke uitgaven maken een land of het bondgenootschap niet veiliger."

Landen worden met een mes in de rug gedwongen om meer te investeren in defensie, maar die strategie is niet zaligmakend

Oud-kolonel Roger Housen is sceptisch over de hogere NAVO-norm

Een norm zoals de 2 procent of de voorgestelde 5 procent moet met een "korreltje zout" genomen worden, omdat de "echte zaken" die de veiligheid van een land of bondgenootschap vergroten – zoals concrete militaire output, mobilisatie van troepen, interoperabiliteit en reële inzet – op geen enkele manier worden verrekend. "Het bereiken van de norm betekent wel meer investeringen in defensie, maar niet noodzakelijk dat men operationeel veiliger is", besluit Housen.

Capaciteiten boven percentages

Ook defensie-expert aan de UGent Michelle Haas denkt er zo over. Haas echoot het sentiment dat je geen oorlog wint met percentages, maar met capaciteiten. "Het gaat niet alleen om een som geld, maar om wat je ermee doet, inclusief samenwerking, opleiding, personeel en infrastructuur", zegt ze. Op lange termijn is een NAVO-norm van 3,5 procent wel acceptabel en een manier om de strategische veiligheidsuitdagingen aan te gaan. 

Het gaat niet alleen om een som geld, maar om wat je ermee doet, inclusief opleiding, personeel en infrastructuur

Defensie-expert Michelle Haas ziet een plotse verhoging op korte termijn niet mogelijk

Net daar knelt het schoentje. Een plotse verhoging van de defensie-uitgaven is niet alleen financieel, maar ook praktisch bijna onmogelijk. "Er zijn toch wel enkele grote uitdagingen", vertelt Haas. "Eerst en vooral op het vlak van personeel: het benodigde personeelsbestand (manschappen en reservisten) kan niet zomaar uit de grond worden gestampt. Dat geldt trouwens niet alleen voor België, maar voor alle Europese landen."

Zelfs al zou ons land plots gigantische bedragen pompen in het vernieuwen van onze militaire vloot, dan nog betekent dat niet dat we aan onze 5 procent zullen geraken. "Grote investeringen in nieuw materieel, zoals gevechtsvliegtuigen en luchtafweersystemen, kennen lange leverings- en betalingstrajecten en kunnen niet in één keer in het jaarlijkse budget worden ingeschreven. Er is een zeer hoge vraag in de defensie-industrie, waardoor landen achteraan in de wachtrij komen te staan."

Ook Roger Housen erkent die problemen. Zelfs als Europese landen over de meest gesofisticeerde materialen beschikken en hangaars "bomvol blinkend materiaal" staan, zal er onvoldoende mankracht zijn om al deze geavanceerde wapensystemen te bedienen. De huidige omvang van ons leger, zelfs als het de komende jaren met 10-15 procent wordt opgetrokken, zal eenvoudigweg onvoldoende zijn om al het materieel te bemannen.

Dit leidt tot een situatie waarin materieel aanwezig is, maar niet operationeel ingezet kan worden wegens een gebrek aan bedienend personeel.

Timing is key

De experten zijn het er dus over eens: de komende jaren moet er meer geïnvesteerd worden in defensie. De vraag blijft alleen of dat inderdaad 5 procent van het bruto binnenlands product moet zijn.

"Je kan erover debatteren of 5 procent te veel is of niet, maar de essentie blijft dat we meer moeten investeren in defensie", concludeert Daniel Fiott, auteur en hoofd van het defensieprogramma van het Centrum voor Veiligheid, Diplomatie en Strategie (CSDS) van de Brussels School of Governance (BSOG). "Defensie-uitgaven moeten de komende jaren snel omhoog om de wondes te helen die Europa heeft laten etteren."

Alles zal afhangen van de termijn waarin ons land dat percentage moet halen. "Er wordt gesproken van een termijn van 7 jaar, maar voor de federale regering is dat sowieso te kort", zegt Haas. "België is natuurlijk één van de landen die een grote inhaalslag moeten maken, maar als we dit jaar van 1,3 procent naar 2 procent gaan, is dat een stijging van 0,7 procent van het bbp."

"In één jaar tijd is dat, ook in vergelijking met de trajecten van andere Europese landen, echt veel. Dat zouden we dan elk jaar opnieuw moeten kunnen doen. Het blijft een grote uitdaging, maar we zullen elk jaar een beetje moeten groeien om de nieuwe doelstelling te kunnen halen."

Meest gelezen

  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5

Nieuwsbrief Amerika vandaag

Mis niets van de laatste ontwikkelingen in het Witte Huis en krijg een helder beeld van wat er speelt in de VS.

Lees ook

  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"