Vanaf morgen wordt tanken goedkoper. De brandstofprijzen zijn op het laagste niveau beland sinds de zomer van 2021. Dat is het gevolg van de economische onzekerheid door Donald Trumps beleid en een conflict tussen grote olieproducerende landen.
Ruziënde olielanden en Trumps handelsbeleid: waarom de benzineprijs op laagste peil in bijna 4 jaar staat
Wie morgen benzine (95 E10) gaat tanken zal daar maximaal 1,594 euro voor betalen. Dat is een daling met bijna 3 eurocent en de laagste prijs sinds augustus 2021. Ook de dieselprijs zakt.
De prijzen aan de pomp volgen het prijspeil van ruwe olie. Het verleden leert dat onrust in het Midden-Oosten de prijs doet stijgen, maar dat is vandaag niet het geval. Die zakt net, als gevolg van een groter aanbod en een lagere vraag.
Conflict olielanden
Zaterdag maakte Opec+ bekend dat er in juni meer olie dan gepland opgepompt zal worden. Opec+ is het samenwerkingsverband tussen de 23 grote landen die de olieproductie domineren. Ze spreken onderling af hoeveel olie ze zullen oppompen om zo de prijs te beïnvloeden.
Ook vorige maand kondigden de landen aan meer te gaan oppompen. Dat is opvallend, want de olieprijzen zijn al een tijdje aan het zakken. Het logische gevolg zou zijn dat ze minder gaan produceren om zo het aanbod te verminderen, waardoor op korte termijn de prijs zal stijgen.
Maar een intern conflict zorgt voor een andere koers. "Binnen Opec+ is er heel wat onvrede over een paar leden", legt Mathieu Blondeel uit. Hij is universitair docent aan de Vrije Universiteit Amsterdam en gespecialiseerd in energie.
"Er worden onderling quota afgesproken over hoeveel er opgepompt zal worden. Maar Kazachstan, Irak en de Verenigde Arabische Emiraten houden zich daar niet aan."
Saudi-Arabië wil anderen tot orde roepen
De impuls om de productie op te schroeven komt van de Saudi-Arabië, het meest invloedrijke lid van de organisatie. Zij willen de landen die zich niet aan de quota houden zo onder druk zetten.
Saudi-Arabië kan veel goedkoper produceren. Als de prijzen zakken doet dat hen minder pijn en worden andere landen uit de markt geconcurreerd
Mathieu Blondeel, Vrije Universiteit Amsterdam
"Zo gaan de prijzen zakken en dat is een probleem voor landen die een duurdere producent zijn. Saudi-Arabië kan veel goedkoper produceren. Als de prijzen zakken doet dat hen minder pijn en worden andere landen uit de markt geconcurreerd", legt Blondeel uit.
Ook in het verleden pasten die Saudi's die strategie al toe. "Het is hun manier om anderen tot de orde te roepen."
Economische onzekerheid
De hogere productie komt er op een moment dat de vraag laag is. "De Amerikaanse economie, de grootste ter wereld, is afgelopen kwartaal gekrompen en de vooruitzichten zien er niet goed uit. Vanaf twee kwartalen met een krimp spreken we officieel van een recessie."
De economische toestand in de VS en het wispelturige (handels)beleid van Trump zorgen wereldwijd voor onzekerheid.
Slechte economische tijden zorgen voor een lagere vraag naar olie, nog altijd de belangrijkste brandstof voor transport en de industrie.
"De voorspelling voor de groei van de globale olievraag in 2025 is naar beneden bijgesteld", communiceerde het internationaal energie-agentschap vorige maand. "En die groei zal naar verwachting verder afnemen in 2026", klinkt het.
Drill baby drill
De situatie op de oliemarkt is slecht nieuws voor de VS en Trump, denkt Blondeel. "De schalieolie-sector zit er in moeilijke papieren. Dat is best dure olie, de lagere prijzen zijn dus slecht nieuws voor hen."
Het ‘drill baby drill’-adagium van Trump lijkt geen realiteit te worden. "Die vraag van Trump aan de sector om meer te produceren stoot op de economische realiteit."
De olieprijzen staan op het laagste niveau in vier jaar tijd


