"Soms keer ik met lege handen terug naar huis." Dat zegt Youssef, een jongen van 10 die elke dag met de moed der wanhoop uren in de rij staat in Gaza in de hoop wat eten te kunnen bemachtigen. Nooit eerder was de voedselsituatie daar zo kritiek als nu. Israël houdt alle humanitaire hulp tegen aan de grens en het Wereldvoedselprogramma (WFP) van de VN vreest dat het de komende dagen volledig zonder voedsel valt.
Youssef (10) staat elke dag uren in de rij voor voedselhulp in Gaza: "In de chaos valt mijn enige eten soms op de grond"
Youssef is 10 jaar. Bij het ochtendgloren haast hij zich blootvoets en met een gehavende metalen pot in de hand naar een gemeenschapskeuken in Gaza-stad, op zoek naar eten. Hij is lang niet de enige. Wanneer hij daar aankomt, ziet hij dat honderden mensen al staan aan te schuiven in een lange rij.
Velen onder hen zijn wanhopig op zoek naar voedsel. "Mensen duwen en trekken uit schrik dat ze hun beurt zouden missen", vertelt Youssef aan persagentschap AFP. "Soms vallen er zelfs kleine kinderen in de massa."
Op 2 maart, ondertussen bijna 2 maanden geleden, besloot Israël om geen humanitaire hulp meer in Gaza binnen te laten. Rond die tijd werd het tijdelijke staakt-het-vuren tussen Israël en terreurgroep Hamas opnieuw aan flarden geschoten en hervatte Israël de militaire operatie in Gaza. Sindsdien is de humanitaire situatie, die al dramatisch was, alleen nog maar verslechterd.
Het Wereldvoedselprogramma van de Verenigde Naties, een laatste strohalm voor veel Gazanen, kondigde afgelopen vrijdag aan dat het "de laatste overgebleven voorraden" had uitgestuurd naar de gemeenschapskeukens. Daarna waren de rekken leeg. De organisatie kan ruim de helft van de bevolking voorzien van voedselhulp, maar dat staat nu op de helling.
Het is onduidelijk hoe het nu verder moet met de vele Gazanen die afhankelijk waren van die gemeenschapskeukens. Ook Youssef, wiens vader tijdens de oorlog om het leven is gekomen, weet niet hoe het zonder de voedselhulp verder moet. Sinds de dood van zijn vader rekent zijn familie op hem om hen van eten te voorzien.
"Soms, in al de chaos, glipt de pot uit mijn handen en valt het eten op de grond", vertelt hij. "Dan moet ik met lege handen terug naar huis. Die pijn is erger dan de honger."
Ook Mohammed, een jonge Gazaan, staat in de rij te wachten. "Al meer dan 5 uur", vertelt hij aan AFP. "Ik probeer een bord rijst te krijgen zodat de kinderen kunnen eten. Ik heb geen inkomen meer, en als we eten krijgen van de keuken, kunnen we eten. Als we dat niet langer hebben, zullen we sterven."
Die gedachte drijft sommigen tot wanhoop. Iets verderop in de rij begint een man een jongen te slaan met een metalen pot, om dichter bij een kom met rijst te geraken.
Hongersnood
Nochtans staan aan de buitengrenzen van Gaza vrachtwagens klaar met 116.000 ton aan voedselhulp, genoeg om 1 miljoen mensen 4 maanden lang van eten te voorzien. Voorlopig maakt Israël echter geen aanstalten om die hulp de Gazastrook binnen te laten.
Nochtans kan die hulp het verschil betekenen voor Osama, een jong kind uit Khan Yoenis, een stad in het zuiden van Gaza. Hij werd opgenomen in het ziekenhuis met tekenen van ondervoeding.
"Hij weegt slechts 9 kilogram, terwijl hij normaal 15 of 16 kilogram moet wegen", vertelt zijn moeder aan lokale journalisten. "Door de blokkade aan de grens en een tekort aan voedsel heeft Osama speciale voeding nodig om opnieuw op krachten te komen. Ik roep de autoriteiten op om Osama dringend te evacueren naar het buitenland."
"Zijn wens is om, zoals elk kind, te spelen met andere kinderen en naar de kleuterschool te gaan. Spijtig genoeg kan dat door zijn aandoening niet langer, omdat hij niet kan wandelen."
Onstellende cijfers
De cijfers zijn ontstellend. Volgens het Palestijnse ministerie van Gezondheid heeft het conflict nu al ruim 45.000 Palestijnen het leven gekost. Het aantal kinderen dat gedood werd, wordt op minstens 14.500 geschat. Deze aantallen stijgen iedere dag. 31 procent van de kinderen onder de twee jaar, of 1 op de 3 kinderen, lijdt aan acute ondervoeding in het noorden van Gaza. Dat is een verdubbeling van de 15,6 procent die in januari 2024 werd vastgesteld.
“Voor de kinderen in Gaza, die al worstelen met geweld, ontbering en kou, brengt dit nieuwe jaar opnieuw meer dood en lijden,” aldus Catherine Russell, algemeen directeur van UNICEF.
Naast de humanitaire situatie verslechtert ook de veiligheidssituatie in Gaza, zeker nu vorige week ook de laatste humanitaire zone is verdwenen. Het gaat over de zone bij al-Mawasi in het zuiden van Gaza. Na het vroegtijdig afbreken van het staakt-het-vuren op 18 maart, respecteert Israël ook niet langer de enige 'veilige' zone in Gaza.

