De Netflix-serie 'Adolescence' zal ook in Vlaanderen in de klas gebruikt kunnen worden in lessen over de impact van sociale media op onder meer vrouwenhaat en genderrollen. Dat heeft minister van Media Cieltje Van Achter (N-VA) aangekondigd. Het is de eerste keer in Vlaanderen dat op onderwijsvlak wordt samengewerkt met Netflix.
Netflix-serie 'Adolescence' duikt ook in klaslokalen in Vlaanderen op om impact sociale media te bespreken
'Adolescence' is een Britse fictiereeks over Jamie, een 13-jarige jongen, die een klasgenote vermoordt nadat hij via sociale media beïnvloed werd door de zogenoemde manosfeer. Dat is een onlinegemeenschap waarbij influencers, zoals Andrew Tate, hypermannelijkheid promoten op een manier die vaak vrouwonvriendelijk en haatdragend is. Jongens en jonge mannen worden onder meer aangemoedigd om hun frustraties en boosheid te richten op vrouwen.
Netflix stelt de populaire serie nu dus ter beschikking van Mediawijs. De organisatie ontwikkelt lesmateriaal om leerkrachten en leerlingen te ondersteunen bij het bewust omgaan met digitale technologie en media. Momenteel bekijken ze welke fragmenten geschikt zijn om te behandelen en welk lesmateriaal daar het best bij aansluit.
"Met dit project benaderen we de sociale problematiek in de reeks breder dan enkel het onlinegedeelte", zegt Andy Demeulenaere coördinator van Mediawijs aan VRT NWS. "Met aandacht voor rolpatronen binnen het gezin, invloeden uit de omgeving en de manier waarop het onderwijs hiermee omgaat." In het Verenigd Koninkrijk en Nederland zijn na het succes van de reeks gelijkaardige initiatieven opgestart.
Leerkrachten moeten wel over een betalend Netflixabonnement beschikken om de serie te kunnen tonen. Het gaat om een uitzondering die Netflix toestaat voor educatief gebruik binnen de schoolomgeving. Publieke vertoningen zijn normaal gezien niet toegestaan.
Verbod op social media?
De aankondiging van Van Achter kwam gisteren als antwoord op de vraag van Hannelore Goeman (Vooruit) tijdens de commissie Media in het Vlaams Parlement. Ze pleit voor een verbod op sociale media voor jongeren onder de 14 jaar.
"We weten niet meer waar onze kinderen digitaal mee bezig zijn. Het is onbegonnen werk om hen daar alleen voor te waarschuwen", zegt Goeman (Vooruit). Voor minister Van Achter gaat een verbod te ver en is het moeilijk afdwingbaar. "Een verbod op sociale media onder de 16 jaar is geen goed idee. Jongeren moeten weerbaar worden gemaakt, niet buitengesloten", luidt het argument.

