Het allereerste bezoek van premier Bart De Wever (N-VA) aan Oekraïne was er een van bescheiden formaat. De Wever koos ervoor om enkel vergezeld van zijn ministers van Defensie en Buitenlandse Zaken naar Kiev af te reizen. Opvallend, in hun kielzog reisde wel een tiental CEO’s van de Belgische defensie-industrie mee. "Dit gaat om wederzijdse belangen."
Ook CEO's van Belgische defensiebedrijven mee met De Wever naar Kiev: om wie gaat het en wat zit erachter?
Het gezelschap omvatte de CEO's van bekende defensiebedrijven als FN Herstal en John Cockerill Defense en Thales Belgium. "Zij produceren afgewerkte wapens en militaire goederen die Oekraïne rechtstreeks kan inzetten in de oorlog met Rusland", zegt Diederik Cops, onderzoeker bij het Vredesinstituut in De wereld vandaag op Radio 1. "John Cockerill produceert gepantserde voertuigen en Thales Belgium maakt ongeleide en geleide raketten."
Maar ook Sioen en Sabena Engineering waren aanwezig, namen die door de publieke opinie misschien niet spontaan aan de oorlogsindustrie worden gelinkt. "Sioen produceert kogelwerende vesten en helmen. Sabena Engineering is dan weer betrokken bij het onderhoud en herstel van de F-16 vliegtuigen, een opdracht die – gezien de toenemende levering van F-16's aan Oekraïne – alleen maar belangrijker zal worden."
Wederzijdse belangen
Premier De Wever beloofde president Zelensky in Kiev militaire steun ter waarde van een miljard euro en drie van de meegereisde defensiebedrijven sleepten een contract in de wacht. De belangen zijn dus groot. De Belgische defensie-industrie is goed voor naar schatting 5.000 tot 15.000 jobs. Op een totaal van zowat 5 miljoen banen lijkt dat niet veel. Maar volgens Cops groeit de industrietak nu al fors als gevolg van de enorme budgetten die vrijgemaakt worden voor investeringen in defensie.
"Steeds meer bedrijven zijn zowel civiel als militair actief. Door de oorlog met Rusland besteedde Oekraïne in 2023 alleen al meer dan 31 miljard euro aan de aankoop van wapens en militair materieel. Oekraïne wil zich ook expliciet integreren in de Europese defensiemarkt waardoor het op korte termijn nog meer gaat aankopen bij de Europese en Amerikaanse bedrijven. Dat biedt opportuniteiten voor onze defensiebedrijven."
Hoogtechnologische samenwerking
Ook voor onze hoogtechnologische bedrijven liggen er kansen voor het grijpen, aldus Cops. "De Oekraïense defensie is de voorbije jaren immers sterk geëvolueerd, ze heeft fors ingezet op hoogtechnologische innovaties. Denk aan heel de drone-industrie die daar in een paar jaar tijd uit de grond is gestampt. Veel innovatieve technologische bedrijven zijn actief op zoek naar samenwerking met gelijkaardige bedrijven in Europa."
Een uitgelezen kans dus voor Belgische en Europese bedrijven om met die bedrijven in zee te gaan. "Oekraïne is vragende partij om onze kennis en investeringen binnen te halen en voor de Europese defensie-industrie komt er een nieuwe markt vrij in een land dat in heel korte tijd van de oude Sovjet-oriëntatie naar het Westen is gekeerd. Want zelfs als het conflict stopt dan zal Oekraïne blijvend grote hoeveelheden militair materieel moeten produceren en aankopen om zich opnieuw te kunnen verdedigen tegen een eventuele toekomstige aanval."
Cynisch
Wetende dat de defensie-industrie ook talloze slachtoffers maakt, blijft het natuurlijk wel cynisch om het in deze context over economische opportuniteiten te hebben.
"Net daarom is het belangrijk dat we een brede blik proberen te houden en dat we, wanneer er vrede is, ook proberen te kijken naar andere vormen van economische samenwerking om te helpen bij de economische wederopbouw van Oekraïne. Ik denk dat er ook daar belangrijke opportuniteiten en domeinen zijn waarin de Vlaamse regering en de Vlaamse industrie een verschil kunnen maken”, aldus nog Cops.
Herbeluister het gesprek met Diederik Cops in De wereld vandaag
