Naar hoofdinhoud
Volgens professor Devlieghere kan je de investeringen ook het rechttrekken van een historische fout noemen (archieffoto).

Zijn Vlaamse investeringen in kinderopvang "historisch"? "Ze zijn ambitieus, maar nog niet genoeg"

De "historische" investeringen van de Vlaamse regering in de kinderopvang zijn ambitieus, maar expert kinderopvang Jochen Devlieghere ziet nog enkele pijnpunten. "Ze zijn een stap in de goede richting, maar ik mis een mastervisie over hoe men naar een lagere ratio wil en daar meer personeel voor wil aantrekken."

Kathleen Heylen
Gepubliceerd:

Vlaams minister van Welzijn Caroline Gennez (Vooruit) kondigde vrijdag na de ministerraad "een historische investering in de kinderopvang" aan. Er wordt 200 miljoen euro geïnvesteerd in meer en betaalbare plaatsen en in meer personeel.

"Historisch? Er is sinds de crisis historisch veel geïnvesteerd in kinderopvang, dus dat klopt wel, niet alleen vandaag", zegt Jochen Devlieghere, professor gezinspedagogiek en expert kinderopvang aan UGent. "Maar je kan het ook historisch noemen omdat er in het verleden te weinig geïnvesteerd is. Je zou ook kunnen zeggen dat het het rechttrekken van een historische fout is."

10.000 plaatsen: "Goede eerste stap, maar nog niet genoeg"

De regering zet in op '3 P's': plaats, prijs en personeel. Er wordt gemikt op 10.000 extra opvangplaatsen. "Dat is ambitieus, maar het is niet genoeg om alle tekorten op te lossen", zegt Devlieghere. "De berekening is dat er bijna 30.000 plaatsen te kort zijn."

"Je kan die 30.000 plaatsen niet in één keer creëren, dus die 10.000 is wel een stevige investering. Het is een eerste stap die we als samenleving wel gaan voelen." En volgens de professor is die investering noodzakelijk. "Als ouders geen kinderopvang hebben, zien we dat vooral moeders de tol betalen. Je ziet dat ze moeten stoppen met werken, met een opleiding volgen. Het effect van het niet hebben van kinderopvang is gigantisch."

Die plaatsen moeten er natuurlijk ook zijn. Volgens Devlieghere is het de eerste keer dat de Vlaamse regering aandacht heeft voor de infrastructuur. "Veel organisatoren klagen dat zij moeite hebben om infrastructuur te vinden. De regering maakt nu investeringen op lange termijn mogelijk. Je mag dan wel extra plaatsen creëren, je moet ook de stenen en de locaties daarvoor hebben."

10.000 extra plaatsen is niet voldoende, maar wel een grote stap in de goede richting, zegt professor Devlieghere.

"Loon mag niet bepalen of kinderen al of niet naar opvang kunnen"

Dan de 'P' van prijs. 6.000 van de 10.000 extra plaatsen moeten inkomensgerelateerd zijn. Dat wil zeggen dat ouders betalen op basis van hun inkomen, en dat is niet voor elke ouder gelijk. "Een zeer goede zaak", zegt Devlieghere.

"Het mag niet afhangen van het loon van ouders of kinderen al dan niet naar de opvang kunnen. We zien dat bijvoorbeeld in Brussel ouders op sommige plaatsen die niet inkomensgerelateerd zijn, 1.000 euro moeten betalen. Voor veel ouders is dat onbetaalbaar."

Kinderopvang zou een basisvoorziening moeten zijn, zoals de kleuterschool.

Jochen Devlieghere, professor gezinspedagogiek en expert kinderopvang

"We zien ook in onderzoek dat de kwaliteit van die inkomensgerelateerde opvang ook iets hoger scoort. Ze krijgen meer subsidies en daardoor kunnen ze meer investeringen doen in pedagogische ondersteuning."

Die inkomensgerelateerde plaatsen kosten de belastingbetaler geld, maar volgens Devlieghere moeten we dat in een breder plaatje zien. "Kwaliteitsvolle kinderopvang doet ertoe. In de kinderopvang ontdekken kinderen de wereld, worden ze er deel van. Het zou een basisvoorziening moeten zijn, zoals de kleuterschool. In vele andere landen is dat trouwens het geval."

Personeel? "De zwakke plek van het hele plan"

De 'P' van personeel noemt Devlieghere de zwakke plek in het plan van de Vlaamse regering. "Het is onduidelijk hoe men het personeel wil aantrekken. Er wordt wel gesproken over personeel in de inkomensgerelateerde opvang dat meer zal verdienen, maar je zit echt met structurele problemen."

Om personeel te kunnen aantrekken, moet je kijken naar het loon. "Een tijdje geleden waren kinderbegeleiders het slechtst betaalde beroep in België, terwijl zij net met die kinderen aan de slag gaan en dus een grote verantwoordelijkheid hebben."

"Er komen wel maatregelen, maar die zijn onduidelijk. Gaan begeleiders nu echt meer verdienen of niet? En dan moet je ze ook nog kunnen behouden, want we zien dat er veel uitval is. Er wordt dan gekeken om de graduaatsopleidingen te professionaliseren. Maar ik vrees dat het op dit moment allemaal nog onvoldoende is."

Drietrapsraket

De Vlaamse regering wil tegen 2027 naar een ratio van 7 kinderen per begeleider, nu is dat 9. "We zitten op koers, zegt de minister, maar het is voor mij niet duidelijk wat die koers dan precies is", aldus Devlieghere.

Ik mis een mastervisie over hoe de regering naar een ratio van 1 begeleider voor 7 kinderen wil geraken

Jochen Devlieghere, professor gezinspedagogiek en expert kinderopvang

"De verlaging van de ratio is hoogstnoodzakelijk. Eigenlijk is 1 begeleider voor 7 kinderen nog te veel, we zien dat vanaf 1 begeleider per 5 kinderen de kwaliteit zakt. Maar dat vraagt nog meer personeel natuurlijk. Daar mis ik eigenlijk een mastervisie over, hoe men daar wil raken."

Devlieghere heeft het over een drietrapsraket van maatregelen die tegelijk zouden moeten worden genomen. "Je moet de werkdruk verlagen door de ratio naar beneden te halen. Je moet de lonen verhogen om het beroep aantrekkelijker te maken. En je moet doorgroeimogelijkheden creëren om mensen te houden. Niet evident, maar wel noodzakelijk."

Meer weten over

Meest gelezen

  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5

Lees ook

  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"