Sinds de lancering van de nieuwe beeldgenerator van OpenAI veroveren Japanse animatiefiguren het internet. De afbeeldingen zijn gegenereerd door artificiële intelligentie, en doen (heel) sterk denken aan het werk van de Japanse filmstudio Studio Ghibli. Terwijl gebruikers vrolijk afbeeldingen blijven genereren, weerklinkt ook kritiek: maakt OpenAI zich schuldig aan intellectuele diefstal?
AI-beelden van Studio Ghibli veroveren het internet, is de hype wel zo onschuldig? "We betalen de ware prijs niet"
Wie zich de afgelopen dagen op de sociale media heeft begeven, heeft het waarschijnlijk opgemerkt: veel tijdlijnen, feeds en grids staan bol van de Japanse animatiefiguren. Gebruikers hebben zich en masse laten omtoveren tot een animatiefiguurtje in de stijl van Studio Ghibli. Die Japanse filmstudio heeft een zeer kenmerkende tekenstijl, en kan je kennen van klassiekers als Spirited Away en Howl’s Moving Castle.
Die tsunami aan Ghibli-afbeeldingen is veroorzaakt door OpenAI, het bedrijf achter ChatGPT. Vorige week werd daar het allernieuwste model online gegooid en dat maakte meteen indruk. Ook op Andries Rosseau, die aan de VUB doctoreert over artificiële intelligentie.
"Dit nieuwe model is van in het begin getraind om vlot om te gaan met zowel tekst als afbeelding", vertelt Rosseau. "Het model begrijpt beter wat exact gevraagd wordt. Als je vroeger vroeg om een afbeelding te genereren, en daarbij een lijst gaf van 15 objecten, dan had je al geluk als je 5 of 6 van die objecten te zien kreeg. De afbeeldingen die dit model maakt, zijn veel preciezer."
Dat laat het internet zich geen twee keer zeggen: de nieuwe beeldgenerator heeft meteen een nieuwe hype beet. Dat gebruikers net aan de slag zijn gegaan met de stijl van Studio Ghibli is een (on)gelukkig toeval. Evengoed werden we nu overspoeld door Sesamstraat- of South Park-versies van onszelf. "Het is vooral een heel herkenbare en iconische stijl", vertelt Rosseau. "Mensen vinden het leuk om anderen in die stijl te zien, en stappen dan mee in de hype."
Minder toevallig: OpenAI-topman Sam Altman ging zelf ook aan de slag, en veranderde zijn profielfoto op X ook in een eigen Ghibli-versie van zichzelf. Het ultieme zetje dat de trend helemaal op kruissnelheid bracht, maar misschien ook wel de ultieme middelvinger was naar de tekenaars van Studio Ghibli.
Een AI-model kan immers enkel output leveren als het ook voldoende input krijgt. Daar wringt het schoentje. De afbeeldingen die ChatGPT aflevert zijn zo accuraat dat het bijna niet anders kan dan dat het model heeft kunnen trainen met de originele Studio Ghibli-films. Helemaal zeker zijn we daar niet van.
Trainingsdata
"Dat is natuurlijk de vraag van 1 miljoen bij OpenAI", beaamt Prof. Dr. Rob Heyman. Hij is directeur van het Kenniscentrum Data & Maatschappij aan de VUB en doet onderzoek naar AI. "Op welke data hebben ze zich gebaseerd? Anime (Japanse animatiestijl, red.) is hoe dan ook fantastisch bronmateriaal, door de veelheid van beschikbare beelden. Maar OpenAI geeft niet vrij waarop ze zich hebben gebaseerd."
"Dat Sam Altman zijn profielfoto op die manier aanpast is op z’n minst opvallend te noemen", vertelt Rosseau. "Ik zou persoonlijk toch voorzichtiger zijn met het tentoonspreiden van de mogelijkheden."
Ironisch genoeg is het net Hayao Miyazaki, mede-oprichter van Studio Ghibli, die zich enkele jaren terug al eens laatdunkend zou hebben uitgelaten over generatieve AI. Terwijl het internet wordt overgenomen door AI-gegenereerde Ghibli-content, circuleert ook een video waarop Miyazaki zijn afkeuring laat blijken over kunst die wordt gemaakt door machines.
Vage wetgeving
Wat de makers er ook van denken, veel kunnen ze er op dit moment niet tegen in brengen. AI-bedrijven zijn niet verplicht om vrij te geven waarop hun modellen worden getraind, en intussen wijzen ze gebruikers zelf de weg naar de achterpoortjes. "Wie vraagt naar een afbeelding in Lego-stijl zal bijvoorbeeld als respons krijgen dat dat niet kan door auteursrechten", vertelt Heyman. "Meteen volgt dan ook de vraag of er een afbeelding moeten worden gegenereerd van een plastic mannetje dat er toevallig heel erg uitziet als Lego."
De grote spelers tonen weinig motivatie om zich aan te passen, het zal van de wetgeving moeten komen
Andries Rosseau, doctoraatsstudent VUB
"De wetgeving is wat dat betreft nog vrij vaag", beaamt Rosseau. "Maar de grote spelers tonen weinig tot geen motivatie om zich aan te passen, dus het zal van de wetgeving moeten komen."
Volgens Heyman kan er een kans liggen bij de Europese AI-act, die sinds augustus vorig jaar geleidelijk wordt uitgerold. "Foundational models (een AI-model dat heeft kunnen trainen op grote hoeveelheden data, red.) zouden zo uiteindelijk een aparte categorie krijgen, waardoor ze hun bronnen zouden moeten vrijgeven."
"Maar OpenAI blijft natuurlijk een Amerikaans bedrijf, de vraag is of die zullen luisteren naar wat Europa beslist. Zeker nu Donald Trump er aan de macht is, in wiens beleid ethiek niet van tel lijkt. Hij heeft zich alleszins al sterk gemaakt dat hij niet wil meedoen aan die Europese regelneverij."
In de VS en de UK gaan er stemmen op om beschermde werken vrij te mogen gebruiken. Het is de wereld op zijn kop.
Prof. dr. Rob Heyman, directeur Kenniscentrum Data & Maatschappij VUB
Artiesten die het gevoel hebben dat hun werk ten onrechte is gebruikt om AI-modellen te voeden, blijven voorlopig dus machteloos achter. "De bewijslast ligt bij de houder van de rechten, maar je kan het gewoon niet bewijzen", vertelt Heyman.
"Komt daar nog bovenop dat zowel in het Verenigd Koninkrijk als in de Verenigde Staten intussen stemmen opgaan om beschermde werken vrij te mogen gebruiken, omdat er anders niet genoeg data is om AI te trainen. Het is de wereld op zijn kop."
Ware prijs
"We betalen nu alleszins niet de ware prijs van generatieve AI", meent Heyman. "Mensen die nu een Ghibli-afbeelding maken, zouden eigenlijk een soort van vergoeding moeten geven aan de oorspronkelijke makers."
Als we het hebben over ware prijs: ook voor het immense energieverbruik betalen we niet. "We weten absoluut niet hoe OpenAI aan die enorme vraag voldoet", vertelt Heyman. "Waar staan die servers? Draaien die op diesel of op zonne-energie? We hebben geen flauw idee."
Wie zichzelf graag in de wereld van Ghibli waant, staat dus beter ook even stil bij de milieu-impact van de zoekopdracht. "We zijn hier als het ware een halve liter water per vraag aan het verspillen", aldus Heyman. "We hebben echt nog geen idee van de exacte energie-impact. Daar moeten we ons bewust van zijn."
"Bedrijven als OpenAI verkopen deze modellen als een tool waarmee creatievelingen aan de slag kunnen als inspiratie. Het zou hun werk kunnen verrijken, maar dat lijkt me toch vooral een niche te worden. Daartegenover staat de stortvloed aan afbeeldingen die weinig waarde zullen genereren voor de wereld, maar die wel energie zullen slurpen", besluit Rosseau.


