NASA-astronaut Barry Wilmore, die samen met zijn collega Sunita Williams noodgedwongen 286 dagen in het ISS verbleven, vindt zichzelf deels verantwoordelijk voor wat er misliep in de ruimte. Dat zei hij tijdens een 1e persconferentie sinds hun thuiskomst. Ondanks alles, zeggen de astronauten dat ze nooit het gevoel hadden dat ze achtergelaten waren. Ze zouden zelfs opnieuw een ruimtevlucht met de Starliner-ruimtecapsule van Boeing maken.
Commandant Starliner-missie neemt deel van schuld op zich, nadat hij en collega maandenlang in ISS moesten blijven
Op 5 juni 2024 vertrokken de Amerikaanse astronauten Sunita Williams en Barry Wilmore met een Starliner, een ruimtecapsule van het Amerikaanse lucht- en ruimtevaartbedrijf Boeing, naar het internationale ruimtestation ISS.
Hoewel het niet de bedoeling was dat ze daar lang zouden blijven, zijn ze pas sinds 18 maart opnieuw veilig en wel op aarde. Door problemen met de Starliner waarmee het duo naar de ruimte reisde, besloot de Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA om de capsule uit veiligheidsoverwegingen leeg te laten terugkeren naar de aarde.
Het verhaal van de 2 'gestrande' astronauten kreeg veel aandacht, maar dat hadden Williams en Wilmore zelf niet verwacht.
"Dit was zeker niet wat we gepland hadden. Maar omdat we binnen de bemande ruimtevaart werken, bereiden we ons voor op allerlei onvoorziene omstandigheden. Dit was een hobbelig parcours. Je weet natuurlijk nooit wat er zal gebeuren", aldus Wilmore in een 1e persconferentie.
De astronauten vertelden ook dat ze zich nooit verwaarloosd of achtergelaten voelden, hoewel de Amerikaanse president Donald Trump beweerde dat de regering-Biden de astronauten opzettelijk aan hun lot had overgelaten. Williams en Wilmore zeiden dat ze zich vooral bezighielden met de taken die ze in het ISS kregen. "We waren gewoon gefocust op wat we deden en probeerden deel uit te maken van het team", zei Williams.
"We zijn hier allemaal verantwoordelijk voor"
Wilmore, de commandant van de Starliner-missie, neemt ook een deel van de schuld op zich. "Ik zal als eerste met de vinger wijzen en mezelf de schuld geven", zei hij. "Ik had meer vragen kunnen stellen en de antwoorden op die vragen hadden het tij kunnen keren. Maar we zijn hier allemaal verantwoordelijk voor, iedereen die hieraan meegewerkt heeft."
Williams en Wilmore zitten binnenkort samen met Boeing om de vlucht en de problemen te bespreken. "Maar we willen niet met de vinger wijzen", zei Wilmore. "We willen gewoon alles ophelderen, zodat we vooruit kunnen."
"We willen hier niet op blijven terugkijken en een schuldige aanwijzen, maar net vooruitkijken met de ingesteldheid: 'Laten we de toekomst nog productiever en beter maken.' Dat is mijn visie en ik denk dat de hele natie er ook zo naar zou moeten kijken."
Beide astronauten gaven ook aan dat ze opnieuw in de Starliner zouden stappen. "Want we gaan alle problemen die we tegenkwamen oplossen. We gaan ervoor zorgen dat het werkt", besloot Wilmore, die "in een oogwenk" opnieuw naar de ruimte zou gaan.

