Het plan van de regering-De Wever om de duur van werkloosheidsuitkeringen te beperken tot maximaal 2 jaar zou meer dan 100.000 mensen kunnen treffen. Dat blijkt uit cijfers van minister van Werk Clarinval (MR) die de krant De Standaard heeft opgevraagd. Waar wonen die mensen vooral? En wat gebeurt er als ze geen uitkering meer krijgen?
Werkloosheidsuitkering beperken in tijd zou 100.000 Belgen kunnen treffen: waar wonen zij? En wat gebeurt er met hen?
1. Hoe ziet dat plan voor de beperking van de werkloosheidsuitkeringen in de tijd er ook weer uit?
Volgend jaar een dikke 900 miljoen euro en tegen 2029 zelfs al 1,9 miljard euro: op die besparing rekent de federale regering door de duur van de werkloosheidsuitkeringen te beperken tot maximaal 2 jaar. Dat is voor alle duidelijkheid nog maar een plan, concrete wetteksten zijn er nog niet. Maar minister van Werk David Clarinval (MR) maakt zich sterk dat die nog voor de zomer aan het parlement voorgelegd kunnen worden.
Het regeerakkoord en de recente beleidsverklaring van Clarinval geven wel al meer inzicht in hoe dat in de praktijk in zijn werk zou gaan. Belangrijk is bijvoorbeeld dat niet alle werklozen getroffen worden. Ben je ouder dan 55 en heb je genoeg gewerkt (volgens het regeerakkoord: minstens 30 jaar van elk minstens 156 dagen), dan wordt je uitkering niet beperkt in de tijd.
Daarnaast hangt de duur van je uitkering ook af van hoeveel je in de voorbije jaren gewerkt hebt. Wie een jaar heeft gewerkt in de 3 voorbije jaren heeft recht op een werkloosheidsuitkering van een jaar. Elke schijf van 4 extra maanden werken geeft dan recht op een bijkomende maand uitkering. Wie 5 jaar gewerkt heeft, krijgt recht op de maximale duur van een werkloosheidsuitkering: 2 jaar.
2. Hoeveel mensen zouden volgens die criteria vandaag hun uitkering verliezen?
Het kabinet van Clarinval vroeg bij de RVA de cijfers op hoeveel 18- tot 55-jarigen er momenteel zijn die al meer dan 2 jaar werkloos zijn. Van de 319.000 werklozen in ons land zijn dat er exact 100.102. Ongeveer de helft van hen is eigenlijk al meer dan 5 jaar werkloos.
Bijna de helft van die 100.000 werklozen - 46.580 mensen om precies te zijn - woont in Wallonië (van wie 381 in de Duitstalige gemeenschap). Ongeveer een kwart komt uit Brussel en nog eens een kwart uit Vlaanderen.
De gemeenten met de hoogste percentages werklozen die hun uitkering zouden kunnen verliezen, liggen voornamelijk in Brussel: Sint-Gillis (3,29 procent), Sint-Joost (2,98 procent), Vorst (2,83 procent), Molenbeek (2,62 procent), ... Ook Waalse steden en gemeenten als Quievrain (2,3 procent), Luik (2,23 procent) en Charleroi (2,14 procent) staan vrij hoog in die lijst. De eerste Vlaamse gemeente daar? Blankenberge, op plaats 79 (1,19 procent).
Opvallend nog: in ons land zijn er 15.819 mensen (onder de 55 jaar) al meer dan 10 jaar werkloos. En 1.952 mensen zijn dat zelfs al meer dan 20 jaar.
De RVA waarschuwt wel dat de cijfers niet per se willen zeggen dat al die mensen hierboven sowieso hun uitkering zouden verliezen met de nieuwe maatregel, omdat er nog te weinig details bekend zijn over de criteria en eventuele uitzonderingen.
3. Wat als al die mensen effectief hun uitkering zouden verliezen?
Minister Clarinval verwijst daarvoor naar een evaluatie die ooit gemaakt is door de regering-Di Rupo. Hij gaat ervan uit dat een derde van de werklozen die hun uitkering verliezen weer aan het werk gaat. "Er zijn 170.000 jobs beschikbaar vandaag. Die mensen kunnen werken. Enkel de activering ontbreekt."
Nog eens een derde zou volgens Clarinval uit de statistieken verdwijnen omdat ze bijvoorbeeld een andere bron van inkomsten hebben en het laatste deel zou bij het OCMW gaan aankloppen voor een leefloon. "De federale regering voorziet daarom 400 miljoen euro als steun voor de OCMW's", aldus Clarinval.
Wim Van Lancker, professor sociaal werk en sociaal beleid aan de KU Leuven, trekt daarbij eens een wenkbrauw op. "We weten uit internationaal onderzoek dat, wanneer je een uitkering stopt, inderdaad een deel van die mensen instroomt in werk. Maar dat is dan vaak in jobs die niet goed betaald worden of van lage kwaliteit zijn. Die mensen belanden vaak zeer snel weer in werkloosheid. Dat effect zou dus van korte duur kunnen zijn. Het is een soort draaideuroperatie."
Ik denk dat de regering zich rijk rekent. De besparing zal waarschijnlijk wat magerder uitvallen dan men nu inschat
Wim Van Lancker, professor sociaal werk en sociaal beleid aan de KU Leuven
En waar gaan die mensen naartoe die volgens Clarinval 'uit de statistieken verdwijnen'? "Die 'andere inkomsten' waarvan sprake, is een zeer optimistische inschatting", vindt Van Lancker. "Het zou even goed kunnen dat dat mensen zijn die volledig van de radar verdwijnen, niet meer de nodige ondersteuning krijgen en dus ook niet meer geactiveerd kunnen worden."
"Bovendien weten we dat een deel van de mensen die langdurig werkloos zijn eigenlijk arbeidsongeschikt zijn. Dus je kunt ook verwachten dat een deel van die mensen gaat doorstromen naar de ziekteverzekering. Ik denk dus dat de regering zich rijk rekent. De besparing zal waarschijnlijk wat magerder uitvallen dan men nu inschat."


