De jeugdrechtbank in Hasselt heeft 2 jongeren een berisping gegeven voor de brand van 10 op 11 augustus 2019 in een leegstaand winkelcomplex in Beringen. Daarbij kwamen 2 brandweermannen om het leven. Hun ouders moeten wel een deel van de schadevergoeding betalen van 580.000 euro. De rechtbank oordeelde dat ze in gebreke zijn gebleven in de opvoeding.
2 jongeren krijgen van jeugdrechtbank berisping voor brand in Beringen waarbij 2 brandweermannen het leven lieten
In de nacht van 11 augustus 2019 woedde een hevige brand in een leegstaand handelspand op de Koolmijnlaan in Beringen. Verschillende brandweerkorpsen kwamen ter plaatse, maar op een bepaald ogenblik liep het mis. Er ontstond een "flashover", een plotse ontbranding van hete gassen met een ontploffing. 2 brandweermannen van het korps van Heusden-Zolder overleefden de brand niet. Een derde liep zware brandwonden op.
Al snel blijkt dat er sprake was van brandstichting. De zaak zat lang vast, pas 3 jaar na datum konden de 3 brandstichters gevat worden. 2 van hen waren minderjarig op het ogenblik van de feiten, 1 verdachte was 18. Hij werd veroordeeld, maar de rechter in beroep gaf hem later volledig uitstel van straf. Hij moest dus niet naar de gevangenis. De 2 jongemannen die op het ogenblik van de feiten minderjarig waren, krijgen nu dus enkel een berisping.
De rechtbank wenste een ander signaal te geven dan een berisping, maar kan niet anders door een oude wet van 1965
"De rechtbank wenste een ander signaal te geven, maar kan niets anders doen dan enkel een berisping geven", zegt Luc De Cleir van de Hasseltse rechtbank. "Dat heeft te maken met een oude wet uit 1965 die zegt dat maatregelen maar mogelijk zijn tot aan de 20ste verjaardag. Die zijn we ondertussen voorbij, dus de rechtbank kon niet anders. Ondertussen is de wet wel veranderd en is die grens op de 23ste verjaardag gelegd."
Ouders verantwoordelijk voor feiten van hun kinderen
De ouders zijn mee aansprakelijk gesteld, zodat ze met hun verzekeraar mee opdraaien voor de schadevergoeding van minstens 580.000 euro aan 17 burgerlijke partijen.
"De ouders zijn mee veroordeeld omdat de rechtbank van oordeel is dat ze in gebreke zijn gebleven in de opvoeding", zegt De Cleir. "De wetgever zegt dat wanneer minderjarigen dergelijke daden stellen, dat er dan een vermoeden is van aansprakelijkheid van de ouders. Dat draait dan rond een gebrek in de opvoeding of in het toezicht."
"Het is aan de ouders om de rechtbank ervan te overtuigen dat ze het wel goed hebben gedaan", gaat De Cleir verder. "Maar de rechtbank is van oordeel dat de ouders dat niet hebben bewezen en dat er bij de kinderen een totaal gebrek aan respect is voor de eigendom van anderen en een gebrekkig normbesef. Dat is een bewijs dat de ouders in gebreke zijn gebleven in de opvoeding." De ouders worden dus burgerlijk verantwoordelijk gesteld voor de feiten gepleegd door hun kinderen.
Regionaal nieuws uit Limburg


