In Limburg zijn vorig jaar 2.449 everzwijnen afgeschoten. Dat blijkt uit cijfers van het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek. In Vlaanderen gaat het om 3.295 afgeschoten dieren. Drie vierde van alle afgeschoten everzwijnen komen dus uit Limburg. Zowel in Vlaanderen als Limburg is het aantal licht gedaald. In het Leuvense en Vlaams-Brabant blijft de populatie sterk groeien. Naast de gebruikelijke aanzitjachten, worden de dieren steeds vaker gevangen in kooien.
Vorig jaar 3 keer zoveel everzwijnen neergeschoten in Limburg als in de rest van Vlaanderen
De cijfers liegen er niet om. Het Vlaamse everzwijn voelt zich nog steeds het meest thuis in de provincie Limburg. In 2024 werden er 2.449 afgeschoten, ongeveer 300 dieren minder dan het jaar daarvoor. Ook in Vlaanderen daalt het aantal afgeschoten dieren.
Wie kijkt naar afzonderlijke gemeenten, ziet dat Houthalen-Helchteren de kroon spant met 230 everzwijnen, gevolgd door Beringen (184) en Voeren (176). In Haspengouw zijn nog enkele gemeenten waar nauwelijks, of zelfs helemaal geen everzwijnen worden afgeschoten of gevangen.
Binnen Limburg vertoeven de everzwijnen dus liever in het midden en noorden van de provincie. "Dat valt eenvoudig te verklaren door het aanwezige bosgebied", zegt onderzoeker Jim Casaer van het INBO. "De everzwijnen verkiezen de typische grote bosgebieden zoals de nationale parken Hoge Kempen en Bosland. In het zuiden zit je in Haspengouw en open landbouwlandschap. Daar ontbreekt dat bosgebied."
Willen de dalende jachtcijfers dan ook zeggen dat de populatie en bijhorende overlast onder controle is? "Dat is moeilijk", vertelt onderzoeker Jim Casaer van het INBO. "We kunnen met zekerheid zeggen dat er minder everzwijnen geschoten zijn. We komen uit een periode waarin de populatie sterk is toegenomen."
Voeding als grote verklaring
De cijfers piekten in 2021. Toen werden in Vlaanderen meer dan 3.459 everzwijnen afgeschoten. Meer dan 3.000 van de dieren kwamen toen uit Limburg. Casaer verwacht dat de aantallen zullen blijven schommelen. "Dat is 3 à 4 jaar geleden begonnen. Die pieken en dalen zien we ook in buitenlandse gebieden waar de dieren al langer zitten."
Logischerwijs heeft alles te maken met de beschikbare voeding. "In een mastjaar zijn er veel beukennootjes en eikels aanwezig. Dan planten meer everzwijnen zich voort. Het gevolg is hogere afschotcijfers het jaar nadien. Als er in een jaar minder eten is, dan ligt het afschot het volgende jaar lager."
Leuven Limburg achterna
Toch vallen er regionale verschillen op te merken. "Ondanks de schommelingen, blijft het grootste aandeel afgeschoten dieren uit Limburg komen. Dat is logisch, want de dieren zitten daar het langst", vertelt de onderzoeker.
Toch zijn er ook gebieden met sterke stijging. "We zien wel dat andere gebieden, zoals het Leuvense en Vlaams-Brabant, zich op hetzelfde punt bevinden als Limburg 10 jaar geleden. Daar stijgt het aantal geschoten dieren nog wel zeer snel. Dat is gewoon een verhaal van koloniseren. De dieren hebben enkele jaren nodig om nieuw gebied te verkennen. Wanneer ze er gesetteld zijn, schiet de populatie de hoogte in."
Steeds vaker in kooien gevangen
De aandachtige lezer valt nog een trend op. Hoewel de aanzitjacht, waarbij jagers op een verhoging zitten en wachten tot het wild binnen schietafstand komt, veruit de meest gebruikte methode blijft, zit de kooijacht opnieuw erg in de lift. In 2024 werden in Vlaanderen 550 everzwijnen in kooien gelokt. In 2022 waren dat er nog maar 23.
"Dat is een rechtstreeks gevolg van het feit dat faunabeheerder Agentschap voor Natuur en Bos de kooien vaker inzet", weet Casaer. "Er zijn proefprojecten geweest in Genk en andere verstedelijkte gebieden. Ondertussen is er ook een systeem op poten gezet waarbij mensen de kooien kunnen lenen. Die methode wordt nog maar enkele jaren toegepast."
De kooien kan je lenen bij Agentschap Natuur en Bos (ANB). Zij mikken vooral op bedrijven en landbouwers die kampen met overlast door everzwijnen. Sinds juli 2023 zijn er 8 keer kooien uitgeleend, waarvan 7 keer in Limburg.
Aan de uitleenbeurt hangen wel strenge voorwaarden. Zo moet de locatie geschikt zijn. "Het is echt een aanvullende jachtmethode naast onze eigen jacht en faunabeheer", vertelt Frank Van Swalm van ANB. "We moeten zeker weten dat de kooi professioneel wordt ingezet. De lener is verantwoordelijk voor het beheer en opvolgen van de kooi. Ze moeten er ook voor zorgen dat het gevangen dier volgens alle regels van Dierenwelzijn wordt gedood."
Regionaal nieuws uit Brussel en Vlaams-Brabant


