Naar hoofdinhoud
Als de lente komt, dan plukt de burgemeester tulpen uit ... Berendrecht.

Zo Hollands is het Antwerpen van 'Nederlands' burgemeester Els van Doesburg (N-VA) 

Met Els van Doesburg (N-VA) heeft Antwerpen voor het eerst een burgemeester die geboren is in Nederland. De Scheldestad heeft historisch een bijzonder nauwe band met Nederland. Van orangist tot dagjestoerist: wij schetsen de oranje draad tussen Antwerpen en zijn noorderburen.

Dennis van den Buijs
Gepubliceerd:

Antwerpen is de meest Nederlandse stad van heel het land. Dat zeggen alle cijfers ondanks de haat-liefdeverhouding van de sinjoren met hun noorderburen. In 2024 bezochten ruim 7 miljoen Nederlanders de stad als dagtoerist, nog eens een miljoen bleef er overnachten. Geen enkele andere kunststad in ons land kleurt zo oranje. Maar niet alle Nederlanders keren na hun trip terug naar huis.

Toen ik 10 was verhuisden we van Nederland naar Schilde bij Antwerpen

Els van Doesburg (N-VA), waarnemend burgemeester van Antwerpen

Volgens de meest recente bevolkingscijfers  wonen er in de stad 20.590 Nederlanders op een totaal van 565.709. Dat is evenveel als het inwoneraantal van een modale Vlaamse gemeente, maar dan wel een waar enkel'Ollanders' wonen. De Nederlanders zijn in de stad Antwerpen afgetekend de grootste groep buitenlandse inwoners, op afstand gevolgd door Marokkanen (11.700) en Oekraïeners (10.642). 

Eén van die Antwerpse Nederlanders is waarnemend burgemeester Els van Doesburg (N-VA). Zij is geboren in het Nederlandse Soest nabij Utrecht en heeft de dubbele Belgisch-Nederlandse nationaliteit.

"Ik heb tot mijn 10e in Nederland gewoond. Daarna ben ik naar Schilde verhuisd, een echte Nederlandse kolonie rond Antwerpen", zo zei Van Doesburg zelf 4 jaar geleden op Radio2. "Ik ging naar school in Westmalle en later naar de Universiteit in Antwerpen. Na mijn studies ben ik in de stad blijven wonen."

Els van Doesburg is de eerste Antwerpse burgemeester die in Nederland geboren is. Toch blijkt de Scheldestad historisch meer dan verbonden met haar noorderburen. Hieronder kom je meer te weten over Hollandse paleizen, Antwerpse orangisten, het Wilhelmus en nog veel meer Nederlandse links met Antwerpen. 

Hollands salon op de Meir

De duizenden shoppende Nederlanders op de Meir zullen niet beseffen dat in diezelfde winkelstraat een historisch Hollands salon ligt. Dat bevindt zich in het Paleis op de Meir dat van 1815 tot 1830 eigendom was van Willem I, koning van het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden. Tijdens die 15 jaar vormden het huidige België, Nederland en Luxemburg één staat.

Het Paleis op de Meir met Hollands Salon achter de ramen rechts op de eerste verdieping.

In de "Zaal der 17 provinciën" op de eerste verdieping wordt het roemrijke verleden van de dynastie van Oranje afgebeeld. De verfraaiingen vonden plaats vanaf 1829 in opdracht van Koning Willem I naar een ontwerp van de Antwerpse kunstenaar Van Brée.

In de kamer vind je reliëfs, plafondschilderingen en medaillons met de beeltenis van onder meer Willem van Oranje en belangrijke figuren uit de Nederlandse Gouden Eeuw. Het versierde salon zou dienen als ontvangstruimte voor gasten van de Nederlandse vorsten in Antwerpen. Maar de historische schikgodin houdt van ironie.

Reliëf over het bezoek van Peter de Grote aan Zaandam.

Het Hollandse salon was pas klaar in de zomer van 1830, amper een maand voor de revolutie uitbrak die zou leiden tot de Belgische onafhankelijkheid en de afscheiding van Nederland. De zaal heeft dus nooit dienst kunnen doen.

Ten tijde van de Belgische omwenteling verbleef de Nederlandse kroonprins Willem (de latere Willem II) kort in het Antwerpse paleis voor hij naar Londen vluchtte.

Detail van het Hollands salon.

De Hollandse zaal overleefde als bij wonder de militaire schermutselingen in de stad. In oktober 1830 waren er zelfs gevechten tot op de Meir tussen Belgische patriotten en het Nederlandse leger.

De Nederlanders zouden daarna de stad bombarderen met kanonschoten vanop de Schelde en de intussen afgebroken Spaanse citadel, op het Zuid. De Nederlandse troepen zouden er pas 2 jaar later verdwijnen na een 25 dagen durend beleg door de Fransen.

Prent door tijdsgenoten van het Nederlandse bombardement op Antwerpen in 1830.

Toen de Fransen in 1897 de Antwerpenaars een monument schonken om de 'bevrijding van de Nederlanders' dankzij de Fransen te vieren, en hun gesneuvelden te herdenken, weigerde het stadsbestuur categoriek. Het bewuste monument, inclusief opschrift 'Anvers', staat sindsdien in Doornik . De Antwerpse weigering had alles te maken met een nog steeds smeulend sentiment van liefde voor het noorden: het orangisme.

Heimwee naar Holland

Antwerpen was na de onafhankelijkheid van België in 1830 een stad vol orangisten. Mensen die betreurden dat België onafhankelijk was geworden van de noordelijke Nederlanden. Ze wilden dat het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden bleef bestaan.

Er was een duidelijk orangistische Antwerpse adel die trouw gezworen had aan Willem I, maar vooral de rijke burgerij roerde zich.

De kapitaalkrachtige ondernemers zagen met lede ogen aan hoe de economische positie van Antwerpen verzwakt was in het jonge België. Onder de Oranjes was Antwerpen de grootste haven geworden van de Lage Landen, maar dat bleef niet duren. Na de revolutie sloot Nederland de Schelde af. Een mokerslag voor de haven en een zakelijk doodvonnis voor de bourgeoisie.

Bij die vroege Antwerpse orangisten zat ook de Antwerpse bankiers- en ondernemersfamilie Cogels. In 1841 trouwt John Cogels met barones Josephina Osy die heel wat gronden bezat in de wijk Zurenborg.

Daar zou later de Cogels-Osylei verrijzen vol zwierige stadspaleizen in neostijlen of art nouveau. Wie flaneert in de meest prestigieuze straat van Antwerpen kan dus nog steeds een zweem orangisme bespeuren.

Zicht op de Cogels-Osylei.

De sentimenten van de Antwerpse orangisten kort na 1830 waren zuiver economisch van aard en hadden niets met de Nederlandse taal te maken. Veel Antwerpse orangisten waren zelfs Franstalig. Pas in de tweede helft van de 19e eeuw zou de nieuwe Vlaamse beweging het orangisme omarmen vanuit een culturele reflex, een hunkering naar een unie van alle Nederlandstaligen.

Ter illustratie: in 1905 bij de vieringen van 75 jaar onafhankelijk België waren er in Antwerpen alternatieve festiviteiten die bovenal de verbondenheid met Nederland benadrukten. Die kwamen er onder impuls van de Antwerpse schrijver en flamingant Theodoor Van Ryswyck. 

Hollandse handboeken in Stedelijk Onderwijs

Het Stedelijk Onderwijs in Antwerpen is lange tijd zeer fel gericht geweest op Nederland. "Zo waren de schoolboeken afkomstig uit het noorden. Niet alleen in de begindagen van het jonge België, toen er nog onderwijzers waren die in Holland opgeleid waren. Ook diep in de 19e eeuw keek Antwerpen voor zijn lesmateriaal naar het noorden. Zelfs in het interbellum van de 20e eeuw kwamen de handboeken uit Nederland", zegt Els Witte, professor emeritus Belgische Geschiedenis aan de VUB. Zij publiceerde onder meer over het orangisme en het ontstaan van het jonge België.

De grondlegger van het Stedelijk Onderwijs in Antwerpen was ook een orangist: Florent van Ertborn. Hij was met zijn 33 net iets jonger dan Van Doesburg nu toen hij in 1817 burgemeester werd van Antwerpen. Van Ertborn zou dat blijven tot 1828. Hij voerde in Antwerpen het Nederlands in als bestuurstaal.

De eerste stadsschool opende hij in 1819 in de toenmalige Broodkapel aan de Keizerstraat. De kapel annex school is intussen afgebroken, maar het Mariabeeld van de gevel werd gered. Het hangt nog steeds in de Keizerstraat op het kruispunt met de Prinsesstraat als tastbare herinnering aan de eerste Antwerpse stedelijke school.

Van Ertborn weigerde na de verkiezingen van 1830 om de eerste Antwerpse burgemeester te worden in het onafhankelijke België. Daarvoor was hij te loyaal aan de Nederlandse koning Willem I, van wie hij nog kamerheer was geweest. 

De naam Van Ertborn leeft nog steeds voort in de naar hem vernoemde straat in de Antwerpse stationsbuurt, waar nu bioscoop UGC is.

Belgisch premier en Antwerps orangist

Eén van de meest uitgesproken orangisten in de hedendaagse politiek is ook een Antwerpenaar: de Belgische premier en titelvoerend Antwerps burgemeester Bart De Wever (N-VA). In meerdere interviews en speeches uitte De Wever zich als voorstander van de Groot-Nederlandse gedachte waarin alle Nederlandstaligen ook één staatkundige natie zouden vormen.

"Waren we nog maar één land" , zei De Wever in 2021 toen hij Mark Rutte, de toenmalig Nederlands minister-president, in Antwerpen verwelkomde. Tijdens diezelfde toespraak vermeldde De Wever dat ook zijn vrouw de Nederlandse nationaliteit heeft. "Dus ook mijn kinderen zijn van noordse origine", aldus de huidige eerste minister van België. 

De oranje das zou Bart De Wever ook dragen bij het bezoek van het Nederlandse koningspaar in 2023.

De historische muze houdt andermaal van ironie, want vanuit Wetstraat 16 kijkt premier De Wever uit op het Brusselse Warandepark. De plek waar het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden in 1830 de facto ophield te bestaan toen de Nederlandse legers er de strijd tegen de Belgische revolutionairen verloren en de aftocht uit de hoofdstad bliezen.

Is het Wilhelmus Antwerps?

Elke fiere Antwerpenaar en zichzelf respecterend historicus weet dat de Amsterdamse Gouden Eeuw van de jaren 1600 onmogelijk was zonder de vele uitgeweken Antwerpenaars. Die kozen in 1585 na de Val van Antwerpen voor de economische, politieke of religieuze vlucht naar het vrije noorden.

De veelheid aan Antwerpse invloeden (Antwerps en geen Delfts blauw ) zou ons te ver leiden. Maar één verhaal verdient in deze context alle aandacht: een Antwerps burgemeester zou de schrijver zijn van de tekst van het Wilhelmus. Grote schoenen voor Van Doesburg om te vullen.

Filips van Marnix van Sint-Aldegonde was de Antwerpse buitenburgemeester van 1583 tot 1585. Hij was een vertrouweling van de Hollandse stadhouder Willem van Oranje die hem persoonlijk had aangeduid om Antwerpen te beschermen tegen de Spaanse legers.

Marnix was eerder secretaris van Willem van Oranje voor wie hij ook teksten schreef. Zo werd hij eeuwenlang aangeduid als tekstauteur van het Wilhelmus, het latere Nederlandse volkslied. 

Standbeeld van Marnix van Sint-Aldegonde en Willem van Oranje onthuld aan KMSKA Antwerpen 2012.

De laatste decennia twijfelen historici en taalwetenschappers openlijk aan het auteurschap van Marnix van Sint-Aldegonde. Recent onderzoek met AI en taalanalyse, van onder meer de UAntwerpen, wijst in de richting van de 16e-eeuwse Vlaamse gereformeerde dichter Peter Datheen.

Ondanks deze nieuwe inzichten is de mythe hardnekkig. De officiële Nederlandse canon  en het Nederlandse Koningshuis  noemen Marnix nog steeds als vermoedelijk auteur van het Wilhelmus. Geen fiere Antwerpenaar die zoveel protocol zal tegenspreken. 

Hollanders op het Schoon Verdiep

Els van Doesburg is niet de enige Nederlandse op het Schoon Verdiep van het Antwerpse stadhuis. In de wandelzaal pronken Koningin Juliana en Willem van Oranje op glasramen. De Nederlandse gemeenschap in Antwerpen schonk ze in 1964 uit dankbaarheid aan het stadsbestuur. De glasramen zijn van de hand van kunstenaar Joep Nicolas.

De werkdag van de nieuwe Antwerpse burgemeester krijgt dus letterlijk kleur dankzij de Nederlanders in haar stad.

De Nederlandse glasramen op het Schoon Verdiep.
LUISTER

Regionaal nieuws uit Antwerpen

Radio 2
Gepubliceerd:
3min

Meest gelezen

  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5

Wat schuilt er achter Go Church? En hoe komt het dat vooral kwetsbare minderjarigen hier slachtoffer van worden? VRT NWS Pano trok op onderzoek.

Lees ook

  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"