De schade aan een onderzeesekabel in de Oostzee tussen Zweden en Letland is niet het gevolg van sabotage. Dat zegt de Zweedse officier van justitie die het incident heeft onderzocht. De inbeslagname van het schip dat ervan verdacht werd betrokken te zijn bij de kabelbreuk is opgeheven.
Schade aan onderzeese kabel tussen Zweeds eiland en Letland is geen gevolg van sabotage, zegt Zweedse aanklager
Op zondag 26 januari werd schade ontdekt aan een onderzeese communicatiekabel tussen het Zweedse eiland Gotland en Letland in de Oostzee. De autoriteiten gingen uit van sabotage, en een schip dat ervan verdacht werd betrokken te zijn bij de kabelbreuk werd in beslag genomen.
Uit onderzoek van de Zweedse nationale Veiligheidsdienst, onder leiding van officier van Justitie Mats Ljungqvist, blijkt nu dat er toch geen sprake is van sabotage. "Na ondervragingen, inbeslagnames en onderzoeken op de plaats delict kunnen we met zekerheid zeggen dat dit geen geval van sabotage is", aldus Ljungqvist in een persbericht.
De schade aan de kabel zou wél veroorzaakt zijn door het schip dat in beslag werd genomen, maar dat zou dus niet opzettelijk gebeurd zijn. De Zweedse aanklager wijt het ongeluk aan "een combinatie van de weersomstandigheden en tekortkomingen in apparatuur en zeemanschap". De inbeslagname van het schip werd opgeheven.
De voorbije weken zijn al verschillende onderzeese datakabels in de Oostzee beschadigd. Westerse landen vermoeden dat het in de meeste gevallen gaat om sabotage door de zogeheten Russische schaduwvloot. De schade zou opzettelijk zijn veroorzaakt door de ankers van die schepen. De NAVO-landen hebben de patrouilles in het gebied opgevoerd.
