De zaakvoerders van een afvalverwerkend bedrijf uit Anzegem en een Antwerpse onderaannemer zijn veroordeeld voor onopzettelijke doding, mensenhandel, zwartwerk en oplichting. Aanleiding was een arbeidsongeval 5 jaar geleden waarbij een Bulgaarse werknemer omkwam. Het bedrijf gaat in beroep tegen de veroordeling.
Zaakvoerders Anzegems bedrijf veroordeeld nadat werknemer sterft bij ongeval in slechte werkomstandigheden.
Op 9 januari 2020 was het slachtoffer – een 30-jarige papa in spe – sorteerwerken aan het uitvoeren in een loods van een afvalverwerkingsbedrijf in Anzegem. Tijdens de werken kwam de Antwerpse Bulgaar onder de wielen van een verreiker terecht. Zijn twee collega’s sloegen alarm, waarna de zaakvoerster de hulpdiensten verwittigde. Maar alle hulp kwam te laat.
De arbeidsauditeur schetste een vernietigend beeld van het Anzegemse bedrijf. "Van een veiligheidsbeleid was geen sprake", stelde ze. "De remmen van die verreiker werkten niet naar behoren en die mannen hadden ook geen enkele opleiding gekregen."
Onopzettelijke doding en mensenhandel
Het slachtoffer en zijn collega’s bleken uitgestuurd door een Antwerpse onderaanneming, waarvan de zaakvoerder een man is met 40 veroordelingen in zijn strafregister. Hij werd samen met zijn echtgenote voor de rechtbank gedaagd. Net als de zaakvoerders van het Anzegemse bedrijf moesten ze zich niet enkel verantwoorden voor onopzettelijke doding, maar ook voor mensenhandel. Volgens het arbeidsauditoraat was er sprake van uitbuiting.
"De werksituatie was schrijnend", zei arbeidsauditeur Sofie Heyndrickx. “Die mensen werden daar gewoon gedropt, zonder dat ze gemeld werden bij de sociale zekerheid. Ze hadden geen enkel statuut, werden onderbetaald en konden zich tijdens hun pauze alleen opwarmen in hun eigen auto. Ze moesten heel snel doorwerken, want als het werk ’s avonds niet af was, kregen ze de bons."
Alle beklaagden schuldig
De verdediging ging voluit voor de vrijspraak. De advocaat van het Anzegemse bedrijf wees beschuldigend naar de Antwerpse onderaannemer die hij een "foefelaar" noemde. "Het was hij die instond voor de organisatie van zijn werknemers en ervoor moest zorgen dat zij veilig konden werken", aldus meester Stijn Dewolf. "Mijn cliënten valt niets te verwijten. Alles verliep via facturen en die werden altijd netjes betaald. Ik kan je garanderen dat ze een loon betaalden aan het Antwerpse bedrijf dat marktcomform is.
De rechtbank vond alle beklaagden over de hele lijn schuldig. Het Anzegemse bedrijf kreeg een geldboete opgelegd van 114.000 euro, waarvan de helft met uitstel. De zaakvoerders kregen elk een jaar celstraf met uitstel en een geldboete van 24.000 euro waarvan 6.000 effectief. De 2 zijn ook voor 5 jaar hun burgerrechten kwijt. De Antwerpse onderaannemer kreeg 37 maanden effectieve celstraf, een effectieve geldboete van 24.000 euro en 5 jaar ontzetting uit de burgerrechten. De rechtbank beval zijn onmiddellijke aanhouding. Zijn vrouw is mee veroordeeld en heeft een jaar cel met uitstel en een geldboete van 24.000 euro gekregen, waarvan 21.600 euro effectief. Ook zij is voor 5 jaar haar burgerrechten kwijt. Aan de burgerlijke partijen kende de rechtbank in totaal om en bij de 36.000 euro schadevergoeding toe.
Het bedrijf in Anzegem gaat in beroep tegen de veroordeling. In een reactie benadrukken ze dat ze nooit een verkeerde intentie gehad hebben, en nooit iemand zouden uitbuiten.
"Pas na het onderzoek leerden wij dat de aangestelde werkkrachten door de onderaannemer niet ingeschreven waren. Aangezien zij buitenlanders zijn, wordt dit 'oplichting in het sociaal strafrecht' en zelfs 'mensenhandel' genoemd. Het is zeer zwaar om dragen dat dergelijke termen op uw hoofd geplakt worden. Laat ons duidelijk zijn: zulke praktijken staan mijlenver van waar wij als mens en ons familiebedrijf voor staan", aldus nog de reactie van het bedrijf.
Het Anzegemse bedrijf voegt er nog aan toe dat ze vanaf nu alleen nog werken met werknemers die ze zelf in dienst genomen hebben, en niet meer met onderaannemers.
Regionaal nieuws uit West-Vlaanderen

