De bank Credit Suisse had honderden rekeningen die mogelijk verbonden waren aan nazi’s tijdens en na de Tweede Wereldoorlog. Dat blijkt uit nieuw onderzoek van advocaat Neil Barofsky. De bank hield mogelijk ook informatie achter bij eerdere onderzoeken naar de nazi-connecties.
Bank Credit Suisse had honderden rekeningen met mogelijke nazi-banden tijdens en na WOII
Het onderzoek werd nieuw leven ingeblazen nadat Credit Suisse in maart 2023 werd overgenomen door zijn Zwitserse rivaal UBS. Credit Suisse was in moeilijke papieren geraakt na de val van de Amerikaanse banken Silicon Valley Bank en Signature Bank.
300.000 meter archief
Het onderzoek wordt gecoördineerd door advocaat Neil Barofsky. Die werd in 2021 al eens ingehuurd door Credit Suisse om het onderzoek te overzien, maar werd toen ontslagen nadat de bank zijn onderzoek had proberen te beperken. Na de overname door UBS werd Barofsky opnieuw aangesteld.
Volgens UBS werken nu meer dan 50 mensen mee aan het onderzoek. En Barofsky kreeg ook toegang tot de privéarchieven van de bank. Alles samen is het materiaal goed voor 300.000 meter aan archief.
Zwarte lijst
Speciale aandacht van Barofsky en zijn team ging naar zo’n 3.600 dozen van het zogenoemde “Inf. Department”, een afdeling van Credit Suisse die informatie over klanten verzamelde. Dat schrijft hij in een verslag aan de Begrotingscommissie van de Amerikaanse Senaat, dat gisteren werd vrijgegeven.
Sommige van die klantenbestanden kregen een opvallende stempel: “Amerikanische schwarze Liste” of “Amerikaanse zwarte lijst”. Het gaat om een lijst die door de geallieerden werd bijgehouden, van personen en bedrijven die direct gefinancierd werden door de asmogendheden, of waarvan bekend was dat ze er regelmatig handel mee dreven.
Honderden rekeningen
In totaal heeft het onderzoek “enkele honderden rekeningen geïdentificeerd met mogelijke banden met nazi's die we nu verder onderzoeken, onder andere om vast te stellen welke rekeningen niet eerder zijn geïdentificeerd of eerder zijn ontdekt, maar niet door eerdere onderzoeken aan het licht zijn gekomen”, schrijft Barofsky.
Een Duitse fabrikant die veel gebruikmaakte van slavenarbeid uit concentratiekampen had een rekening bij Credit Suisse
Neil Barofsky, onderzoeker
In zijn rapport geeft de advocaat een paar voorbeelden. Zo is er sprake van “een Duitse fabrikant die veel gebruikmaakte van slavenarbeid uit concentratiekampen en een rekening had bij Credit Suisse die tijdens de oorlog werd geopend.”
"Een nazi die de leiding had over een bank die door de nazi's werd gebruikt om bezittingen van de lokale joodse bevolking te plunderen, had verschillende rekeningen bij Credit Suisse", klinkt het nog. Namen worden niet genoemd.
Tussenschakels
Barofksy onderzocht ook zogenoemde “rattenlijnen”: vluchtroutes van heel wat nazi’s na de Tweede Wereldoorlog. Hij vond rekeningen van een dertigtal individuen die gelinkt zijn aan die rattenlijnen, waaronder van personen die hielpen om oorlogsmisdadigers te laten vluchten na de oorlog.
“Daarnaast heeft het onderzoek ook rekeningen geïdentificeerd van honderden vermeende tussenpersonen die de nazi's hielpen om goud te verbergen, illegale transacties te camoufleren om oorlogsmateriaal te kopen, joodse bezittingen te plunderen, onder andere door joodse bedrijven te aryaniseren (joodse eigendommen overbrengen naar niet-joodse handen, red.), en in het algemeen de oorlogseconomie van de nazi's te ondersteunen”, schrijft Barofsky.
Eerdere onderzoeken
In de jaren 90 werden al meerdere onderzoeken uitgevoerd naar de manier waarop Credit Suisse omging met eigendommen van Holocaust-overlevers. Een eerste werd geleid door Paul Volcker, de voormalige voorzitter van de Amerikaanse centrale bank, een tweede door de Zwitserse historicus Jean-François Bergier.
Daaruit bleek bijvoorbeeld hoe de familie van joden die overleden in concentratiekampen, nadien moeilijk de eigendommen van hun familie kon opeisen bij de bank. Die praktijk wordt ook beschreven in het recente boek van financieel journalist Duncan Mavin: “Meltdown: geld, corruptie en schandalen: de spectaculaire ondergang van Credit Suisse”.
Na de onderzoeken in de jaren 90 betaalden Credit Suisse en UBS al een schikking van 1,25 miljard dollar na een groepsvordering in verband met slapende rekeningen gerelateerd aan de Holocaust, en de activiteiten van de banken tijdens de oorlog.
Info achtergehouden
Het nieuwe onderzoek van Barofsky toont tegelijk aan dat Credit Suisse informatie achterhield bij die onderzoeken in de jaren 90. Dat blijkt bijvoorbeeld uit een concrete case rond drie hooggeplaatste SS-officieren die een bankrelatie hadden met Credit Suisse.
“Documenten en verklaringen van getuigen wijzen erop dat Credit Suisse niet altijd informatie deelde met externe onderzoeken zoals de Volckercommissie en Bergiercommissie”, schrijft Barofsky. Credit Suisse zou namelijk meer info hebben gehad over de betrokken rekening, die wees in de richting van de SS.
Zo kon Barofsky de hand leggen op de interne reactie binnen Credit Suisse op de conclusies van Volcker. Die conclusies waren “nogal opgeschoond”, maar het “was beter om dat zo te laten”, klonk de interne reactie bij Credit Suisse.
“Meer in het algemeen is ons ook verteld dat Credit Suisses algemene benadering van de externe onderzoeken was om alleen informatie te delen waar specifiek om werd gevraagd en geen aanvullende informatie aan te bieden die bekend was bij de bank”, aldus Barofsky.
Schandaalsfeer
Credit Suisse kampte al langer met een slecht imago. Zo moest de vorige topman António Horta-Osório opstappen omdat hij afreisde naar Wimbledon terwijl hij vanwege corona in quarantaine had moeten zitten.
De bank stemde in 2022 in om 238 miljoen euro te betalen nadat Frankrijk had onderzocht of Credit Suisse klanten hielp om belastingen te ontwijken.
Een finaal rapport van Barofsky wordt begin 2026 verwacht.

