In Nieuw-Zeeland buigt een internationaal team van biologen zich over het karkas van een spadetandspitssnuitdolfijn die afgelopen zomer aanspoelde. Het is slechts het zevende gekende exemplaar ooit, en bovendien het best bewaarde. Aangezien eerdere exemplaren in erbarmelijke staat verkeerden, valt nog veel te leren over de soort.
"Meest verse exemplaar tot nu toe": wetenschappers wagen zich aan karkas van extreem zeldzame spadetandspitssnuitdolfijn in Nieuw-Zeeland
Er is zelfs nog nooit een levende spadetandspitssnuitdolfijn waargenomen. Al moet je dat wel met een korreltje zout nemen, zegt Jan Haelters, marien bioloog en walvisdeskundige van het Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen in De Wereld Vandaag.
"In het wild lijken de verschillende soorten spitssnuitdolfijnen allemaal een beetje op elkaar. Waarschijnlijk heeft er wel al ooit iemand zo'n dier gezien, maar niet herkend."
Vandaar dus dat dit aangespoelde exemplaar zo bijzonder is. "De eerste vondst dateert van het einde van de 19e eeuw. Toen is er een onderkaak gevonden van een onbekende diersoort."
"Vervolgens is die een hele tijd vergeten, tot zo'n 15 jaar geleden een 2de dier aanspoelde in Chili. Die heeft men toen een andere naam gegeven, omdat ze dachten dat het een nieuwe soort was. Later is dan ontdekt dat het om dezelfde soort ging."
Wetenschappers onderzoeken voor het eerst een spadetandspitssnuitdolfijn
Tanden als spades
De spadetandspitssnuitdolfijn hoort bij de familie van de spitssnuitdolfijnen. Dat zijn behoorlijk grote dolfijnen, groter dan de bekende tuimelaar bijvoorbeeld. Waarschijnlijk worden ze gemiddeld rond de 6 meter lang. Het dier dat nu gedissecteerd wordt, meet zo'n 5 meter.
"Het is dus een volwassen exemplaar", weet Haelters. "Dat kan je zien aan de tanden. De mannetjes hebben 2 tanden in de onderkaak. Die kunnen behoorlijk groot worden. Van deze specifieke soort heeft de tand de vorm van een spade."
We weten nog zeer weinig over de spadetandspitssnuitdolfijn. "Waarschijnlijk heeft die een gelijkaardige levenswijze als andere spitssnuitdolfijnen die we kennen van de Noord-Atlantische Oceaan. Het zijn dieren die ver van de kust voorkomen in diep water. Ze voeden zich voornamelijk met diepzee-inktvissen."
Dat we er zo weinig over weten, komt ook door de plek waar de soort wellicht voorkomt. Dat is in het zuiden van het zuidelijk halfrond, in de Stille Oceaan tussen Chili en Nieuw-Zeeland. Die regio wordt niet zo druk bevaren.
Wat hopen wetenschappers nu precies te weten te komen dankzij dit exemplaar? "Bepaalde kenmerken van het skelet, waardoor de soort nog duidelijker te onderscheiden valt dan de andere spitssnuitdolfijnen. Dat het een andere soort is, weten we 100 procent zeker. Het heeft een ander genetisch patroon."
"Waarschijnlijk zullen er ook verschillende delen van dit exemplaar bewaard worden. Het is het meest verse dat ooit aangetroffen is. De vorige waren in staat van ontbinding, zijn niet onmiddellijk herkend en begraven op het strand. Ze zijn achteraf weer opgegraven, maar daarbij is veel informatie verloren gegaan."

