Afgelopen week hebben Syrische rebellen het grootste offensief in jaren gelanceerd tegen het regime van president Bashar al-Assad. Nu al hebben ze bijna de volledige controle overgenomen van Aleppo, de op 1 na grootste stad van het land. Het conflict tussen de rebellen en het regeringsleger baart buurlanden en de internationale gemeenschap zorgen. Vanwaar komt deze plotse escalatie?
Burgeroorlog in Syrië laait weer op: rebellen verrassen vriend en vijand met "grootste offensief in jaren"
Een plotse samenwerking tussen verschillende rebellengroepen heeft de Syrische burgeroorlog nieuw leven ingeblazen. Het is de eerste keer sinds 2016 dat een oppositiegroep opnieuw grondgebied verovert in Aleppo. Het conflict - dat formeel nooit is geëindigd - laait op en de jarenlange patstelling lijkt voorgoed verleden tijd. Hoe is het zover gekomen?
Hoelang woedt er al oorlog in Syrië?
Er woedt al een tijdje een oorlog in Syrië, omdat de burgeroorlog eigenlijk nooit is geëindigd. Nog elk jaar eisen confrontaties tussen regeringstroepen en rebellen doden.
De Syrische burgeroorlog brak uit in 2011. Dat jaar kwamen prodemocratische demonstranten massaal op straat om het vertrek te eisen van hun president, Bashar al-Assad. Ze vonden dat hij niet goed regeerde en dat de bevolking onvoldoende vrijheid genoot.
De regeringstroepen van Assad sloegen de protesten met dodelijk geweld neer. Al snel veranderden de protesten in een gewapende strijd tussen de regering en verschillende georganiseerde (extremistische) oppositiegroepen die tegen Assad waren. Allen hadden ze hetzelfde doel voor ogen: Assad van de macht verdrijven.
Al snel mengden buitenlandse machten zich ook in de oorlog. Het regeringsleger genoot de steun van Iran en Rusland, Turkije steunde aanvankelijk Syrische rebellen tegen Assad. Later richtte die laatste zich vooral op het bestrijden van de Koerdische YPG, die zij zien als een verlengstuk van de PKK, de Koerdische afscheidingsbeweging in Turkije. Ook de VS, de Golfstaten en Europa mengden zich in het conflict.
Bij de oorlog zijn al zeker 300.000 mensen om het leven gekomen, bijna 6 miljoen mensen zijn het land ontvlucht.
Wat is Hayat Tahrir al-Sham?
De verrassingsaanval van de afgelopen dagen wordt geleid door Hayat Tahrir al-Sham (HTS), een extremistische oppositiegroep die tijdens de burgeroorlog is ontstaan. De militie, die aanvankelijk Jabhat al-Nusra heette, werd opgericht in 2017 en kwam direct voort uit de terreurorganisatie Al Qaeda. Later presenteerde de gewapende groep zich wel als een onafhankelijke Syrische beweging.
HTS wordt gezien als 1 van de meest effectieve en dodelijkste groepen tegen president Assad, al krijgt de groep ook veel kritiek. Zo volgt ze een jihadistisch-salafistische ideologie, met als doel het vestigen van een islamitische staat gebaseerd op een strikte interpretatie van de sharia, de strenge islamitische wet. Dat lijkt voor HTS belangrijker dan de revolutionaire prodemocratische motieven die veel mensen destijds op straat brachten.
Al probeert HTS zich wel te profileren als meer "gematigd" in vergelijking met andere jihadistische groepen, om bredere steun te krijgen van de lokale bevolking en internationale actoren. "Ze hebben een betere PR-machine", vertelt Fernande Van Tets in De Ochtend op Radio 1. Ze is journalist en volgt de situatie al jaren op de voet.
"Zo zeggen ze dat er ook plaats is voor minderheden en worden de kerken in Idlib bijvoorbeeld weer opgebouwd. Ze zijn erg gemotiveerd om dit te doen slagen. Ze zijn ook heel goed georganiseerd en ze hebben bestuurservaring. Nu heeft de rebellengroep een gebied in handen in noordwest-Syrië waar ongeveer 1 miljoen mensen wonen, en waar ook belastingen geheven worden. Daardoor hebben ze ook de middelen om dit offensief op poten te zetten."
Waarom is het offensief nu begonnen?
Het offensief begint woensdag nadat HTS een verbond had gesloten met enkele andere, kleinere rebellengroepen. In enkele dagen tijd slagen ze erin om Aleppo, de op 1 na grootste stad van het land, en enkele kleinere dorpjes in te nemen. Het regeringsleger lijkt zo goed als geen weerstand te bieden, de troepen van Assad zeggen wel dat ze een reactie aan het voorbereiden zijn.
De timing van het offensief is niet toevallig. De rebellen zeggen dat ze reageren op de vele aanvallen van het regime. "Die aanvallen zijn er ook, maar toch kan je dat narratief eigenlijk moeilijk volgen", zegt Van Tets. "Het is zo snel gegaan en het gaat zo hard. Ondertussen hebben ze Aleppo in handen en stoten ze door naar de stad Hama." Dit is meer dan een reactie op de aanvallen van het regeringsleger.
Mogelijk heeft de precaire internationale situatie alles te maken met de timing van het verrassingsoffensief. De belangrijkste bondgenoten van het Syrische regime, Rusland en Iran, hebben hun handen vol met eigen conflicten. "Rusland is bezig met Oekraïne en heeft de aandacht voor Syrië verloren. Iran wordt dan weer hard geraakt door het conflict met Israël en de daarbij horende bombardementen."
Helemaal afwezig is Rusland niet. Het land mag dan wel veel materieel en militair personeel uit Syrië weggehaald hebben om in te zetten in Oekraïne, het Russische leger blijft wel een rol spelen in het conflict. Zo heeft Rusland bijvoorbeeld meerdere bombardementen uitgevoerd op Aleppo en op steden en dorpen in de noordwestelijke provincie Idlib en de centrale provincie Hama.
Ook Turkije, bondgenoot van de rebellengroepen, heeft mogelijk een rol gespeeld in de timing. "Het kan bijna niet anders dan dat zij expliciete toestemming hebben gegeven voor het offensief", gaat Van Tets verder. "Zij zouden graag hebben dat de rebellen het voor het zeggen hebben, vooral met oog op eigen land. Turkije vangt veel vluchtelingen op (naar schatting 3,6 miljoen, red.), en ze willen graag dat die mensen naar huis gaan. Onder het regime van Assad zijn die vluchtelingen dat niet van plan."
Is dit het einde van Bashar al-Assad?
Dat is moeilijk te zeggen. De Assad-dynastie is al 53 jaar aan de macht, sinds 1971, al heeft het Syrische regime vandaag controle over amper 60 procent van haar grondgebied en minder dan 30 procent van haar eigen grenzen.
In de gebieden die wel onder controle staan van Assad zijn de problemen legio. Het land ligt in puin na ruim 10 jaar oorlog en belangrijke basisinfrastructuur zoals energie en gezondheidszorg werd haast volledig vernietigd. Twee miljoen huizen moeten heropgebouwd worden, een gigantische opdracht die decennia zou kunnen duren.
Daarnaast teisteren corruptie, economisch wanbeleid en internationale sancties het land. "Economisch is het land er onder Assad niet op vooruitgegaan", zegt Van Tets. "Integendeel, 90 procent van de Syriërs leeft onder de armoedegrens en drie vierde heeft nood aan hulp. Meer dan de helft van de bevolking kan niet terug naar huis omdat hun woning in puin ligt." De rebellen hopen dat ze van die ontevredenheid gebruik kunnen maken.
Verslagen is Assad zeker nog niet, en een tegenoffensief op Aleppo is nakende. "In 2016 werd Aleppo heroverd op de rebellen na een strijd van 4 jaar. De hele stad werd toen eigenlijk met de grond gelijkgemaakt. Mensen hebben erg veel schrik dat dat opnieuw gaat gebeuren. Er heerst veel verslagenheid en angst voor de toekomst."
