Gert en Viktor Verhulst spreken het en De Strangers bezingen het: het Antwerps. Toch is dat dialect ten dode opgeschreven. “Een slachtoffer van zijn eigen succes,” noemt dialectoloog Chris De Wulf het. Ook andere dialecten krijgen het de komende jaren moeilijk. Ze zullen langzaam vervangen worden door andere taalvormen: het regiolect en het sociolect.
Elke woensdag gaat Peter Van de Veire in 'Goeiemorgen morgen!' (Radio2) samen met dialectoloog Chris De Wulf (UA) op zoek naar de oorsprong van bekende en minder bekende woorden in onze taal. Meer weten? Vorige week ging het over de identiteit van Piet Snot.
“Het Antwerps dialect is ten dode opgeschreven”, schrijft Freek Van de Velde, hoogleraar Nederlandse en historische taalkunde aan de KU Leuven in zijn nieuw boek ‘Wat taal verraadt’. Heftig. Hoe kan dat gebeuren in zo’n grote stad?
Het Antwerps dialect verdwijnt: "Slachtoffer van zijn eigen succes"
Antwerpen is het slachtoffer van zijn eigen succes. Al sinds de 16e eeuw is de stad een belangrijke economische trekpleister. Mensen uit verschillende contreien trekken er naartoe om er te wonen en te werken.
Die nemen elk hun eigen taal, hun eigen dialect mee. Dat vermengt zich onvermijdelijk met het bestaande dialect. De meeste mensen doen wel moeite om zich het Antwerps eigen te maken, maar ze blijven daarbij fouten maken. In hun pogingen om het goed te doen, vereenvoudigen al die mensen de taal.
Dat is ook met het Engels gebeurd. Door de vele vreemde invloeden is de grammatica van die taal door de jaren heen gemakkelijker geworden.
In hun pogingen om een taal te leren, vereenvoudigen mensen die vaak
West-Vlaamse dialecten zijn iets hardnekkiger. Die zijn minder veranderd. Na de middeleeuwen zijn er in West-Vlaamse steden en dorpen minder mensen van buitenaf gekomen, omdat het economische zwaartepunt was verschoven naar… Antwerpen.
Het West-Vlaams leunt dus nog dicht aan bij het Middelnederlands. Een voorbeeld: zijn huis is daar nog altijd ‘zin ‘us’.
Zullen we over 100 jaar geen dialect meer spreken? Niet meer zoals we dat nu kennen. Een dialect verandert nauwelijks, wanneer mensen binnen het dorp alleen maar contact hebben met elkaar. Nu iedereen mobiel is, zullen dialecten uitvlakken. Je krijgt dan regiolecten in de plaats: minder lokaal.
Mensen die uit dezelfde sociologische groep komen, drukken zich vaak op dezelfde manier uit
Je hoeft ook niet uit hetzelfde dorp te komen om een taal te delen. Er bestaat ook zoiets als het sociolect. In plaats van dorpsbewoners die dezelfde taal spreken, krijg je nu groepen van mensen die zich op dezelfde manier uitdrukken. Mensen die tot dezelfde sociologische groep behoren. Jongerentaal is daar een voorbeeld van.
Dat neemt niet weg dat je je eigen kinderen wel nog je geliefde dialect kunt meegeven, als je er graag aan vasthoudt. Dat is sowieso de enige manier om dialecten levendig te houden. Het zal niet volstaan om het op schrift vast te leggen of het in liedjes te verwerken.
Een beetje zoals Gert Verhulst met zoon Viktor heeft gedaan, dus.
