Het cultuurcentrum De Bond, vlak bij de Smedenpoort, in Brugge zal openbaar verkocht worden. De voormalige katoen- en wolweverij diende jarenlang als creatie- en expositieruimte. "Die verkoop zou minstens 1,284 miljoen euro moeten opleveren, de geschatte waarde van het onroerend goed", zegt burgemeester Dirk De fauw (CD&V).
De Bond in Brugge wordt verkocht: historisch pand moet minstens 1,28 miljoen opleveren
Het gebouw draagt een lange geschiedenis met zich mee. Het pand werd gebouwd in 1861 en deed oorspronkelijk dienst als fabriek voor katoen- en wolweverij. In 1890 werd het gebouw omgevormd tot een verkoopplaats van granen en zaden voor de Boerenbond. Later nam tegelbedrijf Vander Cruysse zijn intrek in het gebouw.
De laatste decennia diende het pand als expositieruimte en kostuumatelier. Het gelijkvloers werd regelmatig gebruikt als tentoonstellingsruimte, terwijl op de bovenverdieping historische kostuums hersteld en bewaard werden. Die kostuums werden onder andere gebruikt voor de Heilig Bloedprocessie en de Gouden Boomstoet.
Een verkoop met voorwaarden
Het gebouw is sinds 2009 beschermd als bouwkundig erfgoed. "De koper moet rekening houden met een restauratieverplichting", zegt De fauw. Dat is niet de enige randvoorwaarde, want een aantal aanbouwen moeten gesloopt worden. Het is de bedoeling om de vrijgekomen ruimte terug over te dragen aan stad Brugge in kader van de uitbreiding van de Vesten.
Het gebouw kan ook niet eender welke invulling krijgen. Zo is de herbestemming tot hotel of vakantieverblijf uitgesloten. "Een foodmarket of horecazaak behoort dan wel weer tot de mogelijkheden. Het kan ook gedeeltelijk besteed worden voor wonen of kantoren", meldt De fauw. "Gezien de unieke ligging aan de Vesten en vlak bij het stadscentrum, zou dit een nieuwe dynamiek teweeg kunnen brengen in de omgeving van de Smedenpoort."
Kritiek vanuit de oppositie
Oppositiepartij N-VA is kritisch voor de verkoop. "Het stadsbestuur had al voor een recordbedrag van bijna 60 miljoen euro aan verkoop van vastgoed gebudgetteerd, en daar komt dit nog eens bovenop", zegt gemeenteraadslid Geert Van Tieghem. "Op lange termijn betekent dit een verarming van het stadspatrimonium. Een jammerlijke tendens die erop wijst dat men in geldnood zit."
Burgemeester De fauw wimpelt de kritiek af. "Het heeft geen zin om eigenaar te blijven van gebouwen waar we toch geen functie voor hebben. We verkopen ook niet alleen maar, we investeren ook in nieuw patrimonium. Zoals bijvoorbeeld de nieuwe tentoonstellingshal BRUSK."
Regionaal nieuws uit West-Vlaanderen

