De rechtbank van eerste aanleg in Brussel behandelt donderdag de burgerlijke zaak die de familie van de vermoorde Julie Van Espen (23) uit Schilde heeft aangespannen tegen de Belgische Staat.
De familie meent dat Steve Bakelmans nooit de kans had gekregen om de studente op 4 mei 2019 te verkrachten en te vermoorden als Justitie correct had gefunctioneerd. "Een cluster van fouten en nalatigheden heeft ertoe geleid dat Bakelmans die dag vrij rondliep, terwijl hij eigenlijk in de gevangenis had moeten zitten", zegt hun advocaat Stijn Verbist.
Steve Bakelmans werd op 30 juni 2017 veroordeeld voor verkrachting, maar zijn onmiddellijke aanhouding werd niet bevolen. Er zat geen detentiefiche in het dossier. Daaruit kon nochtans worden opgemaakt dat er vluchtgevaar was, omdat hij meermaals niet of niet op tijd was teruggekeerd uit penitentiair verlof na een eerdere veroordeling.
Bakelmans tekende beroep aan en bleef intussen op vrije voeten. Op het hof van beroep werd het dossier niet als prioritair beschouwd. De zaak zou op 9 mei 2018 worden behandeld, maar werd uitgesteld door overbelasting van de kamer.
Op de koop toe werd die kamer door een nijpend personeelstekort gesloten. Op 4 mei 2019, de dag dat Julie Van Espen werd vermoord aan het Albertkanaal in Merksem, was het dossier nog altijd niet behandeld.
Volgens Verbist heeft onder meer een gebrek aan informatisering, communicatie en bezetting bij Justitie de omstandigheden gecreëerd die tot de dood van Julie Van Espen hebben geleid.
De familie Van Espen wil dat de rechtbank die fouten vaststelt en een schadevergoeding toekent, die aan een goed doel wordt geschonken. De Belgische Staat betwist echter dat er fouten werden gemaakt en ziet ook geen oorzakelijke verband met het overlijden van de studente.
Regionaal nieuws uit Antwerpen


