De nieuwe Vlaamse minister van mobiliteit Annick De Ridder (N-VA) zet het beleid van haar voorgangers grotendeels verder, al zijn er wel belangrijke accentverschuivingen. Dat blijkt uit de nieuwe beleidsnota van Mobiliteit en Openbare werken. Er gaat onder andere meer budget naar extra fietspaden en bodycams voor chauffeurs van De Lijn.
Meer fietspaden, nieuwe bussen en slimme 'laadpleinen': dit zijn de plannen van de Vlaamse regering rond mobiliteit
Tijdens de volledige legislatuur trekt de Vlaamse regering 3,2 miljard euro extra uit voor investeringen. Meer dan de helft gaat naar Mobiliteit en Openbare Werken. Dat wordt dus hét investeringsdepartement van de nieuwe regering. Dat extra geld gaat onder meer naar wegen en fietspaden, maar ook naar sluizen en grote onderhoudsprojecten op de weg en in de havens.
Veel geld naar investeringen in en onderhoud van wegen
Naast de bouw van de Oosterweelverbinding – die overigens buiten de begroting gehouden wordt – is er geld voor de herinrichting van de Ring rond Brussel. Op een aantal vakken moeten daar aparte rijstroken komen voor doorgaand en lokaal verkeer, te beginnen bij Zaventem. De voorbereidende werkzaamheden zijn er al aan de gang.
Opvallend is ook dat er een derde rijstrook zou moeten komen op de E403 tussen Roeselare en Brugge. Andere grote projecten zijn de bouw van een oostelijke ring rond Sint-Niklaas, de aanleg van de Limburgse noord-zuidverbinding in Houthalen en de omvorming van de E429 bij Halle tot een snelweg zonder verkeerslichten.
In 2030: 30 procent van onze verplaatsingen met de fiets
De Ridder wil blijven inzetten op een ambitieuze 'verkeersshift': tegen 2030 moet het aandeel duurzame verplaatsingen in Vlaanderen 50 procent bedragen (fiets, te voet, openbaar vervoer). De in eerdere beleidsdocumenten geciteerde 60 procent in grote steden zoals in Gent en Antwerpen is niet in de nota terug te vinden.
De minister lijkt vooral in te zetten op de fiets: ze wil dat het marktaandeel van de fiets stijgt tot maar liefst 30 procent bij alle verplaatsingen. Daar moet een nieuw ‘Masterplan Fiets’ voor zorgen.
Daarin moet ook aandacht komen voor het toenemende gebruik door fietsers van jaagpaden langs kanalen en rivieren. Soms maken die ook deel uit van het netwerk van fietssnelwegen. Dat veroorzaakt soms een potentieel gevaarlijke mix van tragere recreanten en snelle pendelaars op elektrische fietsen.
“Een jaagpad is en blijft in eerste instantie een dienstweg die de toegankelijkheid van waterwegen en bedrijventerreinen moet verzekeren. We behouden daarom het huidige snelheidsregime van 30 kilometer/uur op alle jaagpaden,” is er te lezen. Jaagpaden die fietssnelweg zijn of in een bebouwde kom liggen, krijgen wel meer verlichting en er zal tijdens koude winterdagen ook gestrooid worden.
De Lijn: zelf tarieven bepalen en bodycams voor chauffeurs
De minister houdt vast aan het principe van de basisbereikbaarheid - bedacht door haar voorganger Ben Weyts en uitgevoerd door Lydia Peeters - maar ze belooft wel bijsturingen.
De in het afgelopen jaar ingevoerde nieuwe vervoersplannen van De Lijn krijgen al een evaluatie tegen midden 2025. Waar nodig moet het openbaar vervoer versterkt worden of worden blinde vlekken in bepaalde regio’s aangepakt.
Het openbaar vervoer moet ook aantrekkelijker worden door een ticket- en tariefintegratie met de andere aanbieders van openbaar vervoer, zoals de NMBS en de MIVB. Dat stond overigens ook al in de beleidsnota van Lydia Peeters in 2019.
De Vlaamse regering pompt bij het begin van de regeerperiode éénmalig 400 miljoen euro extra in De Lijn voor de aankoop van nieuwe (elektrische) bussen en trams. Vandaag is de dienstverlening van De Lijn vaak niet betrouwbaar omdat bussen – die gemiddeld méér dan 10 jaar oud zijn – regelmatig defect zijn. Een welkome investering dus, al zullen we er de vruchten pas over een paar jaar van kunnen plukken. Eerder bestelde nieuwe bussen hebben soms een levertermijn van 2 jaar.
Vanaf 2025 mag De Lijn ook zelf haar tarieven gaan bepalen. Dat is nieuw. Zo wil de Vlaamse regering de kostendekkingsgraad van De Lijn verbeteren. Lees: méér inkomsten uit tickets halen zodat de overheid minder geld moet bijleggen in de werking van de vervoersmaatschappij.
Er komt ook een nultolerantie tegen agressie t.a.v. personeel van De Lijn. Naast campagnes over hoffelijk gedrag van reizigers t.o.v. chauffeurs is er in de nota sprake van meer repressie en zelfs busverboden voor reizigers die regelmatig over de schreef gaan. De minister wil ook bodycams voor chauffeurs en het veiligheidspersoneel van De Lijn. Daarvoor moet ze wel in overleg gaan met de federale overheid.
Digitaal wegenvignet voor buitenlandse voertuigen nog onduidelijk
Buitenlandse vrachtwagens moeten al betalen voor het gebruik van onze wegen via de bestaande kilometerheffing. Naargelang hun euronorm betalen ze een bepaald bedrag per kilometer.
De minister wil bekijken hoe ze de kilometerheffing kan optimaliseren om bijvoorbeeld nachtlogistiek te stimuleren, zodat vrachtwagens niet overdag moeten rijden en de wegen belasten.
Ze zou de prijs per kilometer ’s nachts bijvoorbeeld kunnen verlagen. De regering wil ook een verschuiving van vrachtwagens naar bestelwagens – die geen kilometerheffing betalen – vermijden, maar legt nog niet uit hoe ze dat gaat doen. Meer onderzoek is nodig.
Hetzelfde geldt voor het in september in de regeerverklaring aangekondigde wegenvignet voor alle buitenlandse voertuigen die door ons land rijden. Annick De Ridder wilde het in de afgelopen weken geen ‘wegenvignet’ noemen maar een ‘digitaal systeem’. Het is nog steeds onduidelijk wat ze daarmee bedoelt.
De beleidsnota heeft het er zelfs niet over. De maatregel is geëvacueerd naar de beleidsnota ‘Begroting en Financiën’ van Minister Weyts waarin te lezen is: "Ook binnen de verkeersfiscaliteit voorzien we belangrijke aanpassingen. Via de kilometerheffing dragen buitenlandse zware vrachtwagens nu al bij aan het onderhoud van onze wegen. Via een digitaal systeem willen we ervoor zorgen dat ook de andere buitenlandse voertuigen daaraan bijdragen." Er is dus ook meer onderzoek nodig.
‘Slimme laadpleinen’ in steden en elektrisch laden in appartementsgebouwen
Steeds meer mensen rijden elektrisch, maar in de stad is dat soms moeilijk, want je kan natuurlijk geen eigen laadpaal op je oprit installeren. Mensen trekken dan kabels over het voetpad tussen hun wagen en huis, soms zelfs erboven, sommige gemeenten staan het toe, andere niet. Het is een zootje. Kabels, maar ook publieke laadpalen op de stoep hinderen dan weer mensen met een beperkte mobiliteit, bijvoorbeeld met rollators.
Daarom wil de regering een kader opleggen waarbij steden en gemeenten eerder gaan zoeken naar plekken voor ‘slimme laadpleinen’: soms op bestaande parkeerpleinen, maar zeker ook op bijvoorbeeld parkeerterreinen van supermarkten, die ’s avonds en ‘s nachts verlaten zijn. Er moet ook een oplossing komen voor mede-eigenaars of huurders van appartementsgebouwen.

