Sinds begin november hangen er in ons land ongeveer 528.000 camera’s die ons in de gaten houden op openbare plaatsen. Het gaat vooral over privé-camera’s, maar er komen ook meer en meer camera's bij van steden, gemeenten en politie. Wie wil weten waar al die camera’s hangen en met welk doel, is eraan voor de moeite: er bestaat geen helder overzicht. “Maar met ruim een half miljoen is zo een nationaal cameraregister een absolute must”, zegt criminoloog Jelle Janssens (UGent).
Meer dan een half miljoen camera's houden ons in de gaten op straat: "Nationaal cameraregister is dringend nodig"
Elke week duikt de podcast 'Het uur van de waarheid' in de wereld van onlinebedrog, desinformatie en misleiding. Ook dit onderwerp komt uit de podcast. Alle afleveringen vind je hier.
Een mistige herfstochtend in Geraardsbergen. Een groepje inwoners kijkt omhoog, tuurt met dichtgeknepen ogen naar de lucht, zoekend en wijzend naar de tientallen camera’s op straat en aan de gevels. Sofie, Herman, Lena, Stef en nog een handvol inwoners zijn op camerasafari met de lokale bib en de sociaal-culturele organisatie Avansa. Wie een camera spot, moet die aanduiden op een blad. Herman en Stef beginnen na de wandeling te tellen. Voor Herman het goed en wel weet, zit hij aan 95 camera’s op een afstand van nog geen drie kilometer.
Niemand weet echt hoeveel camera’s er hier in heel Geraardsbergen hangen. De schepen die ook meewandelt, moet ons het antwoord ook schuldig blijven, maar bevestigt wel dat inwoners vragen naar - meer - camera’s. "Wij begrijpen dat", zeggen enkele mensen in het groepje, "want er is veel overlast.". Maar dat is daarom niet altijd dé oplossing, vindt de schepen.
Niet alleen in Geraardsbergen weten mensen niet hoeveel camera’s er juist zijn. Dat is overal zo. Een totaalcijfer is er wel. Sinds begin deze maand hangen er in ons land 528.053 camera’s. Dat zijn enkel de camera’s die voornamelijk openbare plaatsen in beeld brengen. Camera’s in bijvoorbeeld bankkantoren, in winkels, in politiekantoren zijn daar niet bij. Maar ANPR-camera’s die nummerplaten herkennen dan weer wel.
Ruim een half miljoen camera’s die de openbare ruimte in beeld brengen. Wie gebruikt die? Om dat te weten moeten we twee wetten onder de loep nemen: de camerawet en de wet op het politieambt.
Meten is niet helemaal weten
Onder de camerawet vallen alle camera’s die door mensen of door bedrijven zijn geplaatst en dienen om misdrijven en overlast te voorkomen, vast te stellen of op te sporen. En als je zo een camera hangt en die filmt een deel van de openbare weg, dan moet je die aangeven bij de federale overheidsdienst Binnenlandse Zaken. Het gaat dus om mensen die thuis een camera hangen, de gemeente in de buurt van een pleintje waar problemen zijn of een winkelier als bescherming tegen diefstal. Dat zijn begin november 518.670 camera’s. Het overgrote deel daarvan hangt in Vlaanderen.
Camera’s die in een slimme deurbel zitten worden lang niet altijd aangegeven als camera, dus die zijn niet altijd meegerekend. In principe moet je zo een camera aangeven. Maar enkel als die fungeert als camerabewaking*.
Bij die half miljoen camera's zijn ook camera's die door lokale overheden gebruikt worden, dat zijn 'gewone' camera's en ANPR-camera’s. Die camera’s herkennen dus nummerplaten. Bijvoorbeeld om te controleren of plaatselijk doorgaand verkeer wel echt plaatselijk is. En om indien nodig een GAS-boete te sturen als automobilisten een afgebakend gebied toch als doorgangsweg gebruiken. De overheid heeft 6.072 camera's hangen in de publieke plaatsen.
Ook de politie heeft camera’s. Dat zijn er in 9.383 in totaal. Het gaat dan om vaste camera’s die bij de federale politie zijn geregistreerd en worden gebruikt door lokale en federale politie, het agentschap wegen en verkeer, maar ook door steden en gemeenten… 5.457 van die camera’s zijn ANPR-camera’s die nummerplaten herkennen. De politie gebruikt die voor trajectcontroles, het opsporen van verzekeringsfraude, gesignaleerde voertuigen etc… De andere camera’s zijn overzichtscamera’s met ruimere beelden, laat de federale politie ons weten. Het gaat dus over telkens camera’s met zicht op het openbaar domein en dus geen camera’s binnen in een politiekantoor of in een ander overheidsgebouw.
Nood aan nationaal cameraregister
“Ik had geen idee dat er zoveel camera’s ons voortdurend in de gaten houden”, zegt Annemie tijdens de camerasafari in Geraardsbergen. "Weet jij of er een website is waar al die camera’s op staan”, vraagt ze ons. “Dat zou toch goed zijn?”
Neen, zo een website is er niet. Uiteraard weet de politie indien nodig welke beelden van welke camera ze moeten hebben als er iets gebeurt. Speurders kunnen natuurlijk beelden opvragen van alle camera's als ze daar toestemming voor krijgen van een onderzoeksrechter. In sommige controlekamers is er een digitale kaart te zien met alle geregistreerde camera's. Voor de liefhebbers, CamELIA heet die toepassing. Maar zo een handig overzicht is er voor burgers niet.
Mogelijk, of beter gezegd waarschijnlijk, is er dus ook wel wat overlap in de cijfers over de camera’s die we geven. Cijfers opvragen lukt dus alleen door de federale politie te contacteren én de federale overheidsdienst Binnenlandse Zaken en dan een optelsom te maken, met dus de nodige foutenmarge. Want sommige camera’s kunnen door politie én de gemeente gebruikt worden. Maar niemand kan ons exact zeggen hoeveel. Er kunnen dus perfect ook meer camera's hangen dan dat de cijfers aangeven, want experten vermoeden dat er een zogenoemd dark number is, niet aangegeven en dus niet-geregistreerde camera's.
“Ook ik heb geen idee”, zegt criminoloog en professor Jelle Janssens van de Universiteit Gent. Janssens doet al jaren onderzoek naar de impact van veiligheidcamera’s. "Met zulke cijfers is een nationaal cameraregister een must. Eerst en vooral naar transparantie toe, maar ook voor de overheid om in kaart te brengen of camera's helpen tegen bepaalde vormen van ciminaliteit. "
Ook belangrijk is om goed op te volgen of camera's die nu worden gehangen in de toekomst niet gebruikt worden voor iets waar ze oorspronkelijk niet voor bedoeld waren."Dat noemen ze function creep. En dat gebeurt al. Denk maar aan bestuurders betrappen die met hun gsm bezig zijn achter het stuur. Maar ook aan de mogelijkheden van artificiële intelligentie in de toekomst. Camera's zullen in staat zijn om mensen en hun gedrag in beeld te brengen, zonder tussenkomst van de mens. We moeten dus blijven opvolgen wie wat kan doen met welke camera's."
* UPDATE 18 november. In een vorige versie van dit artikel stond dat je sowieso je deurbelcamera moet aangeven, dat klopt niet. Enkel en alleen als die dient als een bewakingscamera. Hiervoor contacteerden we verschillende juristen en specialisten en niet iedereen zegt hetzelfde. Uiteindelijk schept de federale overheidsdienst Binnenlandse Zaken duidelijkheid. “Als een videoparlofoon ook als bewakingscamera dient (d.w.z. voor bewaking en toezicht om misdrijf tegen personen of goederen te voorkomen, vast te stellen of op te sporen – artikel 3 van de Camerawet), dan is de camerawet van toepassing. Dit zal in het bijzonder het geval zijn als de beelden opgenomen worden om bewijzen te hebben in geval van poging tot inbraak of andere.” En dan moet je dus de deurbelcamera aangeven. Op onze vraag of de mogelijkheid tot het opslaan van beelden mee doorslaggevend is in het al dan niet aangeven van een deurbelcamera, laat men ons dit weten: "Het criterium om te weten of de camerawet van toepassing is, is het (bewakings-)doeleinde van de camera en niet het feit of er al dan niet beelden worden opgenomen. Of er nu beelden worden opgenomen of niet, de camerawet is van toepassing zodra de camera één van de voornoemde (bewakings)doeleinden beoogt. De enige uitzondering op deze aangifteplicht voor bewakingscamera’s, zijnde de natuurlijke persoon die aan de binnenkant van zijn privéwoning een bewakingscamera plaatst voor persoonlijke en huiselijke doeleinden."

