Het zou een spannende strijd worden, maar we weten nu toch al na 1 nacht dat Donald Trump de nieuwe president van de Verenigde Staten wordt. Hoe komt het dat de kaarten zo duidelijk geschud zijn? En waar zitten de verrassingen? VRT NWS-journalist Bert De Vroey en professor Amerikaanse politiek, Bart Kerremans, zetten de eerste conclusies op een rij.
Harris behaalt voorlopig slechtste resultaat voor Democraten sinds 1988 en Trump wint in strijdstaten: 3 conclusies na verkiezingsnacht
1. Voorlopig slechtste Democratische resultaat sinds 1988
Nog niet alle stemmen zijn geteld, dus voor een volledige analyse is het nog vroeg. Toch is er al 1 conclusie die opvalt. In de staten waar nog niet alle stemmen zijn geteld, staat Kamala Harris alleen aan de leiding in de staat Maine. Als ze enkel die staat binnenhaalt, strandt ze op 1 kiesman minder dan Hillary Clinton in 2016.
Al is er wel een groot verschil met de uitslag van Clinton toen. "In 2016 won Trump de verkiezingen, maar behaalde Democraat Hillary Clinton meer stemmen in de popular vote. Dat is nu niet het geval. Ook in de popular vote leidt Trump, met meer dan 5 miljoen stemmen voor op Harris", aldus Bert De Vroey. Dat wil zeggen dat Trump het meeste aantal individuele stemmen heeft behaald.
Harris doet het dus minder goed dan haar voorganger Clinton. Nog straffer: als ze alleen nog wint in de staat Maine, behaalt ze het slechtste Democratische resultaat van deze eeuw. Het is al geleden van Michael Dukakis, die in 1988 verloor van George H.W. Bush, dat de Democraten een slechter resultaat behaalden.
Dat Harris zo slecht scoort, zien we terug in de staten waar kiezers traditioneel op de Democraten stemmen. Bijvoorbeeld in New York, waar het verschil met de Republikeinen veel minder groot is dan in het verleden. Ook het verschil met het resultaat van Joe Biden (2020) is groot. "Toen lag het aantal poststemmen veel hoger dan nu. Al speelde covid toen wel een grotere rol", zegt professor Kerremans.
Hij ziet ook een duidelijk verschil met de overwinning van Trump in 2016. "De Democraten waren toen kwaad op Jill Stein, die voor de Groenen opkwam met de presidentsverkiezingen. Zij heeft toen wel wat stemmen afgenomen van Clinton."
Maar ook dat is bij deze verkiezingen niet het geval. "Stein speelt een mindere rol van betekenis. In Michigan gaat voorlopig een half procent naar Stein. De achterstand van Harris kunnen we dus niet aan haar wijten."
2. Trump scoort beter dan verwacht in strijdstaten
Ook deze verkiezingen wordt er vooral naar de strijdstaten gekeken. Dat zijn staten waar het op voorhand niet duidelijk is wie zal winnen, waar het met andere woorden een nek-aan-nekrace wordt.
Trump heeft in 4 van de 7 strijdstaten al gewonnen (North Carolina, Georgia, Wisconsin en Pennsylvania) en ook in de andere strijdstaten staat hij aan kop. In die staten krijgt hij vooral de stemmen van kiezers op het platteland, waar hij enorm populair is.
In de grote steden en randsteden gaan de meeste stemmen traditioneel naar de Democraten. Dat is ook nu het geval, maar Harris scoorde minder goed dan verwacht. "Dat zien we onder meer in strijdstaat Nevada", zegt De Vroey.
In de grootstad van Nevada, Las Vegas, zijn ze traditioneel Democratisch gezind, onder meer door de latino's die in vakbonden van het casino- en hotelpersoneel zitten. "Dat is echt een troef van de Democraten. Maar het verschil met Trump is nu veel kleiner dan in het verleden. Biden won hier in 2020 met 9 procentpunt verschil. Harris scoort in de grote steden niet voldoende om Trump in het platteland te verslaan."
3. Harris verliest stemmen bij gekleurde bevolking
Harris heeft vooral veel schade geleden bij de minderheidskiezers. Een duidelijke conclusie volgens Bart Kerremans. "Latino's en zwarte Amerikanen: het zijn kiezers die in het verleden gegarandeerd op de Democraten stemden."
Maar dat is bij deze verkiezingen niet het geval. "Vooral bij de mannelijke zwarte kiezers is de schade enorm groot. Maar ook bij de latinobevolking is er geen uitgesproken overwinning voor de Democraten. Hun marge op de Republikeinen is minder groot."
Er zijn ook vooral minder minderheidskiezers naar de stembus getrokken. "En bij de witte kiezers zien we de tegenovergestelde beweging. In 2020 is 67 procent van die mensen gaan stemmen, nu ligt dat getal op 71 procent. Dat speelt ook in haar nadeel. Ze zijn er te lang van uitgegaan dat ze die stemmen automatisch zouden binnenhalen, maar dat is dus niet het geval."
Bij die bevolkingen zou er veel frustratie zijn over de inflatie en stijgende prijzen. Veel inwoners stemden dus tegen het huidige beleid, dat gevoerd werd door de Democraten.

