Bouwunie waarschuwt voor problemen bij de overschakeling van de papieren naar de digitale stempelkaart in de bouwsector. Alle bouwvakkers in België moeten hun stempelkaart vanaf 1 januari dagelijks invullen via een smartphone-app of een computer. Maar de meeste bouwvakkers houden voorlopig nog vast aan de papieren ‘dopkaart’. Om problemen te vermijden vraagt de Bouwunie een langere overgangsperiode.
Meeste bouwvakkers nog niet overgeschakeld op digitale 'dopkaart', bouwsector waarschuwt voor problemen
Voor bouwvakkers aan de slag gaan op de werf moeten ze dagelijks controleformulier C3.2a-bouw van de RVA invullen, beter bekend als de ‘dopkaart’. Op dat papieren document moeten mensen in de bouw per dag in een vakje aanduiden of ze werken, vakantie hebben, tijdelijk werkloos of ziek zijn. Het document moet nauwgezet ingevuld worden om sociale fraude - lees: zwartwerk - tegen te gaan.
Het is de bedoeling dat die papieren 'dopkaart' verdwijnt en vanaf 1 januari vervangen wordt door een digitale versie. Vanaf dan moeten bouwvakkers dagelijks via een app op een smartphone of op de computer doorgeven of ze die dag al dan niet werken.
Nog weinigen overgeschakeld
Bouwvakkers kunnen dit digitale systeem al sinds september 2023 vrijwillig gebruiken. Uit onderzoek van de Bouwunie blijkt dat op dit moment nog maar 7.364 van de 135.012, oftewel 5,5 procent van de arbeiders in de bouw overgeschakeld zijn op de digitale dopkaart.
De cijfers van de RVA zelf zijn iets minder dramatisch: daar heeft men in de bouwsector meer dan 11.000 werknemers geteld die de digitale stempelkaart al gebruikt hebben, terwijl er maand gemiddeld zo’n 46.000 werknemers tijdelijk werkloos zijn in de bouwsector.
“Hoewel deze cijfers veelzeggend zijn, mag men niet te snelle conclusies trekken”, klinkt het bij de RVA. “Zo zijn niet elke maand dezelfde werknemers tijdelijk werkloos en zijn er in de bouwsector periodes met meer en minder tijdelijke werkloosheid."
Als bouwvakarbeiders nog en masse moeten overschakelen naar de elektronische versie, dan verwachten we grote problemen.
Jean-Pierre Waeytens (Bouwunie)
Hoe het ook zij: het leeuwendeel van de bouwvakkers moet de komende 2 maanden nog overstappen van de papieren naar de elektronische ‘dopkaart’. “Als bouwvakarbeiders nog en masse moeten overschakelen naar de elektronische versie, dan verwachten we grote problemen”, zegt Bouwunie-topman Jean-Pierre Waeytens.
In de eerste plaats waarschuwt hij voor gevolgen voor de bouwvakkers zelf: als zij vanaf 1 januari hun dopkaart niet digitaal invullen, kan het namelijk zijn dat ze hun ‘dop’ - tijdelijke werkloosheidsvergoeding - niet uitbetaald krijgen.
Die zorg deelt ook de socialistische vakbond ABVV Bouw. "De overstap naar het nieuwe, digitale systeem mag er niet voor zorgen dat onze bouwvakkers de uitkeringen tijdelijke werkloosheid met vertraging of - slechter nog - niet ontvangen."
Waarom nog niet overgeschakeld?
Hoe komt het nu dat nog maar zo weinig bouwvakkers zijn overgeschakeld van de papieren naar de digitale stempelkaart? Door de digitale stempelkaart moeten bouwvakkers immers niet meer klooien met een ouderwets papiertje en ook voor werkgevers betekent het minder administratieve rompslomp.
Bij Bouwunie zien ze verschillende oorzaken. Ten eerste simpelweg onwetendheid: “Veel bouwvakarbeiders zijn zich niet bewust van de verplichting om over te schakelen naar een elektronische 'dopkaart'.” Daarnaast zou ook koudwatervrees voor het nieuwe systeem een rol spelen.
“Maar af en toe duiken ook praktische problemen op”, merken ze bij Bouwunie op. “Vooral bij buitenlandse arbeiders die geen Itsme of eID hebben." Ook is er niet altijd wifi op de werf en beschikken bouwvakkers niet altijd over voldoende data.
“Daarnaast kan je je de vraag stellen of het wel kan dat de overheid oplegt om uitsluitend elektronisch te werken”, merkt Bouwunie op. “Dan verwacht je van elke bouwvakarbeider dat die ofwel over een smartphone ofwel over een computer beschikt. Anno 2024 zal dat in veel gevallen inderdaad wel zo zijn, maar er zijn toch nog arbeiders die bijvoorbeeld geen smartphone hebben.”
Langere overgangsperiode?
De RVA had een overgangsperiode van 6 maanden aangekondigd, tot en met juni 2025, maar over het wat en hoe is nog steeds niets bekend, klaagt Waeytens. Bouwunie vraagt dringend duidelijkheid over de overgangsperiode.
Bij de RVA herhaalt men dat werkgevers inderdaad voor alle werknemers van hun onderneming kunnen vragen om nog gebruik te maken van de papieren controlekaart “wanneer de digitalisering voor de werknemers meer voorbereidingstijd zou vergen”.
Ook individuele werknemers die problemen zouden hebben met de digitale stempelkaart zullen een tijdelijke uitzondering kunnen vragen. “Ze moeten dat dan wel melden aan hun werkgever, zodat die ook weet dat de verdere procedure met de papieren controlekaart zal verlopen.” Meer info hierover volgt later, luidt het nog bij de RVA.
Begrip tonen voor fouten
Daarnaast pleit de Bouwunie ook voor een latere invoering van de verplichting, pas vanaf 1 januari 2026, en een verlenging van de overgangsperiode. “Zodat de grote meerderheid van de arbeiders meer tijd krijgt om over te schakelen van de papieren naar de elektronische dopkaart”.
Naast een uitstel om volledig over te schakelen naar de elektronische versie, roept Bouwunie de RVA op om begrip te tonen voor beginnersfouten of rechtzettingen, “alsook de nodige soepelheid aan de dag te leggen tijdens de eerste maanden van 2025”.
Eenzelfde geluid is te horen bij ABVV Bouw. De socialistische vakbond dringt er bij de RVA op aan om tijdens de komende maanden "met de nodige aandacht knelpunten te verhelpen en onze bouwvakkers niet zomaar te sanctioneren indien er zich problemen zouden voordoen.
“Als vakbond evalueren wij de situatie uiteraard dag na dag, en waar nodig zullen wij de problemen opnieuw melden bij de diensten van de RVA”, zegt Gianni De Vlaminck, federaal secretaris van ABVV Bouw.
Bekijk - In dit filmpje legt de RVA uit hoe je de nieuwe stempelkaart moet invullen:

