Een jaar geleden stierven 2 Zweedse voetbalsupporters bij een aanslag in Brussel. De dader bleek ondanks een verzoek van Tunesië niet te zijn uitgeleverd omdat het dossier in een kast was blijven liggen. Intussen is het nieuwe digitale systeem Just One in werking, waarmee dossiers beter opgevolgd worden. "Het is echt een groot verschil, nu moeten we geen functietoetsen en codes meer vanbuiten leren", zegt nationaal ICT-verbindingsofficier van het Openbaar Ministerie Stephanie Vanthienen.
Eén jaar na aanslag op Zweedse voetbalsupporters: "Dossiers nu digitaal opgevolgd in plaats van met Excel of post-its"
Een jaar geleden werden 3 Zweedse voetbalsupporters in Brussel neergeschoten. Ze waren onderweg naar een match van de Rode Duivels, die tegen de Zweedse nationale ploeg speelden. 2 supporters overleden. De zaak had grote gevolgen, want de Tunesische dader had eigenlijk al uitgeleverd moeten zijn aan Tunesië. Maar dat was niet gebeurd.
Intussen zijn er maatregelen genomen om zoiets te voorkomen, zegt ontslagnemend minister van Justitie Paul Van Tigchelt (Open VLD). "Er is een digitaliseringstool voor de parketten gekomen. Dat wil zeggen dat er automatische meldingen zijn wanneer dossiers voor een langere tijd openstaan zonder actie. En daarnaast hebben we ook het parket van Brussel versterkt. Er zijn sinds een jaar geleden 8 magistraten en 20 juristen bij gekomen."
Wat gebeurde er op 16 oktober 2023?
Op maandagavond 16 oktober 2023 namde 45-jarige Tunesiër Abdessalem Lassoued in het centrum van Brussel 3 Zweedse voetbalsupporters en een Brusselse taxichauffeur onder vuur. De Zweden waren in de hoofdstad voor de voetbalinterland België-Zweden. Twee supporters overleden.
De volgende dag konden de politiediensten de dader lokaliseren in Schaarbeek. Hij werd neergeschoten en overleed. Enkele dagen later eiste terreurbeweging Islamitische Staat (IS) de verantwoordelijkheid op in een filmpje.
De zaak had grote gevolgen, want al snel bleek dat de dader al jaren onwettig in ons land verbleef. Een jaar voor de aanslag had Tunesië bovendien al een uitleveringsverzoek voor de man ingediend. Maar dat dossier was op het parket in Brussel in een kast beland, er was dus niets mee gebeurd.
Toenmalig minister van Justitie Vincent van Quickenborne (Open VLD) nam ontslag en werd opgevolgd door Paul Van Tigchelt. Hij stelde maatregelen voor om dossiers bij het Openbaar Ministerie beter te kunnen opvolgen, waaronder versnelde digitalisering.
Afhankelijk van budgetten
Een nieuwe digitaliseringstool was dus een van de maatregelen. Dat systeem, Just One, is intussen in werking getreden en moet de foutenmarge zo klein mogelijk maken. "Daar is de voorbije tijd bijzonder hard aan gewerkt", zegt Stephanie Vanthienen, nationale ICT-verbindingsofficier van het Openbaar Ministerie.
"We waren als Openbaar Ministerie al zeer lang vragende partij om te kunnen werken met een modern en gebruiksvriendelijk programma om dossiers te kunnen behandelen en opvolgen. Maar wij zijn volledig afhankelijk van de budgetten die de FOD Justitie ons daarvoor ter beschikking stelt."
"Zodra wij van Justitie budgetten hebben ontvangen, zijn wij onmiddellijk aan de slag gegaan. Zo is Just One geboren. We hebben geluisterd naar de noden, het nodige ontwikkeld en grondig getest. Momenteel is Just One in gebruik, maar dat gebeurt stapsgewijs. Iedereen moet opgeleid worden."
Er is gestart met parket, magistraten, parketjuristen en criminologen. "Maar ook administratieve medewerkers van het Openbaar Ministerie komen aan bod, zodat over enkele maanden echt elke collega van het Openbaar Ministerie over een moderne en gebruiksvriendelijke interface zal kunnen beschikken om dossiers te behandelen."
Stapsgewijze invoering
Er moesten dus keuzes gemaakt worden in wie aan de slag ging met het programma. Waarom niet iedereen tegelijk? "Zodra er een budget is vrijgemaakt, moeten er lastenboeken worden opgemaakt, offertes worden opgevraagd. Dat moet voorgelegd worden aan de inspecteur van Financiën, vaak moet dat ook naar de ministerraad."
"Dat moet dan getest worden, er moeten opleidingen komen, en dan moeten we keuzes maken. We hebben ervoor gekozen om stapsgewijs te ontwikkelen. We zijn gestart met de juridische profielen en later komen ook de administratieve medewerkers aan bod."
De afhankelijkheid van budgetten van Justitie verklaart volgens Vanthienen niet alleen waarom Just One stapsgewijs wordt ingevoerd, maar ook waarom het zo lang geduurd heeft voor het systeem er uiteindelijk was.
"Geen functietoetsen en codes meer vanbuiten leren"
Het verschil is bijzonder groot, zegt verbindingsofficier Vanthienen. "Je moet je inbeelden dat wij tot voor kort moesten werken met een bijzonder verouderd programma dat allesbehalve gebruiksvriendelijk was. Om een idee te geven: wij werkten met functietoetsen, dus niet met 'enter' of 'spatie'. Je moest als magistraat bijvoorbeeld echt weten, nu moet ik op F2 drukken, nu op F7 plus F9."
"Wilde je een brief of een document opstellen in Word, dan moest je de code van dat document vanbuiten kennen. Bijvoorbeeld een SAL3 om een brief of een document op te stellen. Dat waren lijsten met codes om vanbuiten te leren. Dat gaat allesbehalve vlot. Nieuwe collega's daarin opleiden duurde dagen."
Er zijn ook opvolgingstools ingebouwd en dat maakt een groot verschil. Vroeger hielden collega's dat wat zelf bij, de ene in een Excel-lijst, de andere via post-its.
Stephanie Vanthienen, nationaal ICT-verbindingsofficier van het Openbaar Ministerie
Het nieuwe systeem is veel moderner en gebruiksvriendelijker en zet in op intuïtiviteit. Geen functietoetsen meer, geen lijsten van codes meer. "We beschikken ook over een persoonlijk dashboard, dus een overzicht van welke dossiers op onze naam staan, welke behandeld moeten worden, waar die dossiers zich bevinden."
"Er zijn ook opvolgingstools ingebouwd en dat maakt een groot verschil. Vroeger hielden collega's dat wat zelf bij, de ene in een Excel-lijst, de andere via post-its. Maar dat is nu dus gedigitaliseerd."
Digitaal dossier
Het nieuwe systeem verkleint de kans op risico's, al kan helemaal uitsluiten niet gegarandeerd worden. Vanthienen wijst wel op het belang van blijvende investeringen. "Wetgeving verandert, maar ook opvolgingsprioriteiten evolueren. Men moet blijven evalueren en investeren."
Het Openbaar Ministerie is ook vragende partij om van Justitie budgetten te krijgen om te investeren in een digitaal dossier. "Zodat we niet alleen de lijsten zien van de dossiers die we moeten behandelen, maar ook de dossiers zelf kunnen raadplegen."


