Naar hoofdinhoud
Vooral telers van tomaten, komkommers en paprika's genieten van steun voor hun warmtekrachtkoppeling.

Minstens 40 miljoen steun per jaar voor 'klimaatoplossing' die uitstoot van landbouw omhoogduwt

Elk jaar verdienen Vlaamse serretelers tientallen miljoenen euro's aan de elektriciteit die ze opwekken met hun verwarmingsinstallaties op aardgas. Die stroom werd ooit gezien als een klimaatoplossing. Maar de regeling blijkt het aardgasverbruik, en de uitstoot van de hele Vlaamse landbouw, net te doen stijgen. Ondertussen belandt de kostprijs op onze elektriciteitsfactuur. 

Vincent Merckx
Gepubliceerd:

Stel: je koopt ‘s winters 2 tomaten, eentje uit een Nederlandse serre en één uit een Vlaamse. Dan zal er voor de Vlaamse bijna de helft méér aardgas nodig geweest zijn dan voor de Nederlandse. Gemiddeld, dan toch.

De gemiddelde Vlaamse tomatenserre had tussen 2014 en 2018 jaarlijks een energievraag van 450 kilowattuur per vierkante meter. Dat blijkt uit een doorlichting van het Departement Landbouw en Visserij, die in 2021 werd gepubliceerd. Dat terwijl een Nederlandse serre het in 2019 met 313kWh/m² per jaar deed, volgens een studie van Wageningen University.

Opmerkelijk toch, aangezien het om hetzelfde product gaat en onze landbouwsystemen vrij vergelijkbaar zijn. En ons land ligt zuidelijker, waardoor er in principe minder verwarming nodig is.

Toch zijn het aardgasverbruik en de bijhorende uitstoot van de Vlaamse groenteserres sinds 2008 gestegen. Het is een van de belangrijkste oorzaken voor de stijgende uitstoot van de landbouw, na enkele jaren van stagnering. Zo staat het toch, onder andere, te lezen in het Vlaams Energie- en Klimaatplan . Dat terwijl de Vlaamse klimaatdoelstellingen vragen dat de landbouw zijn uitstoot tegen 2030 vermindert, en wel met 31,3 procent in vergelijking met 2005.

Ook hier doen onze noorderburen het beter. De uitstoot van de Nederlandse glastuinbouw is tussen 2010 en 2021 met een vijfde gedaald . 

Van stookolie naar gas

Dat de Vlaamse serretelers meer en meer aardgas stoken, komt doordat hen dat gevraagd is én doordat ze er geld aan verdienen. Sinds het begin van de jaren 2000 spoorde het beleid hen aan om vervuilende steenkool en stookolie in te ruilen voor (het iets klimaatvriendelijkere) gas. 

Met een zogenaamde warmtekrachtkoppeling (WKK) kunnen ze de extra energie die vrijkomt bij het verbranden van dat gas, bovendien omzetten in elektriciteit. Die mogen ze verkopen aan energiebedrijven, die die op hun beurt doorverkopen aan de klant.

In principe is dat vrij duurzame energie. Als je op die manier elektriciteit én warmte opwekt, is er immers een vijfde minder brandstof nodig dan als je dat met 2 gescheiden installaties zou doen. 

De serretelers zijn dat massaal beginnen te doen, en dan vooral de kwekers van tomaten, paprika’s en komkommers. In totaal gaat het vandaag om zo’n 180 bedrijven. Sinds 2006 hebben er zich 150 verenigd in de Warmtekracht Ondersteunings Maatschappij. Naar eigen zeggen beheerde die in 2019 al een vermogen van zo’n 300 megawatt, goed voor (gasgestookte) elektriciteit voor 500.000 Vlaamse gezinnen.

"Groene" steun doet uitstoot landbouw stijgen

WKK's op aardgas werden in de vroege jaren 2000 gezien als een mogelijke klimaatoplossing, en een nieuwe technologie die ondersteuning nodig heeft om te groeien. Maar vandaag is dat niet noodzakelijk nog het geval in de tuinbouw.

Zowel het Vlaams Energie- en Klimaatplan als de Antwerpse dienst Landbouw en Plattelandsbeleid (na een doorlichting van de sector) besluiten dat die regeling vooral de uitstoot van de tuinbouwsector heeft doen stijgen. De stijging is zo sterk dat het zelfs de uitstoot van de hele landbouwsector naar omhoog duwt. Een maatregel met een averechts effect op het klimaat, dus.

Dat terwijl de sector op andere manieren wel degelijk zijn best doet om te vergroenen, bijvoorbeeld door te investeren in zonnepanelen, windturbines of energieschermen die warmte binnenhouden. Dat bleek begin deze week nog in onze podcast ‘Ons klimaat’. Maar de steunregeling voor warmtekrachtkoppelingen geeft geen financiële impuls om minder aardgas te verbruiken, integendeel zelfs.

LUISTER

Hoe maken we ons boeketje bloemen groener? Met Bartel Van Riet

Ons klimaat

Bovendien betaalt de samenleving mee voor die extra gasgestookte elektriciteit uit serres. "De uiteindelijke kost komt op de elektriciteitsfactuur", bevestigt het Vlaams Energie- en Klimaatagentschap ons bij navraag.

De elektriciteitsleverancier of de netbeheerder zijn immers verplicht de WKK-stroom op te kopen, via een systeem van certificaten. Zij rekenen die kost door op onze elektriciteitsfactuur. 

Minstens 500 miljoen euro sinds 2013

Hoeveel geld de glastuinbouw daaraan verdient, is moeilijk precies te berekenen. De Vlaamse energieregulator VREG houdt een openbare databank bij van alle WKK-certificaten die uitgekeerd zijn , maar deelt die gegevens niet op per sector. Je vindt er serrebedrijven die steun hebben aangevraagd, zij aan zij met andere landbouwbedrijven maar bijvoorbeeld ook petrochemische.

Bovendien is de opgewekte stroom niet elk jaar evenveel waard. De prijs van de certificaten schommelde sinds 2013 tussen de 24 en de 28 euro.

Toch leert een voorzichtige schatting dat het moet gaan om bedragen van meer dan 40 miljoen euro per jaar. Daarvoor gingen we (onder andere) uit van de totale verwarmde oppervlakte in de sectoren waar warmtekrachtkoppeling ingezet wordt, hoeveel WKK er ingezet wordt en de gemiddelde kostprijs van de WKK-certificaten. Een bron die de materie goed kan inschatten, maar liever anoniem wou blijven, bevestigt dat dat een realistische schatting is. Het zou zelfs over enkele tientallen miljoenen meer kunnen gaan.

Voor de periode sinds 2013 tot nu, die waarvan de VREG de gegevens openbaar heeft gemaakt, loopt de totale som dus gemakkelijk boven het half miljard.

Nog tot 2035

Dat is veel geld voor een technologie die onbedoeld een extra klimaatuitdaging heeft opgeleverd, en bovendien allang niet meer in de ontwikkelingsfase zit waarin steun misschien logisch was. Veel efficiëntiewinst kan er niet meer gemaakt worden op basis van aardgas. Verdere klimaatwinst, en hopelijk ook uitstootdaling, zal moeten komen van biogas of elektrische boilers.

Vergelijk het met de zonnepanelen voor particulieren. De ondersteuning daarvoor belandde ook op ieders elektriciteitsfactuur. Sinds dit jaar kan je geen steun meer aanvragen voor een nieuwe installatie, omdat de technologie nu voldoende volwassen is en geen ondersteuning meer nodig heeft. Maar wie die steun voordien al aangevraagd had, zal die nog even blijven ontvangen.

Op dezelfde manier kunnen er nog tot 2035 certificaten uitgekeerd worden voor WKK-installaties op aardgas. Tot vorig jaar konden serretelers steun aanvragen voor een nieuwe installatie. Die steun loopt jaar na jaar terug, tot ten laatste 2035.

De Vlaamse overheid zag de bui hangen, en probeerde vorig jaar de steun per decreet sneller te verlagen. Het lijkt er immers sterk op dat die in strijd is met de Europese regels voor staatssteun. Die bepalen dat de overheid niet meer steun mag geven dan nodig om een project rendabel te maken. Maar onder andere de Boerenbond trok toen naar het Grondwettelijk Hof. Sindsdien zit het decreet geblokkeerd.

Je vraagt iemand niet om een huis te bouwen en het na 10 jaar alweer af te breken

De sector vindt dat glastuinbouwers zekerheid moeten hebben over hun investeringen

De sector vindt dat de Vlaamse overheid zijn belofte breekt. “Je zou er je geloof in de politiek door verliezen”, klinkt het bij een betrokkene. “Die mensen (serretelers, red.) hebben een miljoen euro of meer geïnvesteerd en zodra de motor draait, schaft de politiek die af. De tuinder zit met een klein hartje te kijken en vraagt zich af: zal ik dat allemaal wel terugverdienen? Je vraagt iemand ook niet om een huis te bouwen en het na 10 jaar weer af te breken.”

Bovendien zou de extra uitstoot die de regeling oplevert, niet op rekening van de landbouw geschreven mogen worden, argumenteert diezelfde betrokkene. Die zou ondergebracht moeten worden onder de sector van de elektriciteitsproducenten. Ook daar valt iets voor te zeggen.

Afbouwen wordt moeilijk

Dat geen van onze contacten zijn of haar naam in dit artikel wilde, toont aan hoe gevoelig de kwestie ligt. Het draait immers om de levensvatbaarheid van een hele sector. De tuinbouw is vandaag, nu de WKK-steun nog geldt, een van de zeldzame landbouwsectoren waar boeren nog wat geld kunnen verdienen. Meer zelfs: er worden mooie winsten gemaakt. 

In de periode 2018-2022 lag het inkomen “opvallend hoger” in de tuinbouw dan in de landbouw, blijkt uit gegevens van Statistiek Vlaanderen . Het gemiddelde tuinbouwbedrijf maakte toen 81.700 euro winst over een periode van 5 jaar. Dat is 20 keer meer dan het gemiddelde landbouwbedrijf. Dat hield in dezelfde periode nauwelijks 4.100 euro over voor bijvoorbeeld een pensioen of investeringen.

Binnen de tuinbouw zijn de serretelers op hun beurt de absolute topverdieners. “Het zijn vooral de bedrijven met glasgroenten die het gemiddelde van de tuinbouw omhoogstuwen”, merkt Statistiek Vlaanderen op. De tomaten, paprika’s en komkommers dus. Maar dat geld komt dus deels van de elektriciteitsfactuur van elke Vlaming.

Het is maar zeer de vraag of de politiek de WKK-steun verder in vraag zal stellen, nu steeds meer blijkt hoe moeilijk de Vlaamse landbouwers het hebben om te overleven.

Op zich kan het nochtans. De vraag of die steun daadwerkelijk sneller afgebouwd mag worden, is intussen beantwoord. In juli besloot het Grondwettelijk Hof dat de serretelers "geen gewettigde verwachtingen kunnen hebben om een vorm van overcompensatie te blijven genieten, ten laste van de distributienetbeheerders en ultiem de energieconsument". De rechter vindt het dus geen woordbreuk van de overheid.

Of het ook zover komt, zal de nieuwe Vlaamse regering moeten beslissen.

In een reactie zegt Boerenbond-woordvoerder Tessa De Prins dat het "voor de interpretatie van de uitstootcijfers belangrijk is om te weten dat die niet enkel betrekking hebben op de landbouw, maar ook op de elektriciteit die op het net wordt gezet".

"De uitstoot van broeikasgassen bij de elektriciteitsproductie komt op de rekening van diegene die de elektriciteit produceert, hier dus de landbouwsector. De glastuinbouwbedrijven zetten echter het grootste deel van de door de warmtekrachtkoppeling geproduceerde elektriciteit op het net. De uitstoot komt dus op de rekening van landbouw, de baten zijn voor andere sectoren. Ook het Vlaams Energie- en Klimaatplan vermeldt dat."

"Maar uiteindelijk is het niet van belang waar de uitstoot in de boekhouding ondergebracht wordt. Vanuit de landbouwsector willen we samen met andere sectoren bijdragen aan de verdere afbouw van de CO2-uitstoot. De glastuinbouw is een belangrijke economische sector die ons voorziet van voedsel en de inzet van WKK's is op dit moment de meest efficiënte energieoplossing voor de sector."

Rechtzetting: een vorige versie van dit artikel stelde dat ook ODE, de sectororganisatie voor duurzame energie, naar het Grondwettelijk Hof trok tegen de snellere afbouw van WKK-steun. Dat klopt niet.

Meest gelezen

  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5

Wat schuilt er achter Go Church? En hoe komt het dat vooral kwetsbare minderjarigen hier slachtoffer van worden? VRT NWS Pano trok op onderzoek.

Lees ook

  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"