Deze week werd op de KU Leuven een feestelijk academiejaar afgetrapt: de universiteit viert haar 600-jarig bestaan. Volgens Historicus Wim François is er in die 6 eeuwen veel veranderd, maar zijn sommige dingen nog steeds hetzelfde.
Feestjaar voor de KU Leuven: zo ging het er 600 jaar geleden aan toe op de universiteit
Op 9 december 1425, met de pauselijke bul van Paus Martinus V. werd Leuven een van de minder dan 50 universiteitssteden wereldwijd. Studenten hadden in Leuven de keuze tussen een opleiding Burgerlijk Recht, Kerkelijk Recht of Geneeskunde. De vierde faculteit was een zogenoemde Artes-faculteit.
"Dat was eerder een voorbereidende faculteit, een soort overgangsniveau tussen de Latijnse school - het middelbaar van die tijd - en de echte universiteit. Sommige studenten op die faculteit waren amper 15 jaar", aldus professor Wim François.
Het duurde niet lang voor er nog een faculteit bij kwam: in 1432 deed de faculteit Theologie haar intrede onder invloed van Paus Eugenius IV. "De kers op de taart", aldus François.
Hoge klasse vond universiteit beneden hun waardigheid
Hoewel een universiteitsstudie lang niet voor iedereen weggelegd was, waren het zeker niet de hoogste sociale klassen die kozen voor een opleiding aan de universiteit van Leuven.
"De hogere adel zag je niet op een universiteit, die maakten gebruik van de diensten van een privéleraar en vonden les volgen aan een universiteit beneden hun waardigheid", zegt François. "Je vond er vooral de lagere adel en de burgerij. Al bestond er ook toen al een systeem van studiebeurzen: rijke weldoeners gaven beurzen aan arme streekgenoten."
Toch bleef het klassenverschil wel zichtbaar. "De studenten woonden samen in zogenoemde pedagogieën of colleges. De arme studenten kregen een minimumbehandeling wat betreft voedsel en luxe, de rijkere studenten die betaalden hadden het beter", weet François.
Voertaal: Latijn
De voertaal aan de universiteit was 600 jaar geleden niet het Nederlands of het Engels, maar het Latijn. "Alle studenten hadden voor ze zich inschreven aan de universiteit al een opleiding genoten in een Latijnse school", legt François uit. "In elke stad was er wel zo'n school, en je kreeg er een basis Latijn en retorica mee. Vergelijk het met de studenten van nu: zij kunnen ook al behoorlijk goed Engels nog voor ze les beginnen te volgen in het Engels."
En je kon maar beter echt goed zijn in Latijn, want wat de prof zei kon je nadien niet even gaan nalezen in een cursus. "Er was nog geen sprake van boekdrukkers in Leuven, en dus waren er geen cursussen. De professor dicteerde, studenten noteerden en hadden zo een kladversie van een cursus. Sommige studenten schreven alles nadien netjes over om zo tot een echte volwaardige cursus te komen."
Een aantal van die cursussen is bewaard gebleven. "De oudste cursus die is teruggevonden is een collegedictaat over de fysica van Aristoteles, geschreven door een Schotse student in 1467. Dat document is nu in het bezit van de universiteit van Aberdeen."
Sommige dingen niet veranderd
Hoewel er veel veranderd is, zijn sommige dingen wèl nog erg hetzelfde gebleven. Zo was er ook in 1425 al sprake van een bruisend studentenleven in Leuven. "Er zijn getuigenissen van drinkgelagen en kaartspelen", zegt François. "En in een aantal collegedictaten vinden we ook tekeningetjes terug die ons een beeld geven van waar de studenten mee bezig waren als ze zich tijdens de les verveelden. Vaak waren dat tekeningen van wat de studenten die avond hoopten te doen. Niet zelden waren een kruik wijn of bier en een kaartspel daar een onderdeel van."
Hoe ging het er in de begindagen van de KU Leuven aan toe?
Regionaal nieuws uit Brussel en Vlaams-Brabant


