De afgelopen 2 maanden hebben al 1.200 asielzoekers betaald voor hun opvang in een asielcentrum. Dat blijkt uit cijfers van het kabinet van ontslagnemend staatssecretaris voor Asiel en Migratie Nicole de Moor (CD&V). Sommige asielzoekers beslisten door die nieuwe regeling ook om zelf te vertrekken uit het asielcentrum.
Sinds 1 juli moeten werkende asielzoekers een bijdrage betalen aan het opvangcentrum waar ze verblijven. Elke maand moeten ze hun inkomen aangeven aan Fedasil, de overheidsdienst die instaat voor de opvang van asielzoekers. Op basis daarvan wordt het bedrag berekend.
Hoeveel ze moeten betalen, hangt af van hun nettoloon. De bijdrage kan oplopen tot 50 procent van het inkomen. In juli en augustus betaalden 1.200 asielzoekers een bijdrage, goed voor een half miljoen euro. Ontslagnemend staatssecretaris De Moor noemt die resultaten "veelbelovend".
"Door te werken, doen mensen ervaring op. Het helpt hen ook om te integreren. Tegelijk dragen ze op deze manier ook bij aan de kosten van de opvang", klinkt het.
Sommige asielzoekers vertrekken
Sommige asielzoekers beslisten door die nieuwe regeling ook om zelf te vertrekken uit het asielcentrum.
"We zien dat sommigen deze regeling aangrijpen om zelf iets te gaan huren, eerder dan in een opvangcentrum te blijven waar ze dikwijls ook kamers moeten delen met anderen. Op die manier komen er ook plaatsen vrij in de opvangcentra, die overbevolkt zijn", zegt De Moor.
In juli verlieten 2.887 personen de asielopvang, in augustus waren dat er 2.376. Gewoonlijk ligt de maandelijkse uitstroom onder de 2.000 personen.

