In Poperinge is de schandpaal terug op de Grote Markt gezet. Tot de 19e eeuw werd de schandpaal gebruikt om mensen, die kleine misdrijven hadden gepleegd, te straffen. Het ging om dieven, mensen die overspel hadden gepleegd, landlopers of bedelaars. De schandpaal van 3 meter hoog, gekapt uit een stuk zandsteen, werd al die tijd bewaard door een Poperingse familie.
Een schandpaal of kaak werd van de 12e tot in de 19e eeuw gebruikt om daders van kleine misdrijven 1 of meerdere uren te kijk te stellen. De paal stond op een openbare, goed zichtbare plaats waar veel volk voorbij kwam. Hierdoor was in een klap de hele stad op de hoogte en vaak werden de daders ook uitgelachen of beschimpt. Bedoeling was dat dit zo'n diepe indruk maakte op de daders, dat ze nooit meer een overtreding zouden begaan.
Verbannen uit de stad
In veel gevallen werd de schandpaalstraf gecombineerd met een andere straf. Verreweg de meeste opgelegde straf was verbanning uit de stad of het dorp. Zo is er een voorval uit 1639 opgetekend in het archief van de stad. Een dienstmeid had haar werkgever bestolen. Ze werd vastgebonden aan de schandpaal met een strop om de hals en daarna tot bloedens toe geslagen en gebrandmerkt op de rug. Ze werd levenslang verbannen en moest na het betalen van de gerechtskosten de stad verlaten binnen 24 uur.
Van schandpaal tot verlichtingspaal
Na de Franse revolutie (1789) werd de schandpaal weggehaald en de straf op zich verdween uit het strafrecht in 1867. De schandpaal, 3 meter hoog en uit zandsteen, werd in de 19e eeuw op de hoek van de Keer van de Ommegang gezet en diende als straatverlichting. Het was uiteindelijk veearts Hendrik Adriaen die een stuk van de schandpaal bewaarde. Het is nu zijn kleinzoon Johan die de paal schenkt aan de stad.
Regionaal nieuws uit West-Vlaanderen

